Nakomelingen van Blasius van Haarlem

Gebruikte literatuur:

M. Balen, Beschryvinge der stad Dordrecht, 2 delen (Dordrecht 1677)

H. A. van Duinen, C. Esseboom, I. Dewald (red.), Water wordt een feest zodra het bij de brouwer is geweest. Dordtse brouwerijen door de eeuwen heen. (Dordrecht 2007)

I. Blasius van Haerlem Blasiusz., gedoopt NG Dordrecht aug. 1602, van Dordrecht (1625), weduwnaar van Dordrecht (1629, 1639), wonende in het Steegoversloot (1637), klerk ter Weeskamer Dordrecht, penningmeester van Bonaventura (1629), raad van Dordrecht 1642-1666, secretaris van de Weeskamer ald. 1650-1666, waarsman van Nieuw-Boventura (ONA Dordrechtinv. 268,f. 41, akte dd 19 nov. 1660),zoon van Blasius van Haerlem en Jannette (niet: Anthonia) Jacobsdr. van Absou, trouwde 1e NG Dordrecht 12 jan. 1625 (bescheid gegeven om op Puttershoek te trouwen 26 jan. 1625) Margaretha van den Steen Emanuelsdr., van Dordrecht (1625), dochter van Emanuel van den Steen en Elisabeth van Driel, 2e NG Dordrecht 14 jan./6 febr. 1629 Geertruijd van den Honaert Thomasdr., van Dordrecht (1629), 3e NG Dordrecht 2/18 aug. 1637 Helena van den Honert (van den Honaert) Dirksdr., geboren naar schatting ca. 1610, van Dordrecht en wonende in het Steegoversloot (1637), dochter van Dirk van den Honert Pietersz. en Geertruyd van Nuyssenburg (laatstgenoemde stamde af van Karel de Grote [zie Gens Nostra 1990, p. 455-456])

1626: Blasius van Haerlem de jonge, wonende in de Voorstraat bij de Nieuwstraat, wordt in de 1000e penning van Dordrecht aangeslagen voor een vermogen van 4000 gl. (f. 92)

7 jan. 1626: Blasius van Haerlem de jonge, als procuratie hebbende van Elijsabeth van Driel, weduwe van Emanuel van den Steen, zijn schoonmoeder, volgens akte, gepasseerd voor notaris S. van de Graeff, verkoopt voor 1000 gl. aan Pieter Jacobsz., wielmaker en burger van Dordrecht, een huis in de Steenstraat, staande tussen het huis van genoemde Elisabeth van Driel en dat van Jan Teller. (ORA Dordrecht inv. 766, f. 1v)

12 nov. 1626: Blasius van Haerlem de jonge verkoopt aan Pieter Dircxsz. Tegelbergh een huis voor het Bagijnhof, staande tussen het huis van Balten Cornelisz. van Alblas en het huis “ofte verwerie” van Hugo van Berckel. Waarborg: Blasius van Haerlem de oude. (ORA Dordrecht inv. 766, f. 55v)

ONA Dordrecht inv. 268, f. 45 e.v.: insinuatie dd 20 nov. 1660 van notaris Hugo van Dijck aan de erfgenamen van kapitein Abraham van Nuijssenburch, tavernier in de St. Jorisdoelen. Hij zal van Adriana Maurits de la Ruee, weduwe van Abraham van Nuijssenburch, vorderen betaling van zekere somma van penningen, die de boedel van Van Nuijssenburch schuldig is aan Blasius van Haerlem de oude.

ONA Dordrecht inv. 276, f. 388 e.v.: op 19 mei 1677 comp. voor notaris H. van Dijck te Dordrecht Maria van Slingelant, weduwe van Pieter van Haerlem, Jacob van Haerlem, pondgaarder te Dordrecht, voor zichzelf en tevens als voogd van Helena van Haerlem, en Johannes van Haerlem, apotheker te Dordrecht, tevens vervangende hun broer Herman van Haerlem, alle kinderen en erfgenamen van Blasius van Haerlem. Zij verkopen voor 350 gl. aan Maerten Sandersz., marktschipper van Dordrecht op ‘s-Hertogenbosch, de eigendom van zekere rentebrief ten laste van de Staten van Brabant.

ORA Dordrecht inv. 1629. f 30v e.v.: op 10 juli 1683 verkopen mr. Thomas de Vries, advocaat voor de Hoven van Justitie in Holland, als man van Maria van Slingelandt, en nog als procuratie hebbende van Treurniet Loijmans en Cornelis Turckens, als man van Maria Loijmans, volgens procuratie gepasseerd voor notaris L. Does te Bergen op Zoom op 22 april 1682, en nog als gemachtigde van Maria Treurniet, weduwe Blasius van Haarlem de oude, alsmede van Willem van Slingelandt, zoon van wijlen de postmeester Cornelis van Slingelandt, en Jacobus Casteleijn, als voogd over het weeskind van wijlen Adriaen van Slingelant, allen erfgenamen van Cornelis Adriaensz. Treurniet, voor 2160 gl. aan Sara van der Poel, weduwe van Anthonij Terwe, een huisbij de Nieuwbrug, staande tussen het huis van Willem van Burick en dat vande weduwe van Frans Matthijsz.

Kinderen uit alle drie bovengenoemde huwelijken.

Kinderen ex 3 (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Dirk van Haerlem, geboren naar schatting ca. 1638, secretaris van de Weeskamer te Dordrecht (ONA Dordrecht inv. 242, f. 271 e.v), ongehuwd gestorven

a. Geertruijt van Haerlem, dec. 1640

b. Pieter van Haerlem, 12 jan. 1643, volgt IIa

c. Thomas van Haerlem, 6 jan. 1645

d. Jacob van Haerlem, 2 mei 1646, vermoedelijk jong overleden

e. Hermen van Haerlem, aug. 1647, ging in 1675 met het schip “’t Huijs te Merwede” naar Indië, ongehuwd gestorven

f. Jacob van Haerlem, 14 okt. 1648, pondgaarder, trouwde 25 nov. 1674 Adriana van Ardenne

Kinderen:

f-1. Blasius, gedoopt NG Dordrecht 8 dec. 1675

f-2. Cornelia, gedoopt NG Dordrecht 30 juni 1677

ONA Dordrecht inv. 236, f. 271 e.v.: op 28 aug. 1675 testeert Cornelia Doen, weduwe van Joost van Ardenne, wonende te Gouda. Zij benoemt tot haar universele erfgename haar dochter Adriana van Ardenne, echtgenote van Jacob van Haerlem, pondgaarder te Dordrecht.

ONA Dordrecht inv. 281, f. 187 e.v.: op 2 okt. 1686 testeert Anna van der Werff, vrouw van Johan Verdoen, zijdelakenkoper te Dordrecht. Zij benoemt tot voogden over haar minderjarige kinderen haar man en haar neven Jacob van Haerlem en Adriaen van Buijren.

ONA Dordrecht inv. 283, f. 65 e.v.: op 6 april 1690 verklaart Anna van der Werff, vrouw van Johan Wier, koopman te Dordrecht, tot voogden over haar minderjarige kinderen te benoemen haar man, alsmede Pieter van der Werff, Adriaen van Buijren en Jacob van Haerlem, kooplieden te Dordrecht, resp. haar broer en neven.

ORA Dordrecht inv. 1634, 91v: op 25 mrt. 1694 verkoopt Jan de Bets, notaris te Dordrecht, als gemachtigde van het Gerecht van Dordrecht, voor 5550 gl. aan Jacob van Haerlem, pondgaarder te Dordrecht, een pakhuis, nieuw huis en wijnkelder, staande op de Kalkhaven tussen het pakhuis en de kelder van de weduwevan Anthonij Buijs en de achteruitgang van de herberg “den Engel”.

ORA Dordrecht inv. 1643, f. 81v: op 18 febr. 1710 verkoopt Adriaan van Buuren, als executeur-testamentair en voogd over de minderjarige erfgenamen van Adriana van Ardenne, weduwe van Jacob van Haarlem, koopman te Dordrecht, en tevens als procuratie hebbende van Anna van der Werf, echtgenote van kapitein Jan Wiers, vervangende haar twee voorzonen Pieter en Adriaen Verdoen, wonende in Ierland, en Geertruij Verdoen, meerderjarige ongehuwde persoon, en Gerard Seelen, voor zichzelf en als man van Elisabet Verdoen, allen mede-erfgenamen van Adriana van Ardenne, voor 3800 gl. aan Jan van Oirschot eenhuis op de Kalkhaven, staande tussen het pakhuis van Jan van Dorren en de gang, waarmee Anthonij van Asperen “agter uijtkomt”.

g. Jan van Haerlem, 18 mrt. 1650, volgt IIb

h. Cornelia van Haerlem, 18 okt. 1652

i. Helena van Haerlem, 14 aug. 1654, ongehuwd gestorven

IIa. Pieter van Haerlem heer Blasiusz., gedoopt NG Dordrecht 12 jan. 1643, jongman van Dordrecht, wonende in het Steegoversloot (1664), trouwde NG Dordrecht 10/26 febr. 1664 Maria van Slingeland Cornelisdr., gedoopt NG Dordrecht juli 1644, jonge dochter van Dordrecht, wonende in de Houttuin (1664), weduwe van Dordrecht (1677),dochter van Cornelis Sijbertsz. van Slingeland en Elisabeth Cornelisdr. Treurniet, trouwde 2e NG Dordrecht 16 mei 1677 (ondertrouw) mr. Thomas de Vries, jongman van Dordrecht (1677), advocaat

ORA Dordrecht inv. 1629, f. 30v e.v.: op 10 juli 1683 verkopen mr. Thomas de Vries, advocaat voor de resp. Hoven van Justitie in Holland, als man van Maria van Slingelandt, tevens als procuratie hebbende van Treurniet Loijmans en Cornelis Turckens, als man van Maria Loijmans, volgens procuratie gepasseerd voor notaris L. van der Does in Bergen op Zoom op 22 april 1682, en als gemachtigde van Maria Treurniet, weduwe van Blasius van Haerlem de oude en van Willem van Slingelandt, zoon van de postmeester Cornelis van Slingelandt, volgens procuratie gepasseerd voor notaris H. van der Hoop te Dordrecht, op 26 juni 1683, alsmede Jacobus Casteleijn, als voogd over het weeskind van wijlen Adriaen van Slingelandt, samen erfgenamen van Cornelis Adriaensz. Treurniet, voor 2160 gl. aan Sara van der Poel, weduwe van Anthonij Terwe, een huis [in de Voorstraat]bij de Nieuwbrug, staande tussen het huis van Willem van Burick en dat van de weduwe van Frans Matthijsz.

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Helena van Haerlem, 9 dec. 1665, volgt IIIa

b. Cornelis van Haerlem, 7 sept. 1667, volgt IIIb

c. Christina van Haerlem, 26 april 1669, volgt IIIc

d. Blasius van Haerlem, 1 nov. 1671, volgt IIId

e. Pieter van Haerlem, 27 okt. 1673

IIb. Jan (Johan, Johannes) van Haerlem, gedoopt NG Dordrecht 18 mrt. 1650, jongman van Dordrecht, wonende in de Houttuin (1677), apotheker te Dordrecht, trouwde NG Dordrecht/Bleskensgraaf 5/19 sept. 1677 Petronella Daelmans (Daleman), jonge dochter van Dordrecht, wonende in de Houttuin (1677)

ONA Dordrecht inv. 276, f. 111 e.v.: op 13 mei 1676 verklaart Johannes van Haerlem, apotheker te Dordrecht, oud over de 25 jaar, dat hij door zijn schoonzuster Maria van Slingelandt, weduwe van Pieter van Haerlem, volledig betaald en voldaan is van hetgeen hij heeft geërfd van zijn moeder.

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Helena van Haerlem, 25 mrt. 1679, jonge dochter van Dordrecht wonende omtrent de Nieuwbrug (1701), trouwde 1e Gerecht/NG Dordrecht 14/30 aug. 1701 (de bruid geassisteerd met haar ouders) mr. Franco de Vrije, geboren te Moordrecht 1672, jongman (1701), raad en vroedschap, schepen van Gouda, auteur van een stadsbeschrijving van Gouda (www.goudaopschrift.nl), overleden Gouda 4 juli 1712, 2e dr. Georgius Boudens, burgemeester van Gouda (1716), overleden Amsterdam 1 okt. 1732 (vervoerd naar Gouda)

ORA Dordrecht inv. 1650, f. 129: op 15 nov. 1724 verkoopt Philip van Haarlem, koopman te Dordrecht, voor zichzelf en als procuratie hebbende van Huijbert van Eijck, raad en oud-burgemeester van Gouda, beiden executeurs-testamentair en voogd over de minderjarige kinderen van Helena van Haarlem, bij haar verwekt door mr. Franco de Vrije, in zijn leven raad en vroedschapvan Gouda,welke Helena van Haarlemlaatst [echtgenote] was van Georgius Boudens, raad en regerende burgemeester te Gouda, volgens procuratie gepasseerd voor notaris A. Timmers te Gouda op 21 okt. 1724, voor 1950 gl. aan Willem Couwens een huis in de Kannenkopersbuurt [Voorstraat], vanouds genaamd “het Joppen Vat, staande tussen het huis van Jacobus van Lier en dat van Kerens.

ORA Dordrecht inv. 1651, f. 134: op 14 mei 1728 verkoopt Philips van Haarlem, voor de ene helft, als voogd over de kinderen van zijn zuster Helena van Haarlem, bij haar verwekt door Frans de Vrije, in zijn leven raad en vroedschap van Gouda, en tevens vervangende Huijbert van Eijk, regerend burgemeester van Gouda, zijn medevoogd, voor de andere helft, voor 1000 gl. aan Jan Luijterman, burger van Dordrecht, een huis in de Vriesestraat, staande schuin tegenover de Nieuwe Breestraat. (Belenders niet vermeld.)

b. Philippus (Philips) van Haerlem, 6 juni 1682, volgt IIIe

IIIa. (van IIa) Helena van Haerlem, gedoopt NG Dordrecht 9 dec. 1665, jonge dochter va Dordrecht wonende aan de Riedijk (1686), weduwe van Pieter van der Pijl, wonende in de Kannenkopersbuurt (1701), trouwde 1e NG Dordrecht 28 april 1686 (ondertrouw) Pieter van der Pijl, jongman van Delft en daar wonende (1686), 2e Gerecht/NG Dordrecht 18 sept./3 okt. 1701 (de bruidegom geassisteerd met zijn goede bekende Elias Verhoeve) Gerrit (Gerhard) Kerper, jongman van Morte in Zwitserland (1701), weduwnaar van Morte in Zwitserland (1709), weduwnaar van Morden in Zwitserland , wonende in de Houttuinen (1734), trouwde 2e Gerecht/NG Dordrecht 4/18 aug. 1709 Elisabeth Souburgh, jonge dochter van Dordrecht, wonende in de Voorstraat (1709), 3e Gerecht/NG Dordrecht 3/18 april 1734 (de bruid geassisteerd met Marijke Kok, de vrouw van Hermanus Roelant, haar goede kennis, en bij schriftelijk consent van haar ouders, Geerit Hubers en Catharina Aerts) Geertruijt Huijberts, jonge dochter van Kranenburgh, wonende in de Vleeshouwersstraat te Dordrecht (1734)

23 nov. 1728: Hendrik en Casparus Oudland, kooplieden te Dordrecht, die bij legaat in het testament van Hendrika Karnakel, weduwe van Jasper Oudland, verkregen hebben de eigendom van het na te noemen huis en pakhuis, verkopen voor 2330 gl. aan Gerard Kerper, koopman te Dordrecht, een huis met pakhuis, staande in de Houttuinentussen deVleeshouwersstraat en het huis van Dirk Cumsius, alsmede een huis in de Vleeshouwersstraat, staande tussen het huis van Jacobus Verhoeven en dat van Spruijt. (ORA Dordrecht inv. 1651, f. 180)

4 febr. 1738: de erfgenamen van Gerrit Kerper verkopen voor 3000 gl. aan Jan Fredrik Strelijn, herbergier, een huis op de Varkenmarkt bij de Lange Houten Brug met een tuin, gelegen tegen de Nieuw Haven, naast Dirk Cumsius. (ORA Dordrecht inv. 819, f. 12)

Kinderen (allen NG gedoopt in Dordrecht):

Ex 1:

a. Dina van der Pijl, 24 mrt. 1687

b. Maria van der Pijl, 2 juli 1688

c. Pieter van der Pijl, 6 juli 1689

d. Hester van der Pijl, 9 juni 1690

e. Maria van der Pijl, 18 aug. 1691

Ex 2:

f. Barbara Kerper, 31 juli 1702, volgt IVa

g. Pieter Kerper, 19 april 1704

IVa. Berbera Kerper (Karper), gedoopt NG Dordrecht 31 juli 1702, jonge dochter van Dordrecht, wonende in de Houttuinen (1734), begraven Dordrecht 19 aug. 1777 (Berbera Korper, weduwe van Jan Fredrik Strelijn, laat kind na, met de gewone koetsen, in de Grotekerksbuurt), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 6/21 mrt. 1734 (de bruidegom geassisteerd met Geerit Slingervoet, zijn goede kennis, de bruid met Gerhart Kerper, haar vader) Jan Fredrik Strelein (Strelijn), jongman van Groot Harbag, wonende bij de Schrijversstraat te Dordrecht (1734), herbergier te Dordrecht

28 okt. 1766: Berbera Kerper, weduwe van Jan Fredrik Strelijn, wonende te Dordrecht, is schuldig aan Johannes Toepoel, predikant te Wijngaarden, een somma van 1000 gl., verbindende haar logement, genaamd “de Kerper”, met het pakhuis daarachter, en een kuiphuis met bovenwoning, uitkomende in de Vleeshouwersstraat, staande naast elkaar in de Houttuinen tussen de Vleeshouwersstraat en het huis van Jan de Heer, alsmede een tuin, liggende voor het voornoemde huis op de hoek van de Lange Houten Brug tegen de Nieuwe Haven. (ORA Dordrecht inv. 829, f. 55 e.v.)

15 jan. 1771: Barbara Cerper, weduwe van Jan Fredrik Strelijn, wonende te Dordrecht, is schuldig aan Cornelis Vernes, molenmaker wonende even buiten Dordrecht, een somma van 500 gl., verbindende haar logement “de Kerper”, met pakhuizen, kuiphuis en bovenwoning, staande naast elkaar in de Houttuinen tussen de Vleeshouwersstraat en het huis van Jan de Heere, alsmede een tuin, liggende voor het voornoemde huis op de hoek van de Lange Houten Brug tegen de Nieuwe Haven.

28 okt. 1773: Barbera Karper, weduwe van Johan Fredrik Strelijn, wonende te Dordrecht, verkoopt voor 1500 gl. aan haar zoon Gerrit Strelijn, koopman van wijnen te Dordrecht, een huis en logement, genaamd “de Karper”, met de pakhuizen, kuiphuis en bovenwoning daarnaast, staande in de Houttuinen tussen de Vleeshouwersstraat en het huis van Jan de Heere, alsmede een tuin of erf voor het voornoemde huis, gelegen op de hoek van de Lange Houten Brug tegen de Nieuwe Haven. (ORA Dordrecht inv. 1667, f. 205v)

Kinderen (allen Luthers gedoopt te Dordrecht):

a. Margrieta Strelijn, 7 jan. 1735, volgt Va

b. Helena Catharina Strelijn, 4 mrt. 1736, trouwde na 15 jan. 1771 NN Paulussen

Kind:

b-1. Jan Fredrik Paulussen, geboren naar schatting ca. 1775, jongman geboren te Apeldoorn, wonende in de Wijngaardstraat te Dordrecht (1802), trouwde Gerecht Dordrecht 3/26 juni 1802 (pro deo; de bruidegom heeft behoorlijk bewijs, dat zijn moeder Helena Catharina Strelijn te Middelburg is overleden, de bruid geassisteerd met haar oom Johannes van Eijsbergen) Maria Frilsbeek, jonge dochter geboren te Gouda, wonende in de Wijngaardstraat te Dordrecht (1802)

c. Anna Catharina Strelijn, 8 juni 1738

d. Gerrit (Gerhardus) Strelijn, 8 jan. 1741, volgt Vb

Va (van IVa). Margrieta Strelijn, gedoopt Luthers Dordrecht 7 jan. 1735, jonge dochter van Dordrecht, wonende op de Varkenmarkt (1753), overleden Dordrecht 29 aug. 1817 (Margrieta Strelijn, weduwe Johannes Lutz, in het gasthuis), trouwde Gerecht (onderscheiden gezindten)/Luthers Dordrecht 2/17 nov. 1753 (attestatie voor de Lutherse kerk gegeven, de bruidegom heeft schriftelijk consent van zijn moeder Maria Catharina Muller, weduwe van Martijn Lutsz, de bruid geassisteerd met haar vader Fredrik Strelijn) Johannes Lutsz, jongman van Augsburg, wonende op de Voorstraat (1753)

Vb (van IVa). Gerrit Strelijn, gedoopt Luthers Dordrecht 8 jan. 1741, jongman geboren te Dordrecht, wonende in de Houttuinen (1773), wijnkoopman, vestigt zich in 1782 in Breda, overleden Breda 26 sept. 1819 (wonende op het Kasteel), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 20 nov./8 dec. 1773 (klasse van 6 gl., de geboden gaan in de Lutherse kerk, de bruidegom geassisteerd met zijn moeder Berbera Karper, weduwe van Johan Fredrik Strelijn, de bruid geassisteerd met haar neef Willem Wijts, heeft akte van indemniteit overhandigd, op 16 nov. 1781 trouwbrief gegeven) Francina Aletta van Zanten, jonge dochter geboren te ‘s-Gravenhage, wonende op de Walevest in Dordrecht (1773)

ORA Dordrecht inv. 1669, f. 87v: op 10 okt. 1776 verkoopt Gerrit Strelijn, wonende te Dordrecht, voor 2120 gl. aan Fredrik van den Bergh, koopman in wijnen te Dordrecht, een huis met pakhuis erachter en tuin daarvoor, staande en gelegen in de Houttuinen tussen het huis en pakhuis van Jan de Heere en de Vleeshouwersstraat, de tuin belend door het erf van Jan de Heere aan de ene zijde en het huis van Hendrik Kampman aan de andere, alsmede een pakhuis met bovenwoning, staande in de Houttuinen tussen het huis van Willem Horstman en het huis van Willem Bendo.

