King_James_II.jpg

Jacobus II, koning van Engeland, Schotland en Ierland (1685-1688).
“Begin oktober 1688 was de armada [van stadhouder Willem III] gereed. Deze bestond uit 53 oorlogsschepen en 400 transportschepen en was daarmee vier keer zo groot als de Spaanse armada uit 1588. Er gingen 5000 paarden mee op 90 vrachtschepen. Het totale aantal manschappen, waarvan de proviandering geschiedde door twee joden, Machado en Pereira, bedroeg 40.000 man. Het eigenlijke invasieleger, dat vele nationaliteiten kende, had een omvang van 21.000 man. … In de nacht van 12 op 13 november, terwijl de wind nog uit het oosten woei en de vloot zich 100 mijl van de kust van Yorkshire bevond, besloot Willem III de koers te wijzigen en naar de Engelse zuidkust te gaan. … Met diezelfde oostenwind die hem eerst naar Yorkshire had gebracht, voer Willem III vervolgens naar het zuiden. Die wind zorgde er ook voor, dat de Engelse vloot, die in de monding van de Theems lag, niet kon uitvaren. … De Franse vloot bevond zich op dat moment in de Middellandse zee en was dus niet in staat Jacobus II assistentie te verlenen. Lodewijk XIV had ruzie met paus Innocentius XI en overwoog serieus de Kerkelijke Staat binnen te vallen. Het was misschien verstandiger geweest de Franse marine gereed te houden voor een confrontatie met de Nederlandse vloot. Op 15 novoember [5 nov. OS] ging Willem III in Torbay bij het plaatsje Brixham aan land. … Was het enthousiasme voor Willem aanvankelijk gering, Jacobus kon op nog minder sympathie rekenen. Zodra hij zich realiseerde, dat de expeditie van zijn schoonzoon [Willem III was in 1677 gehuwd met zijn oudste dochter Mary Stuart] een feit was, zocht de Engelse monarch toenadering tot zijn bondgenoten van weleer, de Tories en de Engelse bisschoppen. Die weigerden zich echter met hem te verzoenen zolang hij zijn godsdienstpolitiek niet wenste te herzien. … Afgezien van de Whigs die tijdens de Exclusion Crisis Jacobus al hadden willen afzetten, kwamen de meeste Engelse politici niet van harte in opstand tegen hun vorst. Maar uiteindelijk lieten de meesten hem vanwege zijn godsdienstpolitiek toch in de steek en brachten een revolutie teweeg door met de prins van Oranje in zee te gaan en een einde te maken aan ‘popery and arbitrary government’. … Op 19/29 november arriveerde de Engelse monarch aan het hoofd van een leger van 19.000 man in Salisbury. Daar stortte hij echter volledig in, nadat bekend geworden was dat een aantal officieren … naar Willem III was overgelopen. De samenzweerders in het leger hadden woord gehouden. Het waren er weliswaar weinig in getal, maar het effect op het moreel van de koning en de spirit van het leger was enorm. … Tijdens een belangrijk militair beraad op 23 november/3 december pleitte de opperbevelhebber Lord Feversham voor een algemene terugtocht. Alleen Churchill wilde de vijand tegemoet trekken om zoals Robert Beddard [A kingdom without a king, p. 24] stelt, zijn eigen desertie makkelijker te maken. De volgende dag liep hij dan ook over naar Willem III. Een nieuwe klap voor Jacobus: als Churchill, het idool van de troepen, hem verliet, op wie kon hij dan nog rekenen? Bij zijn terugkomst in Londen op 26 november/6 december kreeg Jacobus II het schokkende nieuws te horen, dat ook zijn dochter Anne [later – van 1702 to 1714 – koningin van Engeland], samen met haar echtgenoot, prins George van Denemarken, overgelopen was naar Willem III. [Op 18 dec. overhandigde de prins van Oranje zijn eisen aan de afgezanten van zijn schoonvader: hij] accepteerde het bijeenroepen van een vrij parlement, maar wilde wel dat alle katholieken onmiddellijk uit hun ambten gezet zouden worden [Hij eiste ook, dat Engeland zijn leger uit de staatskas zou betalen.]… In principe had Jacobus op deze voorwaarden koning kunnen blijven. … Dat Willem niet geheel vrij was om te eisen wat hij wilde blijkt uit het feit, dat Engelse deelname aan de oorlog tegen Frankrijk, het belangrijkste motief voor Oranje om naar Engeland te gaan, niet op zijn lijst met voorwaarden stond. Dat punt had hij … niet opgenomen om te voorkomen dat de Engelse politieke natie zijn expeditie zou afwijzen. En die steun van Engeland was des te noodzakelijker, omdat Lodewijk XIV de Republiek op 26 november de oorlog had verklaard. Jacobus II erkende zelf, dat de eisen van Willem III gunstiger waren dan hij had kunnen verwachten. Toch wilde hij geen koning blijven, wetende dat de politiek, die hij sinds 1685 had nagestreefd, gefaald had. Bovendien was hij bang net als zijn vader [Karel I, terechtgesteld in 1649] ter dood gebracht te worden. Nadat in de nacht van 9/19 december de koningin [Maria van Modena] en de prince of Wales gevlucht waren, volgde hij hen een dag later. … Het vertrek van de koning [bood] de prins de mogelijkheid zelf de Kroon van Engeland te verwerven. … Hij wist, dat zijn bijdrage aan de revolutie van cruciaal belang was geweest en dat hij derhalve onmisbaar was voor welke politiek[e] oplossing van het troonopvolgingsvraagstuk dan ook. [Nog één keer – dec. 1688 – keerde Jacobus terug. Willem weigerde hem echter te ontmoeten en op verzoek van zijn vrouw ging hij op 2 jan. 1689 naar Frankrijk.]” (W. Troost, Stadhouder-koning Willem III [Hilversum 2001], p. 195 e.v.)

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *