Adriaen van Gaesbeeck, rust op de vlucht naar Egypte, 1647
Het verhaal over de vlucht naar Egypte staat alleen in Matteüs. Dit evangelie verhaalt dat wijzen uit het oosten zochten naar de pasgeboren “koning van de Joden”. Herodes hoorde hiervan en gaf zijn soldaten bevel om naar Bethlehem te gaan en alle jongetjes tot twee jaar oud te doden (de kindermoord van Bethlehem[1]). Een engel verscheen echter in een droom aan Jozef en droeg hem op om samen met Jezus en Maria naar Egypte te vluchten.[2]
Volgens het evangelie keerden ze na een tijd, toen Herodes was gestorven, terug naar Judea. Toen ze ontdekten dat de gewelddadige Herodes Archelaüs de nieuwe koning van Judea was, weken ze uit naar Nazaret in Galilea, dat onder de heerschappij van Herodes Antipas was. De terugkeer uit Egypte was volgens Matteüs 2:15 de vervulling van een voorspelling door de profeet Hosea: “Uit Egypte heb ik mijn zoon geroepen”. (Wikipedia)
