MV5BZDM1NjBkOGMtMGQ2MC00NWZjLTg5OWYtMjZkMjkwMDQ4MWVhXkEyXkFqcGdeQXVyMTk2MzI2Ng@@__V1_.jpg

“Het Hof is op grond van het voorgaande van oordeel dat de beklaagde [voormalig keizer van Duitsland Wilhelm II]zowel formeel als feitelijk de mogelijkheid had om de schending van de Belgische neutraliteit te voorkomen. Hij heeft willens en wetens nagelaten om deze mogelijkheid te benutten. Uit de omstandigheid dat hij het opperbevel voerde over de legereenheden die de aanval op België uitvoerden, moet integendeel worden afgeleid dat de schending van de Belgische neutraliteit onder zijn leiding plaatsvond. Dat de beklaagde het niet alleen voor het zeggen had, zoals door de verdediging is betoogd, doet hieraan niets af.” (H. Andriessen e.a., Het proces tegen Wilhelm II. Een vonnis over de schuld van de Duitse keizer aan WO I [Tielt 2016], p. 409)

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *