Schalken

I. Cornelis Schalcken, geboren naar schatting ca. 1610 te Heusden, predikant te Eethen en Drongelen, Made en Drimmelen en 1654-1674 rector van de Latijnse School te Dordrecht, overledenkort vóór 19 juni1674 (Gens Nostra 2009, p. 286) trouwde Aletta (Alida) Lydius, gedoopt NG Dordrecht febr. 1612, dochter van Balthasar Lidius en Anna Milius

Godfried Schalken, portret van zijn vader (1676)

“Een verloren gewaand portret van de vader van [de Dordtse] schilder Godfried Schalcken [1643-1706] dook onverwacht op en is sinds kort te zien [in het Wallraf-Richartz Museum in Keulen] …, naast een portret van [Aletta Lydius] de moeder van de schilder. Of dit werk ook in februari naar Nederland komt voor de tentoonstelling in Het Dordrechts Museum is nog onduidelijk. … Het portret van zijn vader … werd lange tijd verloren gewaand. Echter, een afbeelding van het schilderij in de tentoonstellingscatalogus bracht de eigenaren van het werk op het idee om contact op te nemen met [het museum in Keulen] en het portret in bruikleen aan te bieden. Navraag leert dat het schilderij in 1954 door een familielid van een Amsterdamse kunsthandelaar is gekocht. Na de dood van dit familielid is het bezit overgegaan op de huidige eigenaars, een Duits echtpaar, dat toevallig in de buurt van Keulen woont. [Schalcken schilderde het portret in 1676 als eerbetoon en herinnering aan zijn overleden vader.] (De Stem van Dordt 16 dec. 2015, p. 9)

“Rector [Cornelis Schalken] … heeft het niet gemakkelijk met zijn personeel, want de preceptoren Scirtenius … en Ipenborn respecteren hem in onvoldoende mate en erkennen zijn gezag niet. Hoewel de twee tegenover de curatoren beterschap beloven, komt daar weinig van terecht. Vooral met Scirtenius zouden rector en curatorium nog veel te stellen krijgen.” (C. Esseboom/N.L. Dodde, Minerva Dordracum, 750 jaar klassiek onderwijs in Dordrecht (1253-2003) [Dordrecht 2003], p. 193)

– 5 jan. 1671: Jacobus Lidius en Samuel Lidius, predikanten in resp. Dordrecht en Dubbeldam, Cornelius Schalckius, als man van Alida Lidius, samen fideïcommissionaire erfgenamen van Maria Cornelisdr. van der Hoop, in haar leven echtgenote van Cornelis Wens, enerzijds en Cornelia van der Mast, als weduwe van genoemde Cornelis Wens en nog als moeder en voogdes van haar onmondige kinderen, bij haar verwekt door Cornelis Wens, Willem Wens, mondige zoon en mede-erfgenaam van Cornelis Wens, en Bastiaen van der Leeuw, voogd van genoemde onmondige kinderen, burgeres en burgers van Dordrecht, anderzijds, verklaren met elkaar “geliquideert te hebben wegens soodanigen somme van [7500 gl.] … als … Maria Corn. van der Hoop za. onder titule van substitutie aen de voorn. eerste compten. gemaeckt … heeft gehadt”. Partijen verklaren voorts, dat zij gemeenschappelijk bezit houden de landen, ie gekomen zijn uit de boedel van wijlen Johannes Milius, gelegen in de Palts bij en in Dirmsteijn. (ONA Dordrecht inv. 232, f. 2)

– 19 juni 1674: extract in het weesboek ingeschreven uit het testament van Cornelius Schalken en diens vrouw Aletta Lidius, gepasseerd voor notaris C. van Bijwaert te Dordrecht op 1 mrt. 1666, waarin zij tot voogden over hun minderjarige erfgenamen hebben benoemd de langstlevende van hen beiden, alsmede Jacobus Lidius, predikant te Dordrecht, en Samuel Lidius, predikant te Dubbeldam. (Weeskamer Dordrecht inv. 26, f. 220)

– 13/15 juni 1680: Hendricus Lidius en Abrahamus de Leonardts, predikanten te resp. Maasdam en Dordrecht, als voogden over het weeskind van wijlen ds. Balthasar Schalcken. Johannes Schalcken, Godefridus Schalcken, Berbera Schalcken, Maria Schalcken en Aletta Schalcken, samen met hun broer Cornelis Schalcken erfgenamen van Jacobus Lidius, predikant te Dordrecht, en erfgenamen ab intestato van hun zuster Anna Schalcken, verlenen procuratie aan hun broer Cornelis Schalcken om te vorderen van Jan Cloens en zusters van diens vrouw de koopsom van de helft van het huis, genaamd “Oostenrijck”, staande naast de Munt [in de Voorstraat]. (ONA Dordrecht inv. 241, f. 135)

– 10 april 1681: Hendricus Lidius en Abrahamus de Leonardts, predikanten te resp. Maasdam en Dordrecht, als voogden over het weeskind van wijlen ds. Balthasar Schalcken. Johannes Schalcken, Godefridus Schalcken, Berbera Schalcken, Maria Schalcken en Aletta Schalcken, samen met hun broer Cornelis Schalcken erfgenamen van Jacobus Lidius, predikant te Dordrecht, en erfgenamen ab intestato van hun zuster Anna Schalcken, verlenen procuratie aan hun broer Cornelis Schalcken om te verkopen zekere obligatie ten laste van de Staten Generaal der Verenigde Nederlanden, “ten comptoire” van de ontvanger D’Ellemete, houdende in kapitaal 6000 gl., om te betalen aan Hermanus Amia, wonende te Amsterdam, hetgeen zij aan hem schuldig zijn.

– 3 mrt. 1682: Hendricus Lidius en Abrahamus de Leonardts, predikanten te resp. Maasdam en Dordrecht, als voogden van het weeskind van wijlen ds. Balthasar Schalcken, Godefridus Schalcken, Maria Schalcken en AlettaSchalckenverhuren aan Pieter Adriaensz. van der Wiel, wonende op de Oostendam, 7 morgen wei- en zaailand, gelegen in Oud-Rijderwaard voor 12 gl. 10 st. jaarlijks de morgen. (ONA Dordrecht inv. 242, f. 329)

– 7 okt. 1683: ds. Johannes Schalcken, predikant te Charlois, Godefridus Schalcken, burger van Dordrecht, Kornelis Schalcken, schout van Cromstrijen, Severijn van Bracht, koopmanen burger van Dordrecht,als man van Maria Schalcken, Barbera Schalcken, meerderjarige ongehuwde persoon, burgeres van Dordrecht, samen met Willem Verschoor, notaris te Charlois, als man van Aletta Schalcken, kinderen van Aletta Lidius en uit dien hoofde mede-erfgenamen van het weeskind van mr. Jacob Drabbe, in zijn leven schepen van Hulst, en van wijlenCatharina Lidius, verlenen procuratie aan hun zwager Willem Verschoor, om te vorderen al hetgeen hun toekomt in de nalatenschap van het voornoemde weeskind. (ONA Dordrecht inv. 243, f. 153)

Kinderen (volgorde deelsonzeker):

1.ds. Balthasar Schalcken, gedoopt NG Heusden 3 juli 1637, jongman (1674), NG predikant te Pernis, overleden ald. 16 aug. 1679 (zerk in de NH kerk te Pernis: zie De Nederlandsche Leeuw 1925, p. 217), trouwde NG Pernis 20 mrt. 1674 Maria van Marees, jonge dochter van Haarlem, wonende te Dordrecht (1674)

– 26 dec. 1674: een zwarte baar “tot” ds. Jacobus Lijdies voor Maria van Marees, de vrouw van ds. Balthasar Schalcke (begraafboek Grote Kerk Dordrecht)

Zoon:

a. Johan Schalcken, geboren naar schatting ca. 1675, woonde te Charlois

ONA Dordrecht inv. 290, f. 79: op 3 juni 1703 compareert voor schout en schepenen van Charlois Johannes Schalcken Balthasarsz., wonende te Charlois. Hij verleent procuratie aan zijn oom ds. Johannes Schalcken, predikant te Charlois, om te visiteren en te sluiten de rekening, gedaan door Pieter en Arnoldus Cloens, wonende te Dordrecht, wegens de administratie, die hun broer wijlen Johan Cloens heeft gehad over de fideïcommissionaire goederen van wijlen Aletta Govertsdr. van Marees.

