Rembrandt, Het schrift op de wand (Mene Mene Tekel Ufarsin) (Daniël 5) “Koning Belsassar [van Babylon] richtte een groot feestmaal aan voor duizend van zijn rijksgroten. Hij dronk in tegenwoordigheid van de duizend gasten wijn en onder invloed van de wijn gaf hij het bevel het gouden en zilveren vaatwerk te halen dat zijn vader Nebukadnessar uit de tempel van Jeruzalem had weggenomen. Belsassar wilde met zijn rijksgroten, zijn vrouwen en bijvrouwen uit dat vaatwerk drinken … Terwijl zij dat deden, verschenen er vingers van een mensenhand en die schreven iets op de gepleisterde muur van het koninklijk paleis juist tegenover de luchter.”
