Dermoeijen

I. Fransois Fransz. Dermoeije (Dermoije, Dermoijs, Dermeieijn), geboren ca. 1581, van Middelburg wonende in het Vleeshouwersstraatje (1611), weduwnaar van Middelburg wonende in het Vleeshouwersstraatje in het midden (1613), glazenmaker, deurwaarder van de gemenelandsmiddelen (1637), overleden in of na 1637,trouwde 1e NG Dordrecht 18 dec. 1611/8 jan. 1612 Anneken Aert Adriaensdr., van Dordrecht wonende in het Vleeshouwersstraatje naast “het Wapen van Luijc”, 2e NG Dordrecht 21 april/7 mei 1613 Neelken Cornelis Pauwelsdr., van Dordrecht wonende bij Tomas Jacopsen [Cotermans] bij de Lombardbrug (1613)
– 1622 (kohier van het hoofdgeld van Dordrecht): Franchoijs Dermoeijen, zijn vrouw en vier kinderen: vier ponden (RAD, archief nr. 3, inv. 3974, f. 202v)
– 15 mei 1637: verklaring door Franchoijs der Moeijen, ongeveer 56 jaar oud, deurwaarder van de gemenelandsmiddelen. (ONA Dordrecht inv. 81, f. 47)
Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht)
Ex 1:
a. Fransois, dec. 1612, jong overleden
Ex 2:
b. Cornelis Dermoeij, mei 1614, trouwde Josijntje Jans
ORA Dordrecht inv. 1624, f. 34v: op 25 juli 1672 verkopen Cornelis Dermoeijen en Adriaen den Broeder, als voogden over de kinderen van Willem Pasman en Anneken Henricx, beiden overleden, voor 2600 gl. aan Abraham Heijblom, apotheker en burger van Dordrecht, een huis in de Wijnstraat, staande tussen het huis van Aelbert Kuijp en de Hengstensteiger of de Kleine Kraan.
ORA Dordrecht inv. 1629, f. 109v e.v.: op 12 sept. 1684 verklaren Franchois, Johannes, Cornelia en Machtelt Dermoeijen, kinderen en erfgenamen van Cornelis Dermoeijen en Josijntgen Jans, wonende te Dordrecht, dat zij onderling verdeeld hebben de goederen, die hun ouders hebben nagelaten, waarbij aan Johannes Dermoeijen toebedeeld is een huis in de Visstraat tegenover de ingang van het Gasthuis, in welk huis hun ouders tot aan hun overlijden gewoond hebben, staande tussen het pakhuis en rookhuis van de erfgenamen van Gerardt van Duijnen en het huis, genaamd “de El”, dat toebehoort aan de Doopsgezinde gemeente.
Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):
b-1. Cornelia Dermoeij, 1 juli 1639
b-2. Francois Dermoeij, 18 okt. 1642
b-3. Johannes Dermoeij, geboren naar schatting ca. 1645
b-4. Pieternel, 25 juli 1646
b-5. Gerridt, 14 okt. 1648
b-6. Machtelt Dermoeij, 30 aug. 1653
c. Susanna, sept. 1615
d. Willem Fransz. Dermoeij, april 1617, volgt II
e. Francois, sept. 1618
f. Maeijken, febr. 1622
g. Lijsbeth, juli 1628
II. Willem Fransz. Dermoeij, gedoopt NG Dordrecht april 1617, jongman van Dordrecht wonende in de Visstraat (1642), schiptimmerman (1642), viskoper (1652), azijnmaker (1660),overleden ca. 1661, trouwde NG Dordrecht 18 mei 1642 (ondertrouw) Burgje Teunis Jansdr. (de Leutering), geboren naar schatting ca. 1615, van Dordrechtwonende in het Weeshuisstraatje (1642), overleden in of na 1701, dochter van Teunis Jansz. (Leutering), zeilmaker te Dordrecht, en Marike Adriaen Leenaertsdr.
ORA Dordrecht inv. 776, f. 22: op 23 mei 1647 verkoopt Balten Salibos aan Jan Thonisz. Loteringh, burger van Dordrecht een huis in de Wijngaardstraat. De koper is schuldig aan verkoper een bedrag van 500 gl. Borg: Willem Fransz. Dermoeijen, schiptimmerman en burger van Dordrecht.
Begraafboek Grote Kerk Dordrecht 27 juli 1647: een kind onder de arm van Willem Fransz. Der Moeijen in de Augustijnenkamp.
ORA Dordrecht inv. 778, f. 108: op 16 mei 1652 verkoopt Willem Fransz. Dermoeije viskoper aan Jacob Adriaensz. Turck, schipper te Dordrecht, een huis in de Breestraat omtrent de brug, staande tussen het huis van de erfgenamen van Anna van Landschoth en dat van Jan Cornelisz. bakker.
Begraafboek Grote Kerk Dordrecht 12 jan. 1653: een kind onder de arm van Willem Fransz. Dermoeijen viskoper in de Weeshuisstraat.
ORA Dordrecht inv. 779, f. 103v e.v.: op 16 mei 1654 verkoopt Dirck van Herwijnen, door de weesmeesters van Dordrecht gemachtigd tot de verkoop van het hierna beschreven huis van Gijsbert van Dalen, voor 700 gl. (tebetalen alle jaren met 100 gl.)aan Willem Fransz. Dermoeijen viskoper een huis in de Willem Oskensstraat [Weeshuisstraat], staande naast het huis van Herman Govertsz. kleermaker, en een wijnkelder met erf en toebehoren in het Mazelaarsstraatje [Zakkendragersstraat] naasthet huis van Anneken Reijniers, uitkomende met een gang onder het huis van Herman Govertsz. kleermaker in de Willem Oskensstraat. In margine: compareert Burghjen Teunis, weduwe van Willem Fransz. Dermoeijen en toont de originele brief, waarbij blijkt, dat de schuld volledig is voldaan. Schuldbrief derhalve geroyeerd op 20 juni 1675.
ORA Dordrecht inv. 782, f. 132v e.v.: op 14 sept. 1660 bekent Willem Fransz. Der Moeijen, azijnmaker en burger van Dordrecht, schuldig te zijn aan Anneken Jansdr. een somma van 600 gl. wegens geleende penningen, af te lossen met 200 gl. per jaar, daarvoor verbindende zijn huis in de Weeshuisstraat, genaamd “de Mosterpot”, staande tussen het huis van Jan Abrahamsz. kuiperen dat van de erfgenamen van Marijken Rommers.
Weeskamer Dordrecht inv. 24, f. 171v: op 11 jan. 1662 ingeschreven in het weesboek een extract van het testament van Willem Fransz. Dermoeijen en zijn vrouw Burchgien Teunis, gepasseerd op 16 aug. 1645 voor D. Eelbo, notaris te Dordrecht. Gecollationeerd op 3 jan. 1662.
ORA Dordrecht inv. 789, f. 39 e.v.: op 20 juni 1675 bekent Burghje Teunis, weduwe en erfgename van Willem Fransz. Dermoeijen viskoper, schuldig te zijn aan Anna de Meijer, weduwe van Isaack Crassen, een bedrag van 400 gl. wegens geleende penningen, verbindende een huis in het Weeshuisstraatje, staande tussen het huis van de weduwe van Herman Goverts kleermakeren dat van de kinderen van Hans Verhagen.
– 23 aug. 1687: Burchtgen Theunis, weduwe van Willem Dermoeijen, en Ida Bordels, echtgenote van Johannes Rens, stellen zich borg voor Johannes Rens en Theunis Dermoeijen, resp. hun man en zoon, “wegens zoodanigen pacht van fruijt, als d’selve Rens ende Dermoeijen, van dese stadt wegen hebben gepacht ende aengenoome voor den tijt ende termijn van drije achtereenvolgende jaeren”. Burgje Theunis tekent met een merk, Ida Bordels met haar naam. (ONA Dordrecht inv. 548)
– 13 jan. 1701: comp. voor notaris S. de Moraaz Burgie Teunis, weduwe van Willem Fransz. der Moeije. Zij benoemt tot voogdes over haar minderjarige erfgenamen haar schoondochter Metje van Outheusden, weduwe van haar zoon Teunis Dermoeijen. Tekent met een merk. (ONA Dordrecht inv. 640, akte 6, f. 15 e.v.)
Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):
a. Maeijken, 21 juli 1645, jong overleden
b. Theunis Dermoeij, 24 aug. 1648, volgt III
c. Francoeijs Dermoeij, 2 mrt. 1650, trouwde Antonia van Asperen
ORA Dordrecht inv. 1634 (nieuw), f. 166 e..v.: op 11 nov. 1694 verkopen Anthonij Dormaal, als man van Catarina van Asperen, Willem van Coeverden, als man van Janna van Asperen, voor zichzelf en tevens vervangende Otto van Asperen, die in Oost-Indië verblijft, en Antonia van Asperen, weduwe van Francois Dermoeij, wonende te Middelharnis, samen kinderen en mede-erfgenamen van Stijntje Teunisdr. Rijcken, weduwe van Jan Otto van Asperen, voor 1200 gl. aan Johannes Sterck, burger van Dordrecht, als man van Maeijcken van Asperen, mede dochter en erfgename van Stijntje Teunisdr. Rijcken, vier vijfde parten van een huis op de Groenmarkt aan de havenzijde, staande tussen het huis van de weduwe van Jacob van der Wel en dat van Jillis Jansz. [sic] kaaskoper.
d. Johannes, 5 juni 1652
e. Willem Willemsz. Dermoeijen, 25 mrt. 1654, schippersgezel
ORA Dordrecht inv. 1625, f. 135v e.v.: op 26 nov. 1676 verkoopt notaris Samuel van der Heijden, als procuratie hebbende van Paulus van der Heijden, wonende te Amsterdam, voor 2100 gl. aan Willem Willemsz. Dermoeijen, schippersgezel en burger van Dordrecht, een huis in de Voorstraat tegenover de Munt, staande tussen het huis van Pieter Cras en dat van Pieter Gonné. De koper is schuldig aan de verkoper een somma van 1400 gl.
f. Maeijken, 31 jan. 1657
III. Theunis Dermoeij, gedoopt NG Dordrecht 24 aug. 1648, jongman wonende in de Weeshuisstraat, trouwde NG Dordrecht Metje van Outheusden, jonge dochter wonende in de Visstraat, begraven Dordrecht (Nieuwkerk) 5 okt. 1712 (Mettie Dermoeij in de Weeshuisstraat), dochter van Aert Heijmansz, van Outheusden en Ida Bordels
– 4 febr. 1699: Teunis Dermoeij en Metje van Oudheusden, echtelieden, beiden gezond, testeren ten overstaan van notaris J. de Jongh te Dordrecht. Zij benoemen de langstlevende van hen beiden tot universeel erfgenaam en tot voogd, welke langstlevende gehouden zal zijn aan hun drie jongste kinderen, nl. Margrita, Francois en Stoffel Der Moeije, samen een bedrag van 1000 gl. uit te keren. Zij verklaren, dat “dewijle haer oudste soon Willem Dermoeije [door de burgemeesters ofwel de thesaurier van Dordrecht] … is gegratificeert met een ballast slijkschuijt, ende dat sij testateuren ter dier oorsaake meerder hebben gesussisteert als aen d’ander sijde is geassigneert, dat in plaetse van uijtreijkinge aen den selven, sij … de albereijts verstreckte penningen ter saecke voorsz. aen hem assigneeren voor sijn portie in de nalatenschap van de eerststervende, ende dat … Willem deselve penningen niet gehouden sal sijn, inden gemeenen boedel in cas van deelinge in te brengen”. Akte door beiden ondertekend.(ONA Dordrecht inv. 593, akte 16,f. 477 e.v.)
ONA Dordrecht inv. 675, f. 194 e.v.: op 24 juli 1713 verkopen Willem Dermoeij, Frans Dermoeij, Christofffel Dermoeij en Jacob Quinting, man van Johanna Margareta Dermoeij, kinderen en erfgenamen van wijlen Metje van Outheusden, weduwe van Teunis Dermoeij, aan Aernout Wijnties, mr.-bakker te Dordrecht, drie naast elkaar staande huisjes, met een stuk erf achter één van die huisjes, ter breedte van 6 1/2 voet “en diepte volgens afteeckeninge op de gront gemaeckt”, staande en gelegen in het Weeshuisstraatje tussen het huis van de erfgenamen van Michiel van Aensorgh en het huis van Jan Gardenier. De koopsom bedraagt 1000 gl., waarvan de koper zes maanden na de overdracht 200 gl. zal betalen.
ONA Dordrecht inv. 675, f. 196 e.v.: op16 dec.1713 verkopen bovengenoemde verkopers voor 140 gl. aan Jan Bossi een pakhuis, staande in het Mazelaarsstraatje tussen het huis van de erfgenamen van Michiel van Aensorgh en het huis van Catharina de Roo.
ORA Dordrecht inv. 809, f. 78v: op 11 jan. 1714 transporteren bovengenoemde erfgenamen aan Johannes Bossij, kuiper en burger van Dordrecht, een pakhuis in het Mazelaarsstraatje, hebbende een vrije uitgang in het Weeshuisstraatje en staande tussen het huis van Jan Schuttel en dat van Catarina de Roo.
ORA Dordrecht inv. 809, f. 97 e.v.: op12 april 1714compareren Heijman van Outheusden, Jacob Quinting, meester-zilversmid te Dordrecht, getrouwd met Johanna Margrita Dermoeij, als last en procuratie hebbende van Willem Dermoeij, volgens procuratie gepasseerd voor notaris S. de Moraaz te Dordrecht op 10 april 1714 en procuratie hebbende van Jan van Outheusden, volgens procuratie gepasseerd voor de Dordtse notaris P. van Son op 31 dec. 1712 en Frans Dermoeij en Stoffel Dermoeij, allen kinderen en kleinkinderen van IJda Bordels, in haar leven weduwe van Jan Rens. Comparanten transporteren aan Govert Gravendijk, commandant van de “stads slikschuijten” en viskoper te Dordrecht een huis in de Visstraat, staande tussen het huis van de weduwe van Antonij van Dooren en het huis bewoond door Joghem Vreempt. Gravendijk betaalde voor het huis 720 gl. contant. Hij verkocht het tien jaar later aan de hoedenmaker Matthijs van der Vloet.
Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):
a. Wilhelm Dermoeij, 20 dec. 1683
b. Johanna Margrietje Dermoeij, 19 nov. 1685, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 21 dec. 1740 (Johanna Margareta der Moeij, de vrouw van Jacob Quinting, in de Voorstraat bij de Beurs, met gewone koetsen), trouwde Jacob Quinting
c. Franssoijs Dermoeij, 31 mrt. 1687, jongman van Dordrecht wonende in het Weeshuisstraatje (1711), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 8 mrt. 1711 (de bruidegom geassisteerd met zijn moeder) Dijna Naijen, jonge dochter geboortig van Andel (1711)
Kinderen (allen NG gedoopt in Dordrecht):
c-1. Teunis, 30 dec. 1711
c-2. Dirk der Moeij, 7 april 1714, jongman van Dordrecht wonende bij de Boomstraat (1746), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 9 april/8 mei 1746 (de geboden gaan in de Waalse kerk; de bruidegom geassisteerd met zijn vader Francois der Moeij*) Cornelia Verster, jonge dochter van Dordrecht wonende bij de Boomstraat (1746)
* “Alsoo de ouders van de bruijd met naame de Heer Adrianus Verster en juffrouw Cornelia Rees, weijgerden te consenteeren in het voorz. voorgenoomene huwelijk van haar dogter, dewelke over de 23 jaaren oud is, soo zijn deselve ingevolge het 3e art. vande Politique Ordonnantie, op heden door de Camerb. daar van kennisse gegeven ende geïnsinueert. Dewijle de voorn. ouders niet zijn opgekomen nogte eenige wettige redenen hebben ingebragt, soo zijn de voorn. persoonen alhier getrout op den 8e meij 1746 … in de France kerk”.
c-3. Metje, 7 april 1720
c-4. Adriana Dermoeij, 12 febr. 1723, begraven Dordrecht (Nieuwkerk) 7 juli 1763 (Adriana Dermoeij, dochter van Fransois Dermoeij, bij het Melkpoortje, met drie koetsen extra)
c-5. Antonia Dermoeij, 10 juni 1725, begraven Dordrecht (Nieuwkerk) 6 juli 1725 (het kind van Frans Dermoeij, genaamd Anthonia, op de Voorstraat, in de kerk begraven, beide ouders leven)
c-6. Antonij Dermoeij, 21 aug. 1729
ORA Dordrecht inv. 1665, f. 25v: op 1 mei 1766 verkoopt Cornelis Tukkers, burger van Dordrecht, voor 85 gl. aan Antonij Dermoeij, koopman te Dordrecht, een huisje in de Nieuwkerkstraat, staande tussen het huis van de koper en het huis van P. Nieuwenhuijse.
c-7. Johanna Margrita Dermoeij, 8 juni 1736, jonge dochter van Dordrecht en daar wonende (1766), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 13 nov. 1766 (ondertrouw, volgens attestatie van ondertrouw van Aalburg, 30 nov. 1766 attestatie gegeven) ds. Franciscus Sterk, jongman (1766), predikant te Aalburg en Heesbeen
d. Stoffel, 26 april 1689, jong overleden
e. Christoffel (Stoffel) Dermoeij, 15 mrt. 1690
f. Burgje, 1 juni 1691, jong overleden