ONA Breda inv. 884, akte 4: op 23 jan. 1784 testeert Francijna Hester van Zanten, de vrouw van Gerrit Strelijn, wonende te Breda. Zij herroept een eerder testament, dat zij heeft gemaakt samen met haar man ten overstaan van notaris J. F. Mirandolle te Breda op 3 juli 1782. Zij legateert aan Maria Riebeek wegens haar “getrouwe diensten” een bedrag van 50 gl. Tot erfgenamen van al haar overige goederen benoemd zij Cornelis l’Ollivier en diens vrouw Johanna Jacoba Couwenberchs, of bij voor overlijden hun enige zoontje Josephus Antonius l’Ollivier voor de helft en Coenraat Hardenberg of bij vooroverlijden diens nakomelingen voor de wederhelft. Tot haar executeur-testamentair benoemt de testatrice Cornelis l’Ollivier.

IIIb. (van IIa) Cornelis van Haerlem, gedoopt NG Dordrecht 7 sept. 1667, jongman van Dordrecht (1692), viskoper te Dordrecht, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 20 nov. 1706 (Cornelis van Haarlem, viskoper, wonende voor het Bagijnhof), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 21 dec. 1692/7 jan. 1693 (de bruidegom geassisteerd met zijn stiefvader mr. Tomas de Vries, de bruid met haar moeder) Magdalena van Sevenom, gedoopt NG Dordrecht 15 nov. 1671, jonge dochter van Dordrecht (1692), weduwe van Dordrecht wonende achter het stadhuis (1713), trouwde 2e Gerecht/NG Dordrecht 5/20 febr. 1713 Jan van der Beij, weduwnaar van Dordrecht wonende bij de Vleeshouwersstraat (1713), dochter van Reijnier van Sevenom en Ida van Gewas

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Maria van Haerlem, 10 okt. 1693, jonge dochter van Dordrecht wonende omtrent de Kolfstraat (1714),weduwe wonende in de Kleine Spuistraat (1744),trouwde 1e Gerecht/NG Dordrecht 29 april/13 mei 1714 (bruidegom geassisteerd met zijn moeder, de bruid met haar moeder) Johannes Groeneschilt, jongman van Dordrecht wonende in de Kleine Spuistraat (1714), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 20 mrt. 1744 (Jan Groeneschilt, in de Kleine Spuistraat, laat geen kinderen na, met de gewone koetsen), 2e Gerecht/NG Dordrecht 4/20 dec. 1744 Hendrik Baggerman, jongman van Dordrechtt wonende in de Kleine Spuistraat (1744)

b. Reijnier van Haerlem, 5 mei 1695, volgt IVb

c. Ida van Haerlem, 23 febr. 1697

Weeskamer Dordrecht inv. 35, f. 16: extract uit het testament van Ida van Haarlem, gepasseerd voor notaris S. de Moraaz te Dordrecht op 5 okt. 1732. Zij heeft tot voogden over haar minderjarige erfgenamen benoemd Philips van Haarlem en Jan Groenschell.

d. Pieter van Haerlem, 25 febr. 1699

e. Magdalena van Haerlem, 29 juli 1701

f. Belia van Haerlem, 4 okt. 1702

g. Cornelis van Haerlem, 10 juni 1706

IIIc (van IIa) Christina van Haerlem, gedoopt NG Dordrecht 26 april 1669, trouwde 25 okt. 1699 Henric Latoer

Kinderen:

a. Maria Latoer, gedoopt NG Dordrecht 18 aug. 1702

b. Maria Catharina Latoer, gedoopt NG Dordrecht 16 mei 1708, volgt IVc

IVb (van IIIb). Reijnier van Haerlem, gedoopt NG Dordrecht 5 mei 1695, jongman van Dordrecht wonende bij de Wijnbrug (1716),trouwde Gerecht/NG Dordrecht 5/19 jan. 1716(de bruidegom geassisteerd met zijn moederMagdalena van Sevenom, vrouw van Jan van der Beij, de bruid met Arij van de Graeff, haar voogd, en met schriftelijk consent van haar vader Pouwelus van der Maes) Johanna de Jong (van der Maes), jonge dochter van Dordrecht wonende bij de Grote Kerk (1716),weduwe wonende in de Augustijnenkamp (1735), trouwde 2e Gerecht/NG Dordrecht (de bruidegom met schriftelijk consent van zijn moeder Anna Catharina van Haerlem, weduwe van Joris Beckers) Jacobus Beckers, jongman van Breda wonende in de Augustijnenkamp (1735)

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Marija van Haerlem,14 april 1720, volgt

b. Cornelis van Haerlem, 21 okt. 1721, volgt Vc

c. Johannes, 7 mei 1723

d. Pieter, 11 nov. 1725

e. Pieter van Haerlem, 8 nov. 1726

f. Johannes, 12 sept. 1728

g. Regina van Haarlem, 27 april 1732, jonge dochter van Dordrecht wonende in de Oude Breestraat (1777), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 29 mrt./13 april 1777 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader Cornelis van Persijn, de bruid heeft bewijs van haar tante Maria van Haarlem, weduwe van Hendrik Baggerman, dat haar ouders niet meer in leven zijn) Gerrit van Persijn, jongman van Dordrecht wonende in de Oude Breestraat (1777)

Vc (van IVb). Cornelis van Haerlem, gedoopt NG Dordrecht 21 okt. 1721, jongman van Dordrecht wonende bij de Torenstraat (1750),trouwde Gerecht/NG Dordrecht 28 mrt./12 april 1750 (de bruidegom geassisteerd met zijn zuster [sic] Maria van Haarlem, vrouw van Hendrik Baggerman, de bruid met Belia Vonk, vrouw van Pieter van Slingeland, haar tante, en met schriftelijk consent van haar moeder Anna ChristinaVonk, eerst weduwe van Arent van Walsem enthans vrouw van Arent Visser)Belia van Walsem, jonge dochter van “de Vaard” wonende in het Steegoversloot (1750)

ORA Dordrecht inv. 1660, f. 149 e.v.: op 18 juli 1753 comp. voor notaris G. Verveer te Dordrecht Cornelis van Haarlem, mr. bakker en burger van Dordrecht, die verklaart schuldig te zijn aan zijn oom [sic] Hendrik Baggerman, mr. verver en burger te Dordrecht, een somma van265 gl., verbindende een aantal roerende goederen.

Kinderen:

a. Reinier, gedoopt NG Dordrecht 17 jan. 1751

b. Arent, gedoopt NG Dordrecht 19 april 1752

c. Maria, gedoopt NG Dordrecht 22 febr. 1754

IVb. Maria Catharina Latoer (Latour), gedoopt NG Dordrecht 16 mei 1708, jonge dochter van Dordrecht, wonende bij het Steegoversloot (1729), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 23 april 1729 (ondertrouw; de geboden gaan te Rotterdam; de bruid geassisteerd met haar vader Hendrik Latour) Adriaen ’t Hooft Hendriksz.,gedoopt NG Dordrecht 13 mrt. 1704,jongman van Dordrecht, wonende bij het Steegoversloot (1729), zoon van Hendrik ’t Hooft en Elisabeth Westerlee

ORA Dordrecht inv. 1653, f. 210v e.v.: op 2 nov. 1734 verkoopt Hendrik van der Meulen, burger van Dordrecht, voor 1200 gl. aan Adriaan ’t Hooft Hendriksz., burger van Dordrecht, een huis, genaamd “de Vergulde Appelton”, staande in de Voorstraat tegenover de Munt tussen het huis van Willem van der Lisse en dat van Evert van Asperen, schout van Giessendam. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 1000 gl.

ORA Dordrecht inv. 1670, f. 31: op 26 mrt. 1778 verkoopt Anthonij Bruijn, kamerbewaarder te Dordrecht,als procuratie hebbende van zijn schoonmoeder Maria Catharina La Tour, weduwe van Adriaan ’t Hooft, wonende te Dordrecht, voor 1200 gl. aan Johannis Spaan, timmermansbaas wonende te Dordrecht, een huis op de Voorstraat aan de Riedijk, staande tussen het huis van Wouter Venus en dat van Franke de Jong.

ORA Dordrecht inv. 1670, f. 116: op 10 dec. 1778 verkoopt Anthonij Bruijn, kamerbewaarder te Dordrecht, als procuratie hebbende van Maria Catharina La Tour, weduwe van Adriaan ’t Hooft, wonende te Dordrecht, voor 2800 gl. aan Adriaan van der Voore, loodgietersbaas te Dordrecht, een huis op de Voorstraat tegenover de Munt aan de havenzijde, staande tussen het huis van verkoopster en dat van Gijsbert van Mourijk.

ORA Dordrecht inv. 1671, f. 79v: op 21 sept. 1780 verkoopt Anthonij Bruijn, kamerbewaarder te Dordrecht, als procuratie hebbende van zijn schoonmoeder Maria Catharina La Tour, weduwe van Adriaan ’t Hooft Hendriksz., wonende te Dordrecht, voor 1500 gl. aan Michiel van Bruggen, boutplukker wonende te Dordrecht, een huis in de Voorstraat omtrent de Munt, staande tussen de Munt[steiger] of Kleine Appelsteiger en het huis van de broodbakker Johannes Immerzeel.

ORA Dordrecht inv. 1676, f. 194: op 27 okt. 1791 verkoopt Maria Catharina La Tour, weduwe van Adriaan ’t Hooft, wonende te Dordrecht, voor 2000 gl. aan Johan Anthonij Glans, wonende te Rotterdam, een huis op de Voorstraat omtrent de Nieuwbrug, staande tussen het huis van Jan van Chastelet en dat van de kleermaker A. Swart.

Kinderen:

a. Elisabeth ’t Hooft, 22 april 1730, volgt Vd

b. Christina ’t Hooft, 1 aug. 1733

c. Hendrik ’t Hooft, 2 aug. 1735, volgt Ve

d. Adriaen ’t Hooft, 16 april 1738

e. Jacob ’t Hooft, 3 okt. 1741, volgt Vf

f. Levina Elisabeth ’t Hooft, 17 juni 1749

Vd. Elisabeth ’t Hooft, gedoopt NG Dordrecht 22 april 1730, jonge dochter van Dordrecht, wonende in de Voorstraat bij de Munt (1753), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 7/25 juli 1753 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader Jan van der Meijlen, de bruid met haar vader Adriaen ’t Hooft) Anthonij van der Mijle (van der Meijlen), gedoopt NG Dordrecht 12 juli 1725, jongman van Dordrecht, wonende bij de Nieuwbrug (1753), apotheker (1762), zoon van Johannes van der Mijle, visverkoper te Dordrecht, en Geertruij Vervel

7 dec. 1762: Gijsbert Beudt, arts, en Adriaan van den Blijk, als executeurs-testamentair van wijlen Anthonij Vervel, apotheker, verkopen voor 1625 gl. aan Anthonij van der Mijl, apotheker, een huis in de Voorstraat aan de havenzijde bij de Nieuwbrug, staande tussen het huis van Jan Bogaarts en dat van Hendrik Jongeling. (ORA Dordrecht inv. 827, f. 202)

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Antonia van der Mijle, 24 mei 1754

b. Adriaen van der Mijle, 1 juni 1757, volgt VIa

c. Johannes Anthonie van der Mijle, 25 dec. 1764

d. Pieter van der Mijle, 12 aug. 1772

VIa. Adriaen van der Mijle, gedoopt NG Dordrecht 1 juni 1757, jongman geboren te Dordrecht, wonende in de Voorstraat bij de Nieuwbrug (1784), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 2 okt. 1789 (Adriaen van der Meijlen, op de Voorstraat, laat kinderen na, twee koetsen extra), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 1/26 sept. 1784 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader Anthonij van der Mijle, de bruid met haar moeder Maria Lugten, echtgenote van Arij Striemen en eerder weduwe van Isaac Korthals, volgens procuratie gepasseerd voor notaris J. van der Star op 9 sept. 1784) Jenneke Korthals, gedoopt NG Dordrecht 7 nov. 1762, jonge dochter geboren te Dordrecht, wonende in de Voorstraat bij de Mariënbornstraat (1784)

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Elisabeth van der Mijle, 29 dec. 1784, jonge dochter geboren te Dordrecht wonende op de Voorstraat bij de Boomstraat (1808), trouwde Gerecht Dordrecht 25 juni/9 juli 1808 (de bruidegom heeft schriftelijk consent van zijn vader Casper Scheepbouwer, de bruid van haar moeder Jenneke Korthals, weduwe van Adriaan van de Mijlen) Huibert Scheepbouwer, jongman geboren te Dordrecht wonende in de Boomstraat (1808)

b. Maria van der Mijle, 22 okt. 1786, overleden Dordrecht 3 mrt. 1820, trouwde Dordrecht 25 mei 1814 Jan Lugten, geboren te Gorinchem ca. 1791, timmerman, zoon van Jacobus Lugten, slijter te Gorinchem, en Catharina Bollee

c. Anthonij van der Mijle, 30 jan. 1789, volgt VIIa

VIIa. Anthonij van der Mijle, gedoopt NG Dordrecht 30 jan. 1789, winkelbediende te Dordrecht (Liste Civique 1811), grutter te Ouderkerk a/d IJssel (1816), trouwde Ouderkerk a/d IJssel 19 mrt. 1816 Anna Herfst, geboren Ouderkerk a/d IJssel ca. 1797, overleden Dubbeldam 23 jan. 1835, dochter van Cornelis Herfst en Francijntje van Asperen

Kinderen:

a. Everardus Jacobus van der Mijle, geboren ca. 1827 te Ouderkerk a/d IJssel, overleden Groot-Ammers 23 juli 1902, trouwde Streefkerk 26 nov. 1857 Magcheltje Boer, dochter van Pieter Boer en Pieternella Johanna Braan

Ve. Hendrik ’t Hoofd Adriaensz., gedoopt NG Dordrecht 2 aug. 1735, jongman geboren en wonende te Dordrecht, trouwde Gerecht/NG 13 april 1758 (ondertrouw: volgens attestatie van ondertrouw te Geertruidenberg; attestatie gegeven op 30 april 1758) Sija (Sophia) van Opstal, jonge dochter van Geertruidenberg (1758)

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Adriaen ’t Hoofd, 20 dec. 1758, volgt VIa

b. Cornelis Johannes ’t Hooft, 30 jan. 1760

b. Hendrik ’t Hoofd, 29 mrt. 1765

c. Govert ’t Hoofd, 11 jan. 1769

 

Vf. Jacob ’t Hooft, gedoopt NG Dordrecht 3 okt. 1741, jongman van Dordrecht (1765), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 15 aug. 1765 (ondertrouw; volgens attestatie van ondertrouw te Middelburg; op 25 aug. 1765 attestatie gegeven) Johanna Apollonia Buijs, jonge dochter van Middelburg (1765)

ORA Dordrecht inv. 1676, f. 44: op 11 mei 1790 verkopen Jacob ’t Hooft, Dirk Crans en Arnoldus de Hart, allen wonende te Dordrecht, als door de Kamer Juditieel te Dordrecht op 18 dec. 1789 aangesteld tot executeurs over Hendrik ’t Hooft, voor 8000 gl. aan Cornelia Anna de Court, weduwe van ds. Louis Lancelot Maizonnet, wonende te Dordrecht, een huis in de Voorstraat tussen de Munt van Holland en het Mazelaarsstraatje, staande tussen het huis van Mattheus Gillis Rees en dat van Adrianus van Volkom.

Kinderen:

a. Maria Apolonia ’t Hooft, gedoopt NG Dordrecht 1766, volgt VIb

b. Pieter Buijs ’t Hooft, gedoopt NG Dordrecht 4 sept. 1767, volgt VIc

c. Levina Elisabeth ’t Hooft, gedoopt NG Dordrecht 4 nov. 1775, jonge dochter van Dordrecht, wonende in de Voorstraat over de Munt (1800), overleden Dordrecht 7 febr. 1855 (Grotekerksbuurt A:61), trouwde Gerecht Dordrecht 17/31 nov. 1800 (klasse van 30 gl.; de geboden gaan te ‘s-Gravendeel; de bruidegom is meerderjarig en ouderloos volgens verklaring van Jacob ’t Hooft Az., de bruid met schriftelijk consent van haar vader Jacob ’t Hooft Az.) Jacques Pasteur, jongman geboren te Leiden, wonende te ‘s-Gravendeel (1800), overleden te Schiedam

Uit dit huwelijk twee dochters, die ongehuwd bleven.

d. Christina Antonia ’t Hooft, gedoopt NG Dordrecht 4 juli 1781, volgt VId

VId. Christina Antonia ’t Hooft, gedoopt NG Dordrecht 4 juli 1781, trouwde Gerard Mauritz, gedoopt NG Dordrecht 7 sept. 1768, lid van de Gemeenteraad te Dordrecht, makelaar, scheepsmakelaar, overleden Dordrecht 14 dec. 1838 (Maartensgat A:107), zoon van Elias Mauritz, houthandelaar/koopman te Dordrecht, en Johanna van Poeliën

Kinderen:

a. Johanna Mauritz, gedoopt Eng./Schotse kerk Dordrecht 3 april 1803, volgt VIIa

b. Jacob Mauritz, gedoopt Eng./Schotse kerk Dordrecht 21 juli 1805, koopman, vice-consul van Groot-Brittannië en Ierland, reder, trouwde 17 juni 1835 Anna Cornelia van Wageningen, dochter van Anne Cornelis van Wageningen, koopman, en Geertrui Johanna Vermande

Kind:

b-1. Agatha Anna Louisa Mauritz, geboren Dordrecht 22 mei 1844, trouwde Dordrecht 1 juli 1869 Emond baron Collot d’Escurij, griffier bij het kantongerecht van en wonende te ‘s-Gravenwezel, zoon van Carel Jan Collot d’Escurij en Johanna Jacoba Kalkoen

Kinderen:

b-1-1. Henriette Jacoba Johanna baronesse Collot d’Escurij, geboren Dordrecht 22 mei 1870, trouwde Dordrecht 29 juni 1893 Pieter Johannes de Kanter, geboren te Gouda, directeur van de brandverzekeringmaatschappij “Holland”, zoon van Nicolaas Hoffer de Kanter en Louisa Francisca van Haeften

b-1-2. Jacob Emond Hendrik André Collot d’Escurij, geboren Dordrecht 6 mei 1873

b-1-2. Helen Corinne Margaret Collot d’Escurij, geboren Dordrecht 28 jan. 1877

c. Geertruid Mauritz, gedoopt Eng./Schotse kerk Dordrecht 14 juni 1807

d. Elias Mauritz, gedoopt Eng./Schotse kerk Dordrecht 19 mrt. 1809, makelaar, ongehuwd, overleden 6 juni 1870 (Maartensgat A:153)

e. Johanna Apollonia Mauritz, gedoopt NG Dordrecht 25 mei 1811

VIIa. Johanna Mauritz, geboren 18 mrt. 1803, gedoopt Eng./Schotse kerk, 3 april 1803, overleden Dordrecht 20 jan. 1883, trouwde Dordrecht 12 okt. 1831 Gerhardus Johannes van Dorsser, gedoopt NG Dordrecht 18 aug. 1801, koopman te Dordrecht, overleden 27 juni 1856, zoon van Johannes Adrianus van Dorsser, lid van de Gemeenteraad te Dordrecht, en Catharina Bentink

(Zie De Nederlandsche Leeuw 1908, kol. 108 e.v.)

Kinderen:

a. Catharina Johanna Adriana van Dorsser, geboren Dordrecht 5 sept. 1832

b. Christina Anthonia van Dorsser, geboren Dordrecht 27 dec. 1834, trouwde Dordrecht 18 juni 1856 Petrus Jacobus ’t Hooft, geboren te Dordrecht ca. 1828, houtkoper ald., zoon van Cornelis Gerardus ’t Hooft, koopman te Dordrecht, en Sophia Kluit

c. Jacoba van Dorsser, geboren Dordrecht ca. 1837, trouwde Dordrecht 17 aug. 1862 dr. Willem Bisschop, geboren ‘s-Gravenhage ca. 1828, prorector aan het gymnasium, zoon van Dirk Bisschop en Elisabeth Jacoba de Lussanet de la Sabloniere

d. Elias van Dorsser, geboren Dordrecht 23 juni 1843, fabrikant, trouwde Dordrecht 11 juni 1879 Anna Cornelia Willemina van Gijn, dochter van Hugo van Gijn en Francoise Cornelia Stoop

Kinderen:

d-1. Gerardus Johannes van Dorsser, geboren Dordrecht 17 sept. 1880

d-2. Francoise Cornelia van Dorsser, geboren Dordrecht 8 juli 1882

d-3. Johanna Gerarda van Dorsser, geboren Dordrecht 18 febr. 1884

VIa. Adriaen ’t Hooft Hendriksz., gedoopt NG Dordrecht 20 dec. 1758, jongman van Dordrecht, wonende in de Voorstraat bij de Munt (1788), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 2/17 aug. 1788 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader Hendrik ’t Hooft, de bruid met haar moeder Catharina Cornelia van der Werff, weduwe van Isaak Jan Broeders) Johanna Broeders, jonge dochter van Dordrecht, wonende in de Nieuwstraat (1788)

Kind:

a. Hendrik Isaac Jan ’t Hooft, gedoopt NