Transport- en hypotheekakten Dordrecht (vanaf 1700)

ORA Dordrecht inv. 802, f. 39v: op 5 mei 1700 verkopen ds. Petrus van Heemstee, predikant te Sas van Gent en Johannes Ruwel, als echtgenoot van Magdalena van de Clock, erfgenamen van Pieter Jansz. van de Clock en Sara Vreedsaam, aan Sara Hartmans, “bejaarde dochter” wonende te Dordrecht, een huis in de Nieuwe Breestraat, staande tussen het huis van de kinderen en erfgenamen van Hendrik Schul en dat van Johannes van Straten, voor 1200 gl.

[Trouwboek Gerecht Dordrecht 29 jan. 1696: Benjamin Blijenborgh jongman van Dordrecht wonende in de Vriesestraat geassisteerd met zijn oom Pieter Jansz. van der Clock en Johanna van Dommelen jonge dochter van Leerbroek wonende bij de Beurs geassisteerd met haar nicht Cornelia van der Krab, op 15 febr. 1696 in Dordrecht getrouwd.]

ORA Dordrecht inv. 878, f. 161v e.v.: op 7 mrt. 1702 compareren voor schepenen van Dordrecht Teunis Swarthout, schiptimmerman te Dordrecht, als procuratie hebbende van Joost Jansz. de Goede, als man van Annetje Cornelis, wonende te Gouderak, volgens procuratie gepasseerd voor notaris Andries Timmer te Gouda op 2 mrt. 1702, en Teuntje Cornelis, laatst weduwe van Wouter Willemsz. Verbeeck, wonende buiten de Sluispoort van Dordrecht, als erfgenamen ab intestato voor 2/3 parten van hun oom van vaderszijde Cornelis Dirckse, in zijn leven schiptimmerman en gewoonde hebbende in de Gebrande Buurt te Dordrecht in het hierna te noemen huisje, de eerste comparant in zijn vermelde hoedanigheid en Teuntje Cornelis tevens als erfgenamen ab intestato voor de helftin de nalatenschap van hun volle zuster, wijlenLijntie Cornelis, die voor 1/3 erfgename was van haar oom Cornelis Dirckse, en beiden nog, samen met hun halfzuster van moederszijde, Lidia Teunis, elk voor een derde part erfgenamen in de wederhelft van de nalatenschap van hun volle resp. halfzuster, Lijntie Cornelis. De comparanten verkopen voor 340 gl. contant aan Arij van de Graaf, schiptimmerman en burger van Dordrecht, een huisje in de Gebrande Buurt buiten de Sluispoort [omgeving Sluisweg], staande tussen het huis van Louwerens van der Linden en dat van Servaas Cooijman.

ORA Dordrecht inv. 804, f. 23v e.v.: op 10 mei 1703 verkoopt Pieter Knog, brandewijnbrander en burger van Dordrecht, als procuratie hebbende van Barbera Blanckers, weduwe van Gerrit van Dollen, slikwerker te Dordrecht, voor 700 gl. aan Jan de Bond, arbeider en burger van Dordrecht, een huis in de Tolbrugstraat Waterzijde, staande tussen het huis van Balten Danen en dat van de weduwe Warnier. De koper neemt te zijnen laste een schepenenschuldbrief van 600 gl., die Arnoldus van Dollen op het huis sprekende heeft.

ORA Dordrecht inv. 878, f. 186v e.v.: op 7 juni 1703 verkoopt Teuntje Cornelis van Dijk, weduwe van Wouter Willemsz. Verbeecq, aan Hendrick Grossij, burger van Dordrecht, een huis met een grote schuur en verdere opstal en “melioratievan erve”, met een daarachter liggende tuin, staande en gelegen op stadsgrond buiten de Sluispoort aan de Brede Straatweg achter de Hoge Stenen Molen, met een vrije uitgang, zowelvoor de schuur als het erf, aan de Brede Weg, belend ten oosten en westen aan weerszijden door de huizen van Corstiaen Bergers en het huis van verkoopster “met een gedeelte alleen aan de oostzijde”. De koper betaalt hiervoor een somma van 1050 gl., zowel in contant geld als met het verlijden van een custingbrief van 525 gl. ten behoeve van de verkoopster, af te lossen met 50 gl. per jaar en een jaarlijkse interest van 4 procent. De schuld is volledig voldaan en de schuldbrief derhalve geroyeerd op 19 febr. 1717.

ORA Dordrecht inv. 804, f. 132: op 9 sept. 1704 verkopen kapiteins Adriaen en Francois van Wageningen, wonende te Dordrecht, voor henzelf en als executeurs van het testament van wijlen Helena Bouff, weduwe van Johannes van Wageningen en de echtgenoten van Christina en Adriana van Wageningen, voor 305 gl. contant aan Ida Bordels, vrouw van Jan Rens, een huis in de Heer Heijmansuijsstraat, staande tussen het huis, dat op diezelfde dag is getransporteerd aan Jan Nieuburg en het huis van Jan den Romeijn.

ONA Dordrecht inv. 644, akte 4, f. 13 e.v.: voorwaarden dd 19 jan. 1705, waarop Lodewijck Terwe en Louwerens Terwe, kooplieden te Dordrecht, als geautoriseerden van de Doopsgezinde kerkenraad, van mening zijn te verkopen een huis op de Hoge Nieuwstraat te Dordrecht, staande tussen het huis van de weduwe van Bartholomeus van der Hoeve en dat van de weduwe Klijkluijt. Het huis wordt verkocht aan de schipper Abraham van Coeverden voor 420 gl.

ORA Dordrecht inv. 806, f. 68: op 14 jan. 1708 verklaart Jan Rens, echtgenoot van Ida Bordels, te approberen en te ratificeren het contract, dat is gesloten tussen zijn vrouw en haar dochter Mettie van Outheusden, weduwe van Teunis Dermoeijen, ten overstaan van notaris B. van Gelsdorp te Dordrecht op 25 nov. 1707. Jan Rens en Ida Bordels verklaren “bij dese tot securiteijt van de restitutie van soodanige somme van [1400 gl. en van 500 gl.] als de voorsz. Metje van Outheusden van de voorsz. Ida Bordels uitwijsens den voorsz. contracte is competerende met de intressen daer op te verloopen” speciaal te verbinden haar, tweede comparantes, huizen, het ene staande in de Visstraat, eertijds tussen het huis van kapitein Gerrit van Duijnen en dat van de weduwe van Jan van Siggelen en het andere op de Varkenmarkt, eertijds belend door de huis van Cornelis van Beveren, heer van Strevelshoek aan de ene zijde en de erf of de gang van brouwerij ’t Haentje aan de andere.

ONA Dordrecht inv. 714, akte 229, f. 579: op 16 dec. 1709 verhuren Jan Rens viskoper en zijn vrouw Ida Bordels aan Warnard Roos, appeltonder te Dordrecht, een huis, waarin zij vooralsnog wonen, staande [in de Voorstraat] tegenover de Munt, waar uithangt de Vergulde Appelton, strekkende van ’s herenstaat tot achter op de Appelhaven.

ORA Dordrecht inv. 807, f. 91: op 18 mrt. 1710 verkopen Samuel de Moraaz en Adriaan Hagoort de Jonge, notarissen te Dordrecht, als curators van de “insolvente en geabandonneerde” boedel van Pieter Lambertsz., gewoond hebbende te Dordrecht, voor 1100 gl. aan Elisabet van der Horst, vrouw van Gerard Schul en Aletta van der Horst, vrouw van Jan Fransz. Groen, een huis, waar uithangt den Admiraal Tromp, staande op de hoek van het Bolwerk in het opgaan van de Boom naast het huis van Cornelis Noteman, mr. blokmaker, komende recht achter het huis van Adriaan Baan

ORA Dordrecht inv. 807, f. 145: op 13 dec. 1710 koopt Johannes van der Kint, meester huistimmerman te Dordrecht, een huis, staande aan de zuidzijde vande Varkenmarkt, vanouds genaamd ’s Landskroon, tussen de gang en het pakhuis van burgemeester Hugo Eelbo ten westen en de stal en het erf van de heer van de Lind ten oosten. Koper betaalt 1100 gl.

ONA Dordrecht inv. 789, akte 6, f. 15 e.v.: op 24 jan. 1711 verkoopt Jacob Mattheeusz. van der Hoeven aan Cornelis van Geruwen, burger van Dordrecht, een huis en erf op de Elfhuizen, staande en gelegen tussen het huis van Hendrik Rodervelt en dat van de weduwe van Willem van Claveren, strekkende van voren van de Elfhuizen af tot achter op de Stadsvest, voor 425 gl. contant. Comparant tekent met de letters IM

ORA Dordrecht inv. 808, f. 56v: op 21 mei 1711 verklaren Metje van Outheusden, weduwe van Theunis Dermoeije, Heijme van Outheusden en Jan van Outheusden, kinderen en erfgenamen van Ida Bordels, laatst weduwe van Jan Rens, dat de tweede eerstgenoemden aan de laatstgenoemde te hebben aanbedeeld voor de somma van 250 gl. een huis en erin de Heer Heijmansuijsstraat, staande en gelegen tussen het huis van Jan Nieuburgh en dat van Jan den Romeijn, strekkende vooruit de straat tot achter tegen de stadsgracht, welk huis door voornoemde Jan van Outheusden wordt bewoond, die tevens hierbij beloofd te zijnen laste te nemen alle onbetaalde lasten, die op tot mei 1711 op het huis komen zullen.

ONA Dordrecht inv. 608, f. 49r en 49v: op 5 febr. 1712 verkopen Pieter Quintingh, meester-kleermaker en burger van Dordrecht en zijn vrouw Anna Valentijn aan Franchois de Clercq, blikslager en burger van Dordrecht, een huis in de Voorstraat tegenover de Augustijnenkerk, waar verkopers tegenwoordig in wonen, staande tussen het huis van Gillis van den Bergh en het huis bewoond doot Marija Duijm, voor 1400 gl. Akte door kopers en verkopers ondertekend.

ORA Dordrecht inv. 808a, f. 77: op 8 nov. 1712 verkopen Lambert Labeen, Robbert de Bie, getrouwd met Catrina Labeen, Bartholomeus Labeen, Maria Labeen, weduwe van Willem Weeda, allen kinderen en erfgenamen van Pieternella Huijskens, weduwe van Bartholomeus Labeen, aan Hendrik Kruijsbergen, burger van Dordrecht, een huis in het Seboriestraatje [’s Heer Boeijenstraat], belend door de huizen van Cornelis van Gijbland aan weerszijden, voor 220 gl. contant.

ONA Dordrecht inv. 790, akte 28: voorwaarden, waarop Marcus Ariensz. van der Boot, viskoper te Dordrecht, op 14 en 15 nov. 1713 wil laten veilen een huisachter in de Raamstraat, staande tussen het huis van Annighje Schutters en de gang.

ORA Dordrecht inv. 809, f. 148v e.v.: op 30 okt. 1714 verklaart Steven Pasman, makelaar “ter beurse” te Dordrecht, als procuratie hebbende van Gabriël de Bellevue koopman en diens vrouw Johanna Maten, wonende te Dordrecht, dat zijn principalen schuldig zijn aan mr. Jacob Stoop, schepen in wette en secretaris “ter Camere ten belijde” van Dordrecht, een somma van 800 gl., verbindende een huis en wijnkelder op de Varkenmarkt tegenover de kraan, staande tussen het huis van Johannes Huttenus, koopman te Dordrecht, en dat van Cornelis van Houweling, mr. smid.

ORA Dordrecht inv. 810, f. 5 e.v.: op 29 jan. 1715 verkoopt Pieter van Casteel, burger van Dordrecht, als voogd over de minderjarige dochter van Cornelis de Vries, in zijn leven burger van Dordrecht, volgens procuratie gepasseerd ten overstaan van notaris Jacobus Beljaart te Middelburg op 5 sept. 1714 voor 550 gl. aan Catarina van Bockum een huis op de Varkenmarkt, staande tussen het huis en de brouwerij van Bartholomeus van den Zantheuvel, lid van de Oudraad te Dordrecht, en dat van Adriaan van de Werf. De koopster neemt te haren laste een hypotheek van 300 gl., die de erfgenamen van Margrita van der Hijde, weduwe van Willem van Campen op het huis sprekende hebbende volgens een schepenenschuldbrief van 14 juli 1699.

ORA Dordrecht inv. 810, f. 21v e.v.: op 30 mrt. 1715 verklaren Jan en Isaeq Broeckman, zoons en mede-erfgenamen van Tijmen Broeckman, voor zichzelf en als voogden over hun minderjarige broers en zuster, schuldig te zijn aan Gerlagh Sligger en Thomas Kremer, kooplieden te Rotterdam, een somma van 447 gl. en 16 st. wegens geleverde koopwaren, verbindende een huis bij het Groothoofd, staande tussen het huis van Gerrard Vingerhoet, veertigraad van Dordrecht en dat van … [sic].

ORA Dordrecht inv. 811, f. 141v en 142r: op 15 sept. 1719 verkoopt Gillis Herwijer, koopman te Dordrecht, aan Adriaan de Jager en Willem van Nispen, kooplieden te Dordrecht, de helft vaneen runmolen, staande op “het soogenaemde eijland, ofte Kalkhaven”, met de helft van twee schuren, paardenstal, drie woonhuizen, ledig erf en tuin buiten de Sluispoort, waarvan de wederhelft (behalve de tuin) toebehoort aan de weduwe van Abraham van Wingertstraten, voor 2950 gl.

[Stadsarchief Dordrecht nr. 3 inv. 1975 (burgerboek), f. 123v: op 9 jan. 1698 ontvangen als burger en inheems poorter van Dordrecht Gillis Herreweijer. “Wert hem ’t recht daar toe staande vereert en geëximeert voor 10 aen een volgende jaren van alle togten en wagten, des hem gedragende als grossier.”

ORA Dordrecht inv. 811, f. 142: op 19 sept. 1719 verkoopt Gillis Herreweijer [Herweijer], inwoner van Dordrecht, aan Hermanus Groenendael, meester-bakker te Dordrecht, een huis en erf in de Visstaat, belend door het huis waar uithangt de Zeehond en het huis van Louies Toelen.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 1 e.v.: op 4 jan. 1718 verkoopt Petrus van Son, notaris te Dordrecht, door het Gerecht van Dordrecht gemachtigd tot het verkopen van de huizen en effecten van Coenraat Gonne, voor 1100 gl. aan Arij de Jager, inwoner van Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, belend ten zuiden door het huis van de weduwe van Pieter van Esch en ten noorden dat van Hendrick Decker mr. kleermaker.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 2 e.v.: op 4 jan. 1718 verkoopt Petrus van Son, notaris te Dordrecht, door het Gerecht van Dordrecht gemachtigd tot het verkopen van de huizen en effecten van Coenraat Gonne, voor 700 gl. aan Antonette Brouwer, de vrouw van Coenraat Gonne een huis [in de Voorstraat] tussen de Augustijnenkerk en de Nieuwstraat, genaamd “de Liefde” [belenders niet vermeld]. De koopster is schuldig aan Maria van Lingen, weduwe van Willem Zuitland, kolonel in Nederlandse dienst, een somma van 300 gl.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 2 e.v.: op 11 jan. 1718 verklaart Pieter de Haas, inwoner van Dordrecht, als procuratie hebbende van Jan Hillekes schipper en diens vrouw Adriana van Wageningen, wonende te Dordrecht, dat zijn constituanten schuldig zijn aan Johan van Wageningen, impostmeester van Dordrecht, een somma van 200 gl., verbindende een huis in de Torenstraat, staande tussen het huis van de weduwe van Jan Braams en dat van Hendrick Kortman.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 3v e.v.: op 15 jan. 1718 verkoopt notaris Bartholomeus van Gelsdorp, als curator van de boedel van Cristoffel Bitter, burger van Dordrecht, voor 410 gl. aan Gerrit van der Waart een huis in de Tolbrugstraat Landzijde, staande tussen het huis van Jan Bootsman en dat van Arie Booijen, voor 450 gl. aan Jan Bootsman, burger van Dordrecht, een huis in de Tolbrugstraat Landzijde, staande tussen het huis van Van Dooren en dat van Gerrit van der Waart, burger van Dordrecht, en voor 180 gl. aan Arij Booijen een huisje in de Tolbrugstraat Landzijde, staande tussen het huis van Gerrit van der Waart en dat van de weduwe van Aert de Bruijn.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 4v: op 20 jan. 1718 verkoopt Maria Roelants, weduwe van Jan Bartelse, burger van Dordrecht, voor 10 gl. aan Pankras Wolfendorsell een huis aan de Vest omtrent de Hil, staande tussen de Hil en het huis van Arij van Hoogstraten.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 5: op 20 jan. 1718 verkoopt Lammert van Persijn voor 200 gl. aan Pieternella de Haan een huis in de Heer Heymansuysstraat, staande tussen het huis van Pieter Jansz. in de Ronde en dat van Leendert Gotie, en voor 100 gl. aan dezelfde koopster een huis in de Kolfstraat, staande tussen het huis van Govert van Herreberg en dat van de weduwe Mijer.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 6 e.v.: op 27 jan. 1718 verkoopt Neeltje Slikboer, weduwe van Arij Lugten, schipper en burger van Dordrecht, voor 425 gl. aan Jan Pion mr. smid een huis in de Voorstraat, staande tussen de Nieuwkerksteiger en het huis van Hermanus van Maurick. De koper is schuldig aan zijn vader, Tomas Pion, een somma van 200 gl., verbindende het voornoemde huis.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 6v e.v.: op 1 febr. 1718 verklaart Jan Pion, dat hij schuldig is aan Jan Siffrie de oude, burger van Dordrecht, een somma van 200 gl., verbindende het in voorgaande akte genoemde huis.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 7: op 1 febr. 1718 verkoopt Jacobus van Lier, inwoner en burger van Dordrecht, voor zichzelf en tevens vervangende zijn zuster, Lijsbeth van Lier, weduwe van Johannes Gelthof, samen erfgenamen van Maria van Lier, voor 249 gl. aan Cijmon van Hoven, slikwerker en burger van Dordrecht, een huis in de Wijngaardstraat, staande tussen het huis van Frans in Velde en dat van Noteman [sic].

ORA Dordrecht inv. 812, f. 7v: op 1 febr. 1718 verkoopt Cornelis den Oudeman, burger van Dordrecht, voor 300 gl. aan Hendrick van Heck, wijnkoper te Dordrecht, een huis in de Stoofstraat, staande tussen het huis van de verkoper en dat van Gerrit Pietersz. Sluijmer.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 7v e.v. en f. 13 e.v.: op 8 febr. 1718 verkoopt Albertus van Nievelt, notaris te Dordrecht, als procuratie hebbende van Roelant Roelantsz. Millaart, schipper op Londen en burger van Dordrecht, als executeur-testamentair van zijn vader zaliger, kapitein Joris Roelantsz. Millaart, Willem de Bruijn, zoon van Neeltje Millaart, Jacobus Roelantsz. Millaart, zoon van Arij Millaart, Jacobus van der Hoeve, als man van Jannigie Schot, dochter van Elisabeth Millaart, Elisabeth de Witt, dochter van Margrita Millaart, en de zoons van wijlen Margrita Millaart, genaamd Jan en Emanuel de Witt, kind en kindskinderen, alsmede erfgenamen van wijlen kapitein Joris Roelantsz. Millaart en diens vrouw Elisabeth Hendricx,

1.voor 350 gl. aan Steven Dusjon, burger van Dordrecht, een huis in de Voorstraat omtrent de Riedijk, bestaande van voren uit twee aparte woningen, staande tussen het huis van Arnoldus Marceel en dat van Matthijs van Kooten, enhebbende van achteren, uitkomende in het Pompstraatje, nog zes aparte woninkjes

2. voor 540 gl. aan Steven Dusjon een huis in het Riedijkstraatje, staande tussen het huis van Hendrick Otten en dat van Arien Lugten

3. voor 200 gl. aan Jacob Korthals, schipper en burger van Dordrecht, een huis in het Riedijkstraatje, staande tussen het huis van Ariaantie Baas en dat van Jacobus Roelantse

4. voor 115 gl. aan Ariaantie Baas een huis in het Riedijkstraatje, staande tussen het huis van Jacob Korthals en dat van Arij van Proijen

5. voor 240 gl. aan Hendrick Otten een huis in het Riedijkstraatje, staande tussen het huis van Steven Dusjon en dat van Gerrit van Dongen

6. voor 360 gl. aan Daniël de Meij, mr. metselaar, een huis aan het Nieuwkerkhof, staande tussen het huis van Willem Korthals en dat schipper Jan van de Krab,

en op 1 mrt. 1718

7. voor 150 gl. aan Cornelis de Bruijn, schipper en burger van Dordrecht, een huis in het Riedijkstraatje (belenders niet vermeld)

ORA Dordrecht inv. 812, f. 13v: op 2 mrt. 1718 verkoopt Joost van de Woestijnen, burger van Dordrecht, voor 270 gl. aan Isack van Bracht, wonende te Dordrecht, een huis in de Dwarsgang, staande tussen het huis van Barent van der Lucht en dat van Barent van den Nadorst.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 14: op 3 mrt. 1718 verkoopt Huijbert van Wetten, notaris te Dordrecht, als procuratie hebbende van Adriana van Dijck, weduwe van Arnoldus van Eijsden, arts te Dordrecht, voor 2600 gl. aan Willem Pasman, notaris te Dordrecht, een huis met een tuin, tuinhuisje en pakhuis daarachter, staande in de Voorstraat omtrent de Lombardbrug naast brouwerij “de Leliën” tussen het huis van de bontwerker Adriaan Ramse, van achteren uitkomende door een gemeenschappelijke gang in de Oude Breestraat. De koper neemt te zijnen laste een hypotheek van 1200 gl., die Willem Hooglander op het huis sprekende heeft volgens een schepenenschuldbrief dd 29 mei 1714.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 15v: op 12 mrt. 1718 verkoopt Bartholomeus van Aarden, preceptor van de Latijnse School, voor 650 gl. aan Ariaantje Spriet, de vrouw van Gijsbert Sliep, mr. metselaar en burger van Dordrecht, een huis in de Voorstraat, staande tussen de Distelsteiger en het huis van kapitein Van Besoijen. De koopster is schuldig aan verkoper een bedrag van 400 gl.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 16: op 15 mrt. 1718 verkoopt Hendrica d’Groen, weduwe van Hendrik Uijtterlimmigen, burger van Dordrecht, vpoor 800 gl. een huis op de Boom bij het Groothoofd, staande tussen het huis van Isaacq Morjen en dat van Huijbert van Cappel. De koper neemt te zijnen laste een hypotheek dd 12 sept. 1714 van 800 gl.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 16v: op 17 mrt. 1718 verkoopt Adriaan Struijk, grutter en burger van Dordrecht, voor 700 gl. aan Johannes de Raad makelaar een grutmolen, bestaande uit twee naast elkaar staande huizen, staande in de Dolhuisstraat naast het koetshuis van mevrouw Repelaer.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 16v: op 17 mrt. 1718 verkoopt Jan van Dalom, mr. twijnder en burger van Dordrecht, voor 500 gl. aan Geertruijd Leegkerck, weduwe van Jacob van Boedonck, secretaris van de huwelijkse zaken te Dordrecht, een huis in de Augustijnenkamp, staand tussen het huis van Cornelis Spruijt en dat van Abraham … [sic].

ORA Dordrecht inv. 812, f. 21 e.v.: op 2 april 1718 verkoopt Rutgerus Heghuijsen, koopman te Dordrecht, voor 2400 gl. aan Catarina Maria van den Steen en haar zuster Isabella Maria van den Steen een huis in de Voorstraat in de Oude Houttuin, strekkende voor van de straat tot achter met een vrije uitgang in de Wijngaardstraat, staande tussen het huis van Pieter Abberdaan en dat van Jacomina van Bergen.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 28 e.v.: op 26 april 1718 verkoopt Aert Hopman, mr. grutter en burger van Dordrecht, voor 40 gl. aan Maeijke Gijse, weduwe van Mattijs Daniëlse, burgeres van Dordrecht, een pakhuis, stal en opstal, staande in de Mariënbornstraat achter het Koningshofje, tussen dat hofje en het huis van Herman de Bruijn.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 28v: op 26 april 1718 verkoopt Cornelis Pietersz. Huijsman, burger van Dordrecht, voor 1200 gl. aan Adriaen Tempelaer, mr. bakker, een huis in de Voorstraat omtrent de Nieuwkerkstraat, staande tussen het huis van Aert Hopman en dat van de erfgenamen van Jannigie Buit.

ORA Dordrecht inv. 812, f. 29v e.v.: op 28 april 1718 verkoopt Jan Govertsz. van Rooij, burger van Dordrecht, als procuratie hebbende van Jan Hermense Geluk, schoenmaker te Dordrecht, voor 490 gl. aan Nicolaas le Cocq, burger van Dordrecht, een huis in de Heer Heymansuyssstraat, staande tussen het huis van Jan Jansz. Braemsloot en dat van Lammert Brouwer.

ORA Dordrecht inv. 813, f. 145v e.v.: op 17 mrt. 1722 verkoopt Bastiaan van der Lis voor 1150 gl. aan de stad Dordrecht een hof of tuin met het huis daarnaast, staande en gelegen omtrent de Nieuwkerk naast de Armenhuizen van de heer van Slingeland “aen’t kerkhof, en andere huijsen aen’t Nieukerkhoff staende aen’t noorden, der Steden Veste aan’t oosten, en der Stede Groote Gracht aan’t zuiden, en der Stede Klijne Gracht en den thuijn toebehoort hebbende … [sic] aen’t westen en noordoosten. Het huis en tuin hebben recht van doorgang door de stal van Martinus van der Pijpen, staande over de Kleine Gracht.

ONA Dordrecht inv. 915, akte 19: op 19 juni 1724 verkoopt Jan Dirksz. Schouten, mr. schiptimmerman buiten de Sluispoort, voor een somma van 550 gl.aan zijn neef Jan Sijmonsz. Schouten, eveneens mr. schiptimmerman buiten de Sluispoort, een scheepstimmerwerf, liggende buiten de Sluispoort, aan de ene zijde belend door de scheepstimmerwerf van Sijmon Jansz. Schouten en aan de andere zijde door de weg van de Twintighuizen. Compareert mede Cornelia Ariensdr. Dribberse, weduwe en boedelhoudster van Dirk Jansz. Schouten, wonende buiten de Sluispoort, die de koper belooft “te sullen guaranderen en bevrijden van alle soodanige actiën en pretensiën als haar … kind, kinderen off wettige descendenten ende alle anderen in tijden ende wijlen soude willen maken off pretenderen op de voorn. scheeptimmerwerf te hebben”.

ORA Dordrecht inv. 814, f. 143v: op 25 jan. 1725 Gillis van den Beek, pondgaarder te Dordrecht en Maria van den Beeck, erfgenamen van wijlen Maria de Graaff, weduwe van Gillis van Helmond, verkopen aan Jacob Quintingh, meester-zilversmid, een huis in de Voorstraat op de hoek van de Kolfstraat, belend aan de andere zijde door het huis van burgemeester mr. Johan van den Brandeler, voor 2000 gl. contant.

ORA Dordrecht inv. 815: op 13 febr. 1727 verkoopt Willem Eversdijck, als procuratie hebbende van Anna van Bommel, weduwe van Arij van Hoogstraten, wonende te Dordrecht, voor 12 gl. aan Jan Frens, burger van Dordrecht, een huis achter de Lakenhal op de Nieuwe Haven, staande tussen het koolmetershuisje en de “gemeene” straat.

ORA Dordrecht inv. 815, f. 16v e.v.: op 27 mrt. 1727 verkoopt Christiaan Stijvers, burger van Dordrecht, als procuratie hebbende van Aaltje Maartensz., die eerder gehuwd was met en Leendert Brouwer en thans weduwe is van Frans van Esch, voor 320 gl. aan Huijbert van Erff, timmerman wonende te Dordrecht, een huis in de Nieuwe Breestraat, staande tussen de weduwe Westenrijck en dat van mr. bakker Arij van Hoorn.

ORA Dordrecht inv. 815, f. 19v: op 27 mrt. 1727 verklaart Paulus Hoeba, burger van Dordrecht, schuldig te zijn aan Simon van Melisdijck een somma van 200 gl., verbindende een huis, voorheen gediend hebbende als Krankzinnigenhuis en spinhuis “daer annex”, staande in de Dolhuisstraat en strekkende tot achter aan de stadsvest.

ORA Dordrecht inv. 815: op 8 mei 1727 verkoopt Marija Menking, jonge dochter, aan Louwerentie Watermans, jonge dochter wonende te Dordrecht, voor 270 gl. een huis op de Walevest, staande tussen het koetshuis van Govert van Slingeland, vrijheer van Slingeland, en het huis van de weduwe De With.

ORA Dordrecht inv. 815, f. 79 e.v.: op 21 nov. 1727 verkoopt Jan Bos Baan kamerbewaarder krachtens zeker vonnis van het Gerecht van Dordrecht dd 3 april 1727 en op verzoek van Jacoba van de Graaff, weduwe van Govert Braats, eiseres en executante, aan Otto Ruijmers, spekverkoper te Dordrecht, een huis in de Voorstraat omtrent de Pelserbrug, staande tussen het huis van de weduwe Gelsing en dat van Johannis ’t Hooft, eigendom geweest van Frans Cattron, vleeshouwer te Dordrecht en geëxecuteerde, voor 1107 gl.

ORA Dordrecht inv. 815, f. 103v: op 3 febr. 1728 verkoopt Pieter Venlo, notaris en procureur te Dordrecht, door het Gerecht van Dordrecht, geautoriseerd tot het verkopen van huizen, “welker eijgenaars in gebreke blijven te betalen de ordinaire en extraordinaire lasten”, voor 60 gl. aan Huijbert van Erff, burger van Dordrecht, een huis in de Raamstraat, staande tussen de huizen van Willem van der Lee aan weerszijden.

ORA Dordrecht inv. 815, f. 114: op 2 mrt. 1728 verkoopt Judik van Daalem, weduwe van Anthonij van Sittert, voor 600 gl. aan Belia Hoepstok, weduwe van Arij van der Rije, een huis in de Grotekerksbuurt, staande tussen het huis van Jan Pluijm en dat van de weduwe van Hermanus van Groenendaal.

ORA Dordrecht inv. 815, f. : op 29 juni 1728 verkoopt Anthonij van Asperen, koopman te Dordrecht, voor805 gl. aan Jan Vosch, mr. bakker en burger van Dordrecht, een huis in de Wijnstraat omtrent de Nieuwbrug aan de waterzijde, staande tussen het huis van de weduwe Prinse en dat van Pieter Jansz. Bosch. De koper is schuldig aan de verkoper een somma van 650 gl.

ORA Dordrecht inv. 815, f. 148 e.v.: op 22 juli 1728 verklaart Pieter van Hambeek, burger van Dordrecht, schuldig te zijn aan Govert van der Linden,”fabrijck” van de Grafelijkheid, en Jan van der Linden, mr. metselaar te Dordrecht, een bedrag van 1200 gl., verbindende een huis in de Visstraat, staande tussen het huis van de weduwe van Hermanus Groenendaal en dat van Matthijs van der Vloet.

ORA Dordrecht inv. 815, f. 173v: op 11 nov. 1728 verkoopt Gerard van Leeuwen van Wusthuijsen, baljuw van de Hoge en Lage Zwaluwe, voor 6000gl. aan Catharina Paradijs, bejaarde ongehuwde persoon, wonende te Dordrecht, een huis in de Wijnstraat, staande tussen het huis van de weduwe van Hendrik van Besoijen en dat van Mattheus Coddeus, veertigraad van Dordrecht.

ORA Dordrecht inv. 815, f. 174: op 11 nov. 1728 verkoopt Maaijke de Bondt, vrouw van Jan Sifferie,als procuratie hebbende van haar man, die uitlandig is, voor 1000 gl. aan Hendrick Kleijn, mr. grutter en burger van Dordrecht, een huis in de Nieuwstraat, genaamd “Sint Pieter en Paulus” of anders “het Romeijnhuijs”, staande achter het huis van Andries Boshoven, waardoor dit huis een vrije doorgang heeft naar de Nieuwstraat, belend door het huis van Andries Boshoven aan de ene zijde en het huis van Engeltje Corstiaens, weduwe van Cornelis van Gilst, aan de andere.

ORA Dordrecht inv. 816, f. 64: op 4 juli 1730 verkoopt Simon Germain, burger van Dordrecht, als procuratie hebbende van Sebastiaan van de Graaff Francoisz., wonende te Dordrecht, voor 300 gl. aan Jan Rank, mr. zeilmaker en burger van Dordrecht, een huis in de Hoge Nieuwstraat, staande tussen de stal van ontvanger-generaal Van Slingelandt, heer van de Lindt, en het pakhuis van de koper.

ORA Dordrecht inv. 816, f. 92 e.v.: op 19 sept. 1730 verkoopt Jenneken van Epenhuijsen, weduwe van Pieter Boers, burgeres van Dordrecht, voor 100 gl. aan Maria van de Griend, weduwe van Anthonij van de Griend, wonende te Dordrecht, een huis op de Nieuwe Haven bij de Blauwpoort, staande tussen het huis van de weduwe van Arij van Hoogstraten en dat van Cornelis Sprangers.

ORA Dordrecht inv. 816, f. 104v e.v.: op 12 okt. 1730 verkopen Aart de Vos, schipper en burger van Dordrecht, en Cornelia de Vos, weduwe van Leendert Schouman, burgeres van Dordrecht, voor 600 gl. aan Jan Cool, schipper en burger van Dordrecht, een huis in de Wijnstraat bij het Groothoofd, genaamd “de Groene Leeuw”, staande tussen het huis van de koper en dat van Rijer van Sprangh.

ORA Dordrecht inv. 816, f. 107: op 12 okt. 1730 verkoopt Johan Snoek, als procuratie hebbende van Anna de Harder, weduwe van Adrianus van Kruijskerken, predikant te Bleskensgraaf, volgens procuratie gepasseerd voor notaris M. Mekern te Gorinchem op 11 okt. 1730, voor 700 gl. aan Nicolaas Sliep, mr. metselaar te Dordrecht, een huis op de Nieuwe Haven omtrent de Lange Brug, staande tussen het huis van Maria van den Steen, weduwe van Johan Oem, en dat van de weduwe van Herman van Leeuwen

ORA Dordrecht inv. 816, f. 141v e.v.: op 8 mrt. 1731 verkopen Johannes de Veer en Herman Boonen, kooplieden te Dordrecht, als executeurs-testamentair van wijlen Jenetta Matthijsen, laatst weduwe van Herman van Leeuwen en eerder van Hendrik Visser, in hun leven kooplieden te Dordrecht, aan Jacob Jacobs en Co., kooplieden te Dordrecht, voor 2200 gl. een huis op de Nieuwe Haven omtrent de Lange Houten Brug, strekkende voor van de straat tot achter op de Varkenmarkt, staande tussen het huis van Nicolaas Sliep mr. metselaar en dat van de kinderen en erfgenamen van de weduwe van ds. Petrus Hamerus.

ORA Dordrecht inv. 816, f. 142 e.v.: op 8 mrt. 1731 verkopen de in de voorgaande akte vermelde verkopersvoor 480 gl. aan Cornelis Kemp, zoon van Arij Kemp, burger van Dordrecht, een huis op de Varkenmarkt, staande tussen het huis van Jacob Jacobs en Co. en dat van Nicolaas Sliep.

ORA Dordrecht inv. 816, f.142v e.v.: op 8 mrt. 1731verkopen idem aan Volbrecht van der Schilt voor 280 gl. een huis in de Hoge Nieuwstraat, staande tussen het huis van Roelandt Kuijter en dat van Abraham Smits.

ORA Dordrecht inv. 816, f. 151 e.v.: op 19 april 1731 verkoopt Pieter van Renoij, burger van Dordrecht, voor 450 gl. aan Francois Boon, burger van Dordrecht, een huis in de Grotekerksbuurt, staande tussen het huis van de weduwe van Hermanus Groenendaal en dat van de weduwe van Barent Pluckooij.

ORA Dordrecht inv. 817, f. 4: op 15 jan. 1732 verkoopt Johanna Op de Camp, weduwe van Hermanus Groenendael, wonende te Dordrecht, aan Jan van Dalen, viskoper en burger van Dordrecht, een huis in de Visstraat, belend door het huis van Pieter van Hambeek en Matthijs van der Vloet, voor 575 gl. contant

ORA Dordrecht inv. 817, f. 118, akte dd 17 sept. 1733: Nicolaas Sliep, mr. metselaar te Dordrecht, als procuratie hebbende van Embrecht du Jong en door het Gerecht van Dordrecht “nader ende specialijk gequalificeert” zijnde volgens besluit op het rekest van Marijke Jansse, weduwe van Steven du Jong, dd 10 sept. 1733, omdat door zekere “interdictie” het onderhavige transport in eerste instantie geen doorgang kon hebben en Embrecht du Jong inmiddels is overleden, transporteert aan Marijke Jansse, weduwe van Steven du Jong, een huis in de Voorstraat op de hoek van de Boomstraat, staande tussen die straat en het huis van Hendrik Geerling. De koopsom bedraagt 300 gl., welke door Embrecht du Jong vóór zijn overlijden al is ontvangen.

ORA Dordrecht inv. 817, f. 151v e.v.: op 10 nov. 1733 Aart van der Hengst [van der Henst] vleeshouwer koopt een huis en erf in Vriesestraat van de erfgenamen van Embregt Desjong voor 420 gl. contant

ORA Dordrecht inv. 1654 (nieuw), f. 1v e.v.: op 11 jan. 1735 verkoopt Jan Snoek, wonende te Gorinchem, als procuratie hebbende van zijn schoonmoeder Anna den Harder, weduwe van ds. Adrianus van Kruijskercken, predikant te Bleskensgraaf, volgens procuratie gepasseerd ten overstaan van notaris Martinus Mekern te Gorinchem op 11 okt. 1730, voor 715 gl. aan Willem Rutten, burger van Dordrecht een huis op de Boom, staande tussen het huis van Adriaan van Boekhout en dat van Jacob Bell. De koper is schuldig aan Anna den Harder een somma van 500 gl.

ORA Dordrecht inv. 818, f . 11v: op 15 febr. 1735 verkoopt Willem de Bondt, burger van Dordrecht, voor 300 gl. aan Marija Muts, jonge dochter, een huis op de Varkenmarkt aan het einde van de Gravenstraat, staande tussen het huis van de weduwe van Jan Kool en dat van Jochem van de Rijen.

ORA Dordrecht inv. 818, f. 70v e.v.: op 6 dec. 1735 verkoopt Jan van der Linden, burger van Dordrecht, voor 6650 gl. aan jonkvrouw Margareta Johanna Hallincq twee naast elkaar staande huizen in de Voorstraat omtrent de Nieuwbrug, staande tussen het huis van mr. Pieter Eelbo, regerend burgemeester van Dordrecht, en dat van Pieter Pluijm.

ORA Dordrecht inv. 818, f. 98: op 24 mrt. 1736 verkopen Gerrit en Jan Mol, als executeurs-testamentair van Vester Mol en als voogden over diens minderjarige erfgenamen, aan Jan Blekston, timmerman te Dordrecht, een huis in de Schuitenmakerstraat, staande tussen het pakhuis van Willem en Gillis Rees en het huis van Pieter Smits, voor 317 gl. en 15 st. contant (inclusief rantsoen).

ORA Dordrecht inv. 1655, f. 57 e.v.: op 22 juli 1738 verkoopt Wilhelmus van Nievelt, koopman te Dordrecht, “als bij broederen Diaconen gequalificeert sijnde”, voor 486 gl. aan Willem de Jonck, mr. schilder en burger van Dordrecht, een huis in de Vleeshouwersstraat, eerder eigendom geweest van de weduwe van Aelbert de Jonck, staande tussen het huis van de koper en dat van Jacob van Volcom.

ORA Dordrecht inv. 819, f. 122r en 122v: op 7 juli 1739 compareren Gideon de Bont, getrouwd met Lijsbet Levermans, Geertruij Levermans, meerderjarige dochter en Gideon de Bondt en Jan Voorwijk, als voogden over de minderjarige kinderen van Lena Levermans, bevorens weduwe Vogels en laatst huisvrouw van voornoemde Jan Voorwijk, genaamd Gerardina Levermans en Jan en Lambert Voorwijk, allen wonende te Dordrecht, zich ook sterk makende voor Anna Levermans wonende in Den Haag. Zij verkopen aan Arij Knok, burger van Dordrecht, een huis en erf in de Kromme Elleboog, staande en gelegen tussen het huis van Goris Telders en dat van Gerrit Smit, voor 225 gl. en een rantsoen van 5 gl. 12 st. en 8 penn., gereed en contant geld. Op dezelfde dag verkopen comparanten aan Lijsbet van der Klee, huisvrouw van Wouter Spoel, een huis, “geapproprieert” tot een stal, staande in de Kromme Elleboog tussen het huis van Jan Looff en dat van Corstiaan Slot, voor 210 gl. en een rantsoen van 5 gl. 5 st., gereed en contant geld en aan Willem Schel, burger van Dordrecht, de helft in een huis in de Kromme Elleboog, waarvan de wederhelft toebehoort aan Corstiaan Slootmaker, staande tussen het huis van Jan Looff en dat van Bastiaan Vollenhouw, voor 55 gl. en een rantsoen van 1 gl. 7 st. en 8 penn., gereed en contant geld. (ORA Dordrecht inv. 819, f. 122v t/m 123v)

ONA Dordrecht inv. 909, akte 9: op 9 jan. 1741 verkoopt Jacob Quintingh, meester-zilversmid, aan Adriaen van den Bergh, koopman te Dordrecht, een huis in de Voorstraat bij de Beurs, staande tussen de Kolfstraat en het huis bewoond door Philippina van Meeuwen, voor 2500 gl.

ORA Dordrecht inv. 820, f. 20: op 11 april 1741transporteert Jan Faasse, burger van Dordrecht, als procuratie hebbende van Jacob Quintingh, tegenwoordig wonende te Bergen op Zoom, volgens procuratie gepasseerd voor notaris R. Nolthenius te Dordrecht op 14 mrt. 1741, aan Adriaan van den Bergh, koopman te Dordrecht, een huis in de Voorstraat bij de Beurs, staande tussen de Kolfstraat en het huis van oud-burgemeester Johan van de Brandeler, verkocht voor 2000 gl. contant.

ORA Dordrecht inv. 820, f. 28 e.v.: op 2 mei 1741 verkoopt Adriaan Papegaaij, burger van Dordrecht, als procuratie hebbende van mr. Govert van Slingeland, heer van de Lindt en ontvanger-generaal van de gemenelandsmiddelen over de provincie Holland, als vader en voogd van zijn minderjarige dochter Susanna van Slingeland, in huwelijk verwekt bij Geertruijd de Bevere, in haar leven enige dochter van mr. Ernest de Bevere, in zijn leven heer van West-IJsselmonde enburgemeester van Dordrecht, volgens procuratie gepasseerd voor notaris Johan Bourcourd te Den Haag op 24 mrt. 1741, aan Govert van Boven, koopman te Dordrecht, een huis op het Maartensgat of de “Nieuwe vergrooting”, staande tussen het pakhuis van mr. Johan van Neurenbergh en het huis van Ida Bernardina van de Pijpen, voor 3000 gl. contant. (ORA Dordrecht inv. 820, f. 28 e.v.)

[Susanna, dochter van Govert van Slingeland en Geertruijd de Beveren, gedoopt NG Dordrecht 6 jan. 1728]

ORA Dordrecht inv. 820, f. 34v: op 18 mei 1741 verkoopt Pieternella de Vijver, weduwe van Rijnier Stoop, aan Hendrik Gronthout, meester-loodgieter te Dordrecht, een huis op de Voorstraat, staandeschuin tegenover de Munt tussen het huis van Pieter de Visser en dat van Jeremias van Laaren, voor 700 gl. contant.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 1, 13 jan. 1750: Anna Warnier, weduwe van Arij Jeijskoot, wonende te Dordrecht, is schuldig aan Pieter Kats, mazelaar en burger van Dordrecht, 300 gl., verbindende een huis in de Vriesestraat, staande tussen het huis van Gerrit van de Waard en dat van Jan Looff.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 1v e.v., 13 jan. 1750:Huijbert en Dirk van Tienen, wagenmakers en burgers van Dordrecht, zijn schuldig aan Leendert Plomp, burger van Dordrecht, 1200 gl., verbindende een huis, loods en kade op het Maartensgat, staande en gelegen tussen het huis van de fabrijk [bouwmeester] Govert van der Linden en dat van Jan Hardus, en een huis in de Voorstraat op de hoek van de Ruitesteiger, staande tussen die steiger en het huis van Frans Soet.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 2, 15 jan. 1750: Jan Hardeman, mazelaar en burger van burger van Dordrecht, als man van Berbera van der Steen, dochter en voor 1/3 part erfgename van Jan van der Steen, die onlangs te Dordrecht is overleden, voor zichzelf en als procuratie hebbende van Leendert de Deugt, wonende te Stant daar buijten, en van diens vrouw, Geertruij Palamedes, eerder weduwe van voorn. Jan van der Steen, van wie zijeveneens voor 1/3 part erfgename is, volgens procuratie gepasseerd voor notaris D. van den Broek te Oudenbosch op 16 dec. 1749, beiden, d.w.z. Jan Hardeman en Leendert de Deugt, zich sterk makende voor Korstiaan de Jongh, wonende te Middelburg, als man van Maria van der Steen, mede een dochter en erfgename van Jan van der Steen, verkoopt voor 350 gl. in die hoedanigheid aan Dirk Bloem, burger van Dordrecht, een huis in de Hofstraat, staande tussen het huis van de boedel van Geertruij Palamedes en haar overleden man en het huis van Pieter Ernst.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 3 e.v.: op 20 jan. 1750 verkopen Jacob van Duijnen, meester-munter in de Munt van Holland te Dordrecht en Willem van Maarseveen, meester-bakker te Dordrecht, als voogden over Josina van Dalen, enige nagelaten en minderjarige dochter van Johannes van Dalen, overleden te Dordrecht, aan Adriaan Spiering, viskoper en burger van Dordrecht, een huis en erf in de Visstraat, belend doorhet huis van Mathijs van der Vloet en dat van Pieter Spaan voor 590 gl. en een rantsoen van 14 gl. 10 st. en 8 penn. [Jan van Dalen trouwde Gerecht Dordrecht 26 apr. 1731 (ondertrouw) Clara van Duijnen. Hieruit een dochter Josina, gedoopt NG Dordrecht 6 juli 1732]

ORA Dordrecht inv. 823, f. 3v: op 20 jan. 1750 verkopen dezelfde verkopers aan Adriaan van Lier, viskoper en burger van Dordrecht, voor 185 gl. een tuin, gelegen in het Achterom achter het Vrouwenhuis.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 4 e.v., 27 jan. 1750: Adriaen Spiering, viskoper en burger van Dordrecht, is schuldig aan ds. Petrus Bonnet, praeceptor van de Latijnse School te Dordrecht, 400 gl., verbindende een huis in de Visstraat, staande tussen het huis vanMatthijs van der Vloet en dat van Pieter Spaan.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 4v: op 27 jan. 1750 verkoopt Caatje Snoek, bejaarde ongehuwde dochter, aan Hendrik Tabernal, blokmakersknecht en burger van Dordrecht, voor 75 gl. eenhuisje in de Raamstraat, belend van voren en van achteren door het huis van Jacob Schotel en een gang aan de andere zijde.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 5 e.v.: op 29 jan. 1750 verkoopt Jacoba van Buren, weduwe van Anthonij Pennings, wonende te Dordrecht, voor 4800 gl., deels contant en deels met het overnemen van een hypotheek van 4000 gl. t.b.v. de erfgenamen van Adriaan Braats volgens de akte daarvan gepasseerd op 30 juni 1733 ten overstaan van schepenen van Dordrecht, aan Abraham en Isaak Kimijser, kooplieden te Dordrecht, een pakhuis, vanouds genaamd “de Graaff”, staande op de Kalkhaven tussen het pakhuis van de erfgenamen van burgemeester Adriaan Braats en het huis van Johan Jacob Timmers, heer van Est.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 5v e.v.: op 29 jan. 1750 verkoopt Hendrik Kockeel, mazelaar en burger van Dordrecht, als executeur-testamentair van Marijke Madoo, weduwe van Willem Roobol, voor 100 gl. aan Dingena de Meijer, burgeres van Dordrecht, een huis in de Kolfstraat, staande tussen het huis van de weduwe van N. van Nispen en dat van Willem Botvis.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 6 e.v.: op 29 jan. 1750 verkoopt Anthonij Bruijn, kamerbewaarder van Dordrecht, als procuratie hebbende van Willem Lodewijk Pilat, predikant te Den Haag, mr. Hendrik de Roo, heer van Wulvershorst etc. en oudraad van Dordrecht, en mr. Hendrik Franken, schepen in wette en oudraad van Dordrecht, volgens procuratie gepasseerd voor notaris P. van Well te Dordrecht op 27 juni 1749, voor 300 gl.aan Arij van den Bos, burger van Dordrecht, een huis aan de Nieuwendijk, aan weerszijden belend door de huizen van Hendrik Korthals. De koper is schuldig aan verkopers een bedrag van 200 gl.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 7v e.v., akte dd3 febr. 1750 Karel Huijs, wijnkopersknecht, en ijn vrouw Berbera van Nieuwland, die eerder weduwe was van Nicolaas Bellaart, wonende te Dordrecht, zijn schuldig aan Engel Blenkvliet, bierdrager en burger van Dordrecht, een bedrag van 200 gl., verbindende een huis in de Steenstraat, staande tussen het huis van Leendert van Strijen en het erf van Abraham Kolster.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 8 e.v.: op 3 febr. 1750 verkoopt Willem Kok, burger van Dordrecht, aan Jan Nagels, bediende van de “assiekarren” te Dordrecht, voor 350 gl. een huis in de Sarisgang, staande tussen het huis van Jacobus Berkhout en dat van Jacobus Ermeseel. De koper is schuldig aan Pieter Kats, mazelaar en burger van Dordrecht, een somma van 300 gl.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 9 e.v., akte dd 3 febr. 1750: Cornelia Verbrugge, weduwe van Claes ’t Hooft, wonende te Dordrecht, is schuldig aan Gillis Bouman, zaagmolenaarwonende in de Lijnbaan even buiten Dordrecht, een bedrag van 700 gl., verbindende een huis in de Vrankenstraat, staande tussen het huis van Pieter Plaijsier en dat van Arij Bisschop, en een huis in de Mariënbornstraat, staande tussen het huis van Abraham van Cloveren en dat van Jan Burgers.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 10: op 10 febr. 1750 verkoopt mr. Johan Herman Hallincq, baljuw van Zuid-Holland en oudraad van Dordrecht, voor 1850 gl. aan Agneta en Helena van Steenbergen, gezusters wonende te Dordrecht, een huis met tuin, staande voor het Bagijnhof tussen het huis van Jan van de Grient en dat van Hester van der Velden.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 10v: op 12 febr. 1750 verkoopt Jan van der Star, procureur voor de Kamer Judicieel te Dordrecht, als procuratie hebbende van Anna Manshart, weduwe van Elias Pelser, wonende te Dordrecht, voor 470 gl. aan Jacobus Piere, burger van Dordrecht, een huisop de Riedijk omtrent het Nieuwpoortje, staande tussen het huis van Jacobus Heijnen en dat van Casper Lokemijer.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 11 e.v., akte dd 17 febr. 1750: Jan Dusjong, mr. bakker en burger van Dordrecht, en zijn vrouw, Grietje Bootsman, zijn schuldig aan Simon Broeders, koopman te Dordrecht, een bedrag van 600 gl., verbindende een huis op de Voorstraat, staande op de hoek van de Boomstraat, belend door het huis van Aart van de Water en van achteren door het huis van Cornelis Maaswinkel.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 11 e.v., akte dd 17 febr. 1750: Catarina van Sevenom, weduwe van Willem Spruijt, wonende te Dordrecht, verkoopt voor 1600 gl. aan Johan Adam Jonker, burger van Dordrecht, een huis op de Voorstraat omtrent de Vriesestraat, staande aan de havenzijde tussen het huis van juffrouw Iris en dat van Abraham Kools. De koper is schuldig aan verkoopster een bedrag van 1000 gl.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 13: op 17 febr. 1750 verkoopt Jan van der Star, procureur voor de Kamer Judicieel te Dordrecht, als procuratie hebbende van Govert Jansz. van Rooij, schipper en burger van Dordrecht, voor 202 gl. aan Gerard van Lier, mazelaar en burger van Dordrecht, een huis in de Riedijkstraat bij het Nieuwkerkhof, staande tussen het huis van Leendert de Koning en dat van Hendrik Korthals.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 13v:, akte dd 24 febr. 1750: Geertruij van Hooft, weduwe van Arij van Eijsbergen, Johanna van Hooft, weduwe van Paulus Welsen, Kasper Koebeek, als man van Aaltje van Hooft, en Maria van Hooft, meerderjarige, ongehuwde vrouw, allen wonende te Dordrecht, zijn schuldig aan Gerardus van Lier, koopman te Dordrecht, een bedrag van 200 gl., verbindende een huis in de Wijngaardstraat, staande tussen het huis van Isack de Laar en dat van Anna Verleng, en nog een tweede huis in de Wijngaardstraat, vanouds genaamd den Hoetband, staande tussen het huis van Govert Maas en dat van Gerrit van Bert.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 14: op 24 febr. 1750 verkoopt Gerardus van Pelt, burger van Dordrecht, aan Catarijna Visser, jonge dochter wonende te Dordrecht, voor 300 gl. een huis op de Nieuwe Haven, staande tussen de Lakenhal en het koolmetershuisje.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 14v: op 26 febr. 1750 verkoopt Ariaantje de Meij, weduwe van Herbert van Nieulant, voor 300 gl. aan Frans Soet, mr. hoedenmaker en burger van Dordrecht, een huis met tuin in het Achterom, staande achter het Vrouwenhuis naast het huis van Gerrit Tijssen.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 14v e.v.: op 26 febr. 1750 verkoopt Pieter van Well, notaris en procureur te Dordrecht, voor 100 gl. aan Hendrik Nieveen, burger van Dordrecht, een huisje achter in de Nieuwstraat, staande tussen het huis van Mattheus de Vries en dat van de weduwe Erremeseel.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 67v e.v.: op dec. 1750 verkopen Isaac Morjé, koopman te Dordrecht, als procuratie hebbende van Adriaan Onderdelinde en Egbertus van der Sweth, kooplieden te Dordrecht, voor 820 gl. aan de Erven Fredrik Wilkens, Johannes Balthus en Co., de weduwe Willem Bruijn en Zoon, de weduwe Jan Rens, Bakker en Van der Elst, Rens en Van de Wall, Meijer en Van Volkom, en Den Ouden en Van den Broek, allen kooplieden en suikerraffinadeurs te Dordrecht, elk voor een achtste part, een suikerraffinaderij, genaamd “de Raapkoek en Wildeman”, staande in de Voorstraat omtrent het Melkpoortje bij de Boomstraat, ter zijde en van achteren uitkomende in de Boomstraat, belend door het huis van Frans Der Moeij en dat van Jacobus Kokeel.

ORA Dordrecht inv. 823, f. 139 e.v.: op 27 juli 1751 verklaart Aart van der Hengst [van der Henst], vleeshouwer te Dordrecht, schuldig te zijn aan Gijsbert Pott, wonende te Dordrecht, een bedrag van 1500 gl., daarvoor verbindende een huis in de Voorstraat op de hoek van de Vriesestraat en een huis in de Vriesestraat (in margine: compareerde ter secretarie Nicolaas de Visser voor zijn schoonmoeder, de weduwe van Aart van der Hengst en toonde de originele brief, waarbij bleek [dat de schuld volledig was voldaan], schuldbrief derhalve geroyeerd op 23 juli 1767)

ORA Dordrecht inv. 1660, f. 19: op 2 mrt. 1752 verklaart Jacobus van der Rijk, beurtschipper op Antwerpen en burger van Dordrecht, schuldig te zijn aan Jan van der Rijk, burger van Dordrecht, een somma van 1200 gl., verbindende een huis in de Wijnstraat omtrent het Groothoofd, staande tussen het huis van Pieternella Rees, weduwe van Herman Vingerhoed, en dat van Jan Buijtenhek.

ORA Dordrecht inv. 1660, f. 23 e.v.: op 21 mrt. 1752 verkoopt Ida Repelaar, wonende te Dordrecht, voor 570 gl. aan mr. Johan de Back, lid van de Oudraad en ontvanger van de gemene middelen te Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van … [sic] en de gang van het huis, dat door De Back is gekocht.

ORA Dordrecht inv. 1660, f. 24v: op 23 mrt. 1752 verkoopt Anna Verhoeve, weduwe van Huijbert de Bruijn, voor 500 gl. aan Jacobus Sanders, schoenmaker en burger van Dordrecht, een huis in de Wijnstraat schuin tegenover de Schrijversstraat, staande tussenhet huis van de weduweDe Koning en dat van de weduwe Lamron.

ORA Dordrecht inv. 825, f. 54 e.v.: op 17 okt. 1754 verkoopt Elisabeth Veltman, weduwe van Adriaan Spiering, aan Jan van Leeuwen, burger van Dordrecht, een huis en erf in de Visstraat, belend door het huis van Hendrik Boers en dat van Matthijs van der Vloet, voor 1400 gl. contant. Idem, f. 57v, 22 okt. 1754: Jan van Leeuwen is schuldig aan Aaltje van Ardenne, weduwe van Pieter Coeijmans, wonende te Dordrecht, een bedrag van 1403 gl., daarvoor verbindende het voornoemde huis en erf (in margine: schuldbrief geroyeerd op 15 juni 1784)

ORA Dordrecht inv. 825, f. 225 e.v.: op 16 sept. 1756 compareren Jan Jurrij Snel, gepensioneerd vaandrig van een compagnie dragonders in dienst van de Republiek, wonende te Heesch, voor zichzelf en in zijn hoedanigheid van voogd, naast Johannes Lambertus Scherping,over de minderjarige erfgenamen van wijlen Anthonij Pus heer van Op- en Neerandel, als zodanig aangesteld in diens testament op 14 dec. 1748 gepasseerd voor schout en schepenen van Andel, alsmede Pieter van Gelsdorp, notaris te Dordrecht, als procuratie hebbende van Catharina Schriba, voor haarzelf en als erfgenaam van wijlen haar zuster Elisabet Schriba, vrouw van Adriaan Bolten, notaris te Alkmaar,overeenkomstig haargepasseerd op 9 jan. 1749 voor notaris Jacob van Bodegem te Alkmaar envolgens procuratie gepasseerd op 18 jan. 1752 voor notaris Arent de Lange te Alkmaar en nog van Willem Fredrik Scherping, sous-lieutenant in het regiment van generaal Smitsaardt Wallon, enige nagelaten zoon van Susanna Schriba, verwekt door Johannes Lambertus Scherping, volgens procuratie gepasseerd voor notaris Frederik Nicolaas van Engele te Bergen op Zoom op 17 jan. 1752 en van Jan Schriba te Giessen, Christiaan Hakman, getrouwd met Susanna Schriba te Rotterdam, Anthonij Leijten, getrouwd met Elisabeth Scriba te Gorinchem, Willem Berm, getrouwd met Willemina Scriba en Claas Kieboom, getrouwd met Theodora Scriba te Woudrichem, samen kinderen van Theodorus Scriba, volgens procuratie gepasseerd voor notaris Martinus Mekern te Gorinchem op 18 jan. 1752 en van Anthonetta van der Vin, meerderjarige jonge dochter en Govert van Houk, benevens zijn vrouw Theodora Francoisa van der Vin, wonende te Almkerk, beiden dochters van Gerard van der Vin en Maria Schriba, die een dochter was van Theodorus Schriba, volgens procuratie gepasseerd voor notaris Sebastiaan Kuijpers te Almkerk op 20 juli 1756. Voornoemde personen zijn door overlijden van Judith van der Drept gerechtigd in de helft van de boedel, nagelaten door Anthonij Pus. Zij verkopen aan David Cherix, brouwer in “het Vlies” te Dordrecht, een huis met kelder, stalling en mouterij of pakhuis daarachter, staande in de Voorstraat, strekkende van de Voorstraat tot in het Loverstraatje, belend van voren aan de ene zijde door het huis van Alewijn van den Berg en het huis van de weduwe van Arnoldus van Tilburg aan de andere zijde, voor een bedrag van 5432 gl. en 10 st. contant.

ONA Dordrecht inv. 1038, akte 68: op 13 aug. 1759 compareren voor notaris P. van Gelsdorp Johan Baalen, “makelaar ter beurse” en zijn zuster Dijna Baalen, meerderjarig en ongehuwd, beiden wonende te Dordrecht, enige nagelaten kinderen en erfgenamen van Catharina de Clerq, weduwe van Johan Baalen, die op 8 juli 1759 te Dordrecht is overleden. Zij hebben de boedel van hun moeder tot liquiditeit gebracht en verdeeld. Hetgeen de een meerder heeft gekregen dan de ander is gecompenseerd uit de contante gelden, die tot de boedel behoorden.Aan Dijna is goedgedaan hetgeen haar toekwamwegens de legitieme portie in haar vaders nalatenschap, ter compensatie van de huwelijksgift en “uitzetting”, die haar broer bij zijn huwelijk heeft ontvangen. Aan Dijna Baalen is toebedeeld een huis en erf in de Wijnstraat, van de Visbrug oostwaarts, belend door het huis van Marija Vermaaze aan de ene zijde en dat van de weduwe van metselaar Slijp aan de andere zijde. Dijna Baalen heeft voorts alle “koopmanschappen” overgenomen.

ORA Dordrecht inv. 827, f. 63v e.v.: op 2 okt. 1760 verkoopt Wilhelmina Helmigh, weduwe van Lume de Glint aan Johannes van IJssem, meester-grutter en burger van Dordrecht, een huis in de Wijnstraat [Groenmarkt], vanouds genaamd de Drie Biekorven,zijnde het tweede huis vanaf de Vleeshouwersstraat, staande tussen het huis van Jacob de Jongh en dat van Servaas Gregoor, alsmede een pakhuis, grutterij en huisje, staande “annex den anderen” in de Raamstraat en hebbende een vrije uitgang in de Kloostergang, belend door het huis van Jacobus Klawert aan de ene zijde en het huis van de weduwe van Willem van den Bogaert aan de andere zijde.De koopsom bedraagt 1800 gl. De koper betaalt met het verlijden van custingbrief.

ORA Dordrecht inv. 827, f. 96v e.v.: op 16 apr. 1761 verkoopt Jan Rosendaal, burger van Dordrecht, aan Pieter Maaskant, burger van Dordrecht, een huis in de Voorstraat bij de zeevismarkt, belend het huis van Barent Memering en het huis van het Viskopersgilde

ORA Dordrecht inv. 828, f. 84: op 16 febr. 1764 verkoopt Elisabeth Veltmans, weduwe van Adriaan Spierings, aan Jan Flamme, burger van Dordrecht, een huis en erf in de Visstraat, belend door het huis van Adriaan van Well en dat van Clara van Leeuwen, voor 800 gl. contant.

ORA Dordrecht inv. 831, f. 220: op 21 dec. 1773 verkoopt Louis Jozeph Pique, burger van Dordrecht aan Maria Willemze, weduwe van Jasper Loket, wonende te Dordrecht, een huis in het Tolbrugstraatje aan de westzijde, staande tussen het huis van Willem de Glint en dat van Hendrik van Tets, voor 600 gl. contant.

ORA Dordrecht inv. 832, f. 68v: op 20 sept. 1774 verkoopt Willem van Lexmont, bakker en burger van Dordrecht, voor 1200 gl. aan Hendrik van Dieppenbrugge, burger van Dordrecht, twee naast elkaar staande huizen in de Kolfstraat, hebbende een uitgang in de Lange Francijnegang [een dwarsgang tussen Kolfstraat en Kromme Elleboog], “met het getimmerde over dezelve gang”, bestaande uit woonhuizen, een wijnkelder en een pakhuis, staande tussen het huis van de weduwe Kletton en voornoemde gang.

ORA Dordrecht inv. 832, f. 69: op 20 sept. 1774 verkoopt Willem van Lexmont, bakker en burger van Dordrecht, voor 410 gl. aan Emmerentia Johanna van den Brandeler, weduwe van mr. Pieter Cornelis Pompe van Meerdervoort, in zijn leven lid van de Oudraad te Dordrecht, een pakhuis, staande in de Lange Francijnegang tussen het huis van de koopster en het hierna te noemen huis, alsmede een huis “voor aan” [d.w.z. in de omgeving van de Voorstraat] in de Kolfstraat, belend door de Lange Francijnegang en “het getimmerde” over die gang aan de ene zijde en het erf of huis van de koopster aan de andere zijde, en van achteren komende tegen het voornoemde pakhuis, en dat alles overeenkomstig de koopvoorwaarden, die zijn gepasseerd voor notaris J. van der Star op 3 sept. 1774.

ORA Dordrecht inv. 833, f. 95 e.v.: op 31 okt 1776 verkoopt Pieter Maaskant, burger van Dordrecht, aan Hermanus Vernes, timmermansbaas te Dordrecht, een huis en erf in de Voorstraat aan de Vismarkt,belend de Vismarkt aan de ene zijde en het huis van Barend Memering aan de andere zijde, voor 6000 gl. contant.

ORA Dordrecht inv. 837, f. 226v: op 15 juni 1784 bekent Jan van Leeuwen schuldig te zijn aan Pieter Maaskant, wonende te Dordrecht, een somma van 1400 gl., daarvoor verbindende een huis en erf in de Visstraat, belend door het huis van Vernes [sic] en het huis van [Bernardus] De Loots,benevens de helft van een pakhuis in het Loverstraatje

ORA Dordrecht inv. 839, f. 204 e.v.: op 2 sept. 1788 verkoopt Abraham Adrianus van den Oever, notaris te Dordrecht, als gemachtigde van mr. Thomas Johannes Pigeaud, raad in de vroedschap en burgemeester van Schiedam, wonende aldaar, Anthonij Balthasar Stoop en Abraham Pompe van Meerdervoort, beiden wonende te Dordrecht, als executeurs-testamentair van wijlen Emmerentia Johanna van den Brandeler, weduwe van mr. Pieter Cornelis Pompe van Meerdervoort, in zijn leven lid van de Oudraad te Dordrecht en baljuw van de Beijerlanden, gewoond hebbende en op 25 febr. 1788 te Dordrecht overleden, volgens akte gepasseerd voor notaris A. A. van den Oever te Dordrecht op 31 mrt. 1787, 1e: voor 1025 gl. aan Paulus Vermeer *, mede wonende te Dordrecht, een huis in de Kolfstraat, staande tussen het pakhuis van Pieter Blussé en het huis van Albertus de Jager, 2e: voor 625 gl. aan Albertus de Jager een huis in de Kolfstraat, staande tussen het huis, dat op diezelfde dag is getransporteerd aan Paulus Vermeer, en het huis, dat op diezelfde dag is getransporteerd aan Willem Bax, 3e: voor 890 gl. aan Willem Bax een huis in de Kolfstraat, staande tussen het huis, dat op diezelfde dag is getransporteerd aan Albertus de Jager en de uitgang van het huis of de tuin van de erfgenamen van Emmerentia Johanna van den Brandeler, en 4e: voor 720 gl. aan Johan Dingemans een huis met een pakhuis daarachter, staande in de Kolfstraat en uitkomende in de Lange Francijnegang [gang tussen Kolfstraat en Kromme Elleboog], belend door de uitgang van het huis, dat bewoond en gebruikt is geweest door mevr. Pompe van Meerdervoort, geboren Van den Brandeler, aan de ene zijde en de Lange Francijnegang aan de andere zijde.

* BS Dordrecht: op 9 mrt. 1814 is overleden Paulus Vermeer, man van Catharina Krijger, ongeveer 81 jaar oud, geboren en wonende te Dordrecht, korenmeter, zoon van Arie Vermeer en Maaijke Stommels, in een huis in de Kolfstraat, getekend C:1748/1597.

ORA Dordrecht inv. 840, f. 250v e.v.: op 22 mei 1792 verkopen Cornelis Vernes, wonende even buiten doch onder de jurisdictie van Dordrecht en Tobias Vernes, wonende te Dordrecht, als voogden in de boedel van wijlen Hermanus Vernes, gewoond hebbende en overleden te Dordrecht, aan Elias Ketting, wonende te Dordrecht, een huis en erf in de Voorstraat aan de Vismarkt, belend de markt aan de ene zijde en het huis van de weduwe Loos aan de andere zijde, voor 6850 gl., waarvan 1850 gl. contant en de rest met eenschuldbrief van5000 gl., verzekerdop het voornoemde huis.

ORA Dordrecht inv. 841, f. 145 e.v.: op 8 mei 1794 verkoopt Arnoldus Koster, eerste klerk ter secretarie te Dordrecht, als procuratie hebbende van jonkvrouw Maria Anthonia Rees, meerderjarige ongehuwde persoon, Ida Cornelia Rees en Hendrika Wilhelmina Clara Rees, die beiden van de Staten van Holland veniam aetatis verkregen hebben, wonende te Dordrecht, enige nagelaten kinderen en erfgenamen van Adriana Johanna van den Santheuvel, in haar leven weduwe van MattheusRees Gillisz., gewoond hebbende en overleden te Dordrecht,voor 9500 gl. aan Gerrit Jan baron de Hochepied, oudraad en regerend schepen, wonende te Dordrecht, een huis en open erf of plaats, alsmede een kade of erf naast dat huis, staande en gelegen op de Nieuwe Uitleg of Engelenburgerkade bij de Catharinapoort, belend door het hierna te noemen pakhuis en de zogenaamde Hooikade aan de ene zijde en ’s herenstraat of het Maartensgat aan de andere zijde,van achteren komende tegen het huis van Adrianus du Bois, zijnde de kade of het erf ten westenhet open erf of kade van de heer Du Bois en ten oosten de “gemene straat” voor het huis van Cornelis Stratenus, alsmede een pakhuis met drie zolders daarboven, staande naast het voornoemde huis op de hoek bij de Catharinapoort naast de Hooikade.

ORA Dordrecht inv. 841, f. 150v e.v.: op 22 mei 1794 verkoopt Jan Hendrik Flamme, winkelier te Dordrecht, aan Isaak Kuijp, omroeper te Dordrecht, een huis en erf in de Visstraat, belend doorhet huis van de weduwe Van Wel en het huis van de erven Barend Memering, voor 800 gl. contant

ORA Dordrecht inv. 841, f. 199 e.v.: op 23 dec. 1794 verkoopt Izaak Kuijp omroeper aan Koenraad Brand, wonende te Dordrecht, een huis en erf in de Visstraat, belend door het huis van de weduwe Memering en het huis van Caspar Boshoven, voor 1500 gl. Idem, f. 199v e.v.: compareert Koenraad Brand, wonende te Dordrecht en verklaart schuldig te zijn aan Hendrik Janssen, grossier en slijter van gedistilleerd, een somma van 1500 gl., daarvoor verbindende voornoemd huis. (In margine: op 25 febr. 1800 is getoondeen “francijnen” brief, waarop stond: “Ik ondergetekende Hendrik Janssen, het huis in dezen hypotheekbrief ten mijnen behoeve verbonde, bij koop tegens agt honderd Guldens hebbende overgenomen, verklare bij dezen het zelve huis uit hetspeciaal verband te ontslaan … Dordrecht den 24 Febr. 1800”.)

ORA Dordrecht inv. 841, f. 250 e.v.: op 23 juli 1795 verkoopt Jan van Leeuwen viskoper aan Pieter Haassis, viskoper te Dordrecht, een huis en erf in de Visstraat, belend het huis van de weduwe van Bernardus de Loos en het huis van Elias Ketting, voor 2000 gl., waarvan 600 gl. contant en de rest met het overnemen van een schepenenschuldbrief, verleden op15 juni 1784 ten behoeve van Pieter Maaskant, onder verband van het voornoemde huis en erf (in margine: schuldbrief geroyeerd op 28 mei 1808) [Liste Civique van Dordrecht anno 1811 (archief 4 inv. 169, nr. 1786): Pieter Haassis, geboren 12 juni 1771, aubergiste.]

ORA Dordrecht inv. 842, f. 302v: op 1799 verkoopt Petrus Johannes van Steenbergen, procuratie hebbende van Johan Fredrik Noak. koopman te Rotterdam, aan Coenraad Meijer een huis en erf in Visstraat, belend door het pakhuis van Jacobus de Man en het huis van Coenraad Brand

ORA Dordrecht inv. 842, f. 328v: op 12 sept. 1799 verkoopt Gerritje de Goederen, weduwe van Albertus de Jager, wonende te Dordrecht, voor 620 gl. aan Pieter Schot, ten behoeve van diens beide minderjarige kinderen, Matje en Alida Schot, door hem verwekt bij zijn vrouw, Geertruij Bax, een huis voor aan de Kolfstraat, getekende C:1747, staande tussen het huis van Paulus Vermeer en dat van Willem Bax.

ORA Dordrecht inv. 843, f. 105v e.v.: op 12 febr. 1801 verkoopt Coenraad Meijer, wonende te Rotterdam aan Dirk Johannes Breetveld, goud- en zilversmid, een huis en erf in de Visstraat, belend doorhet pakhuis van De Man en het huis van de weduwe Janssen

ORA Dordrecht inv. 844, f. 163v e.v.: op 4 juli 1805 verkoopt Salomon Diodati, wonende te Dordrecht, als procuratie hebbende van zijn schoonvader, Hendrik van Lidt de Jeude, volgens procuratie gepasseerd voor notaris G. van Hasselt te Delft op 2 juni 1805, voor 2600 gl. aan Jan Smits Jz., wonende te Dordrecht, een huis op het Maartensgat, getekend A:117, staande tussen het huis van wijlen Cornelis Stratenus en het pakhuis van Adriaan Lacoste.

ORA Dordrecht inv. 844, f. 235v: op 25 febr. 1806 verkoopt Johannes Jansse, wonende Dordrecht, aan Pieter de Keukelaar, wonende alhier, een huis en erf in de Visstraat,getekend D:788,belend het pakhuis en erf van De Loos en dat van Dirk Johannes Breedveld, voor 975 gl. contant

ORA Dordrecht inv. 846, f. 495v e.v.: op de 6e van Zomermaand 1809 verklaarde Pieter Haassis, wonende te Dordrecht, schuldig te zijn aan Adriaan ’t Hooft Wszn. een somma van 1000 gl., daarvoor verbindende een huis en erf in de Visstraat, getekend D:787 en 733, belend door het huis van Elias Ketting en het huis van De Loos

ORA Dordrecht inv. 847, f. 57v e.v.: op 6 febr. 1810 verkoopt Teuntje van Dongen, weduwe en erfgename van Willem Bax, wonende te Dordrecht, voor 400 gl. aan haar behuwd broeder, Pieter Schot, wonende te Dordrecht, een huis in de Kolfstraat, getekend C:1746 en 1595, staande tussen de gang van Otto Johannes van Wageningen en het huis van de kinderen van de koper.