ONA Dordrecht inv. 291, f. 345: op 2 nov. 1706 verleent Johan Schalcken, wonende te Charlois, enige zoon en erfgenaam van Maria van Marees, die een dochter en erfgename was van Josina Joije, procuratie aan Willem Faessen, ordinaris koopmansbode van Dordrecht op ‘s-Gravenhage, om in ontvangst te nemen van de bewindhebbers van de VOC (kamer Delft) de uitgifte van het jaar 1705 ter somma van 25 gl. per cento, en dat van een aandeel van 750 gl. kapitaal ten name van de kinderen van Josina Joije.

2. Anna Schalken, gedoopt NG Heusden 16 sept. 1638, ongehuwd

3. Godfried Schalken, geboren Made 1643, volgt II

4. Marija Schalcken, geboren naar schatting ca. 1650, jonge dochter van Dordrecht wonende bij de Boom(1682), schilderes van interieurs en landschappen, overleden tussen 23 febr. 1685 en 25 juli1700, trouwde NG Dordrecht/Papendrecht 26 juli/11 aug. 1682 (kapitein) Severijn van Bracht, gedoopt NG Dordrecht 11 jan. 1658, jongman van Dordrecht wonende in het Steegoversloot (1682), lakenkoper, koopman te Dordrecht (ORA Dordrecht inv. 869, f. 38v, akte dd 8 juni 1697), weduwnaar van Dordrecht wonende bij het Stadhuis (1700), zoon van Tieleman van Brachten Anna Schardinel, trouwde 2e Gerecht/NG Dordrecht 25 juli/19 aug. 1700 Catarina de Haen jonge dochter van Dordrechtwonende bij het Stadhuis (1700)

Maria Schalken, zelfportret

ONA Dordrecht inv. 243, f. 65: op 20 april 1683testeren Severijn van Bracht lakenkoper en zijn vrouw Maria Schalcken. Zij benoemen de langstlevende van hen beiden tot erfgenaam en voogd over hun minderjarige erfgenamen. Als hij de langstlevende is moet hij aan hun kind, als er maar één in leven is, een somma van 1000 gl. en al de juwelen, goud, zilverwerk en kleren van de testatrice uitreiken. Indien er meer kinderen in leven zijn, moet hij onder hen allen een bedrag van 1500 gl. en al de juwelen etc. van de testatrice uitreiken. Indien de testatrice zonder kinderen na te laten komt te overlijden, moet de testateur aan haar zusters Barbara en Aletta Schalcken of de langstlevende van bieden al haar kleren uitreiken.

Kinderen (beiden NG gedoopt te Dordrecht):

4-1. Anna van Bragt, 17 mei 1683

4-2. Cornelis van Bragt, 23 febr. 1685

5. Barbara Schalcken, ongehuwd

ONA Rotterdam inv. 1577, akte 53: op 11 juni 1709 testeert ten overstaan van notaris Johan ten Bergh te Rotterdam Barbara Schalcke, “bejaerde ongetroude dogter”, wonende ten huize van ds. Johannis Schalke, predikant te Charlois. Legaten voor haar broer, ds. Johannis Schalke, haar nicht Aletta Schalke en haar nicht Petronella Schalke. Tot erfgenamen van al haar overige na te laten goederen benoemt zij haar broer, ds. Johannis Schalke, of bij vooroverlijden diens kinderen, voor een vijfde part, Johan Schalke, zoon van haar overleden broer Balthasar Schalke, in zijn leven predikant te Pernis, voor een vijfde part, Francoisa Schalke, dochter van haar overleden broer Godefridus Schalke, voor een vijfde part, de kinderen van haar overleden broer Cornelis Schalke, in zijn leven schout en rentmeester van Cromstrijen, voor een vijfde part, en de kinderen van haar overleden zuster Aletta Schalke, weduwe van Willem [Jacobsz.] Verschoor, voor een vijfde part. Tot voogden over haar minderjarige erfgenamen en tot administrateurs van haar boedel benoemt de testatrice haar broer Johannis Schalke en haar neef Johan Schalke Balthasarsz.

6. ds. Johannis Schalke, NG predikant te Charlois

7. Cornelis Schalke, schout en rentmeester van Cromstrijen

8. Aletta Schalke, gedoopt NG Dordrecht 1654, overleden ca. 1699,trouwde NG Charlois 12 sept. 1683 Willem Jacobsz. Verschoor, gedoopt NG Rotterdam 4 sept. 1662, jongman van Charlois (1683), in 1681 klerk bij notaris Dirk Meesters te Rotterdam, notaris en procureur te Charlois, rentmeester van de grondheerlijkheid Charlois, schout, secretaris en rentmeester van de ambachts- en grondheerlijkheid Katendrecht, begraven in de NH kerk van Charlois (hoogkoor) op 13 dec. 1696, zoon van Jacob Willemsz. Verschoor en Aeltje Cornelisdr. Mol

ONA Rotterdam inv. 975, f. 195: op 16 juni 1684 testeren voor notaris G. van Gesel te Rotterdam Willem Verschoor, notaris en procureur, wonende te Charlois, en zijn vrouw Aletta Schalken. De eerststervende van hen beiden maakt een legaat aan de Diaconiearmen van Charlois en aan de zusters van Aletta, genaamd Barbara en Maria Schalken. De eerststervende benoemt de langstlevende van hen beiden tot universeel erfgenaam.

(Zie De Nederlandsche Leeuw 1974, kol 325-326)

II.Godfried Schalcken, geboren Made 1643, kunstschilder, overleden Den Haag 16 nov. 1706, trouwde NG Dordrecht 15/31 okt. 1679 Francoise van Diemen, geboren naar schatting ca. 1645, vermoedelijk te Breda,dochter van Christoffel van Diemen en Cornelia Beens (dochter van Laurens Cornelis Fransz. Beens en Cornelia Peetersdr. de Ras)

NG trouwboek Dordrecht 15 okt. 1679: Godefridus Schalcke jongman van Made wonende op de Boom en Francoise van Diemen jonge dochter van Breda wonende bij de Nieuwbrug, getrouwd op 31 okt. 1679

– 15 febr. 1681: Godefridus Schalcken, “gerenomeert” schilder, en zijn vrouw Francoise van Diemen, verlenen procuratie aan Paulus Rutter, notaris te Geertruidenberg, om te vorderen van de koper van een huis in de Hallstraat in Breda hetgeen hij aan hen schuldig is. (ONA Dordrecht inv. 242, f. 23)

– 2 dec. 1682: Ulrich Bongardt en Godefridus Schalcken, burgers van Dordrecht, samen eigenaars van een buiten Dordrecht gelegen tuin, liggende in het pad tussen de weg van de Vriesepoort en het Meepaadje, belend door de tuin van Sander de Bont aan de ene zijde en die van juffrouw Ouwseel aan de andere, welke tuin zij hebben gekocht van Thomas Jansz. van der Blieck, verklaren, dat zij de tuin in tweeën hebben gedeeld en de twee delen hebben gescheiden door een heining. (ONA Dordrecht inv. 242, f. 258)

– 23 nov. 1682: Godefridus Schalcken en Severijn van Bracht, burgers van Dordrecht, verklaren zich borg te stellen voor de erfgenamen van Jacobus Lidius, predikant te Dordrecht, die administerend voogd was van de kinderen van JanGovertsz. van Marees en Josina Joije, en dat voor een somma van 100 gl. met de daarop verlopen interest, die de erfgenamen door Cornelis Schalcken zullen komen te ontvangen van Jan Laurensz. Blom, burger te Haarlem. (ONA Dordrecht inv. 242, f. 456)

– 31 dec. 1682: Helman van de Heuvel, koopman te Rotterdam, enige zoon en erfgenaam van Gerrit van de Heuvel, verkoopt voor 2024 gl. contant geld aan Godefridus Schalcken, burger van Dordrecht, een huis in de Wijnstraat tegenover de Schrijversstraat, staande tussen het huis van Gijsbert van de Kemp en dat van de erfgenamen van Jan Joosten Filiboort. (ORA Dordrecht inv. 792, f. 154v e.v.)

– 1 dec. 1685: Godefridus Schalcken, “expert constich schilder”, en zijn vrouw Fransoijse van Diemen, wonende te Dordrecht, verlenen procuratie aan Adriaen Beens, secretaris te Ginneken in de Baronie van Breda, hun neef, om aan de koper [die niet met naam en toenaam in deze akte wordt vermeld] te transporteren ongeveer één bunder land aldaar, welke Fransoijse van Diemen is aanbedeeld uit de nalatenschap van haar grootmoeder Cornelia de Ras, weduwe van Laurens Beens. De kooppenningen bedragen 610 gl. (ONA Dordrecht inv. 171, f. 459)

– 8 juni 1697: Severijn van Bragt, koopman te Dordrecht, als procuratie hebbende van Godefridus Schalcken, verkoopt voor 500 gl. contantaan Pieter Willemsz. Roobol, “warmoesier binnen Dordrecht”, een tuin, gelegen op grond van [de ambachtsheerlijkheid] de Merwede buiten Dordrecht in het Peronnepaadje tussen de kruisweg van de Vriesepoort en de kruisweg van de St. Jorispoort, belend door de tuin van Paulus van Hoven aan de ene zijde en de tuin van Sander de Bond aan de andere zijde. (ORA Dordrecht inv. 869, f. 38v)

– 25 mrt. 1699: Godefridus Schalcken, mr. kunstschilder wonende in Den Haag, herroept de procuratie, die hij op 1 april 1692 heeft verleend aan Severijn van Bragt, koopman te Dordrecht, en verleent nu procuratie aan Michiel de Man, preceptor in de Latijnse School van Dordrecht, om in ontvangst te nemen van Dirck Baen de huurpenningen van elf en een halve morgen land in Brandwijk en het huis, dat erop staat, alsmede van Arien Pietersz., de tegenwoordige huurder van dat land en huis, de huurpenningen, die aan hem, comparant, schuldig is, en tenslotte van Gerrit van Bochum de huurpenningen van zijn, comparants, huis, staande in de Wijnstraat. (ONA Dordrecht inv. 264, f. 225)

– 25 mrt. 1699: Godefridus Schalcken, mr. kunstschilder wonende in Den Haag, diens echtgenote Francoise van Diemen, enig kind van Cornelia Beens, Isaack Broeders, koopman te Dordrecht, diens vrouw Anna Beens, en Anna Cornelia Beens, echtgenote van Michiel de Man, preceptor in de Latijnse School te Dordrecht, kinderen van Johanna Tack, laatst weduwe van Cornelis de Ras en eerder van Cornelis Beens, allen overleden te Dordrecht, verklaren, dat zij, samen met Wilhlema Sgraeuwen, weduwe van Wouter te Haghhuijsen, die als zijn eerste vrouw gehad heeft Maria Beens, van wie hij erfgenaam is geweest, wonende te Breda, in eigendom gehad hebben 6 en 3 kwartier bunders land in de jurisdictie van Niervaart, van welk land Schalcken eigenaar was van 3 bunders, de heren Broeders en De Man 2 bunders en Wilhelma Sgrauwen de resterende 1 en een kwartier bunder. De heer De Man heeft de hele partij land op 14 mrt. 1699 voor 560 gl. verkocht, welke transactie de overige comparanten thans goedkeuren. (ONA Dordrecht inv. 264, f. 226)

– 11 juli 1720: Jan Kluijt, burger van Dordrecht, als procuratie hebbende van Francina van Diemen, weduwe van Godefridus Schalcken, kunstschilder in Den Haag, volgens procuratie gepasseerd voor notaris J. Tinge te Den Haag op 6 juli 1720, verkoopt voor 1225 gl. aan zijn zoon Willem Kluijt, apotheker te Dordrecht, een huis in de Wijnstraat tegenover de Schrijversstraat, staande tussen het huis van Gijsbert van de Kemp en dat van de erfgenamen van Jan Joosten Vileboort. (ORA Dordrecht inv. 1649, f. 38v)

Francoise van Diemen, geportretteerd door haar man.

Zelfportret van Godfried Schalcken (1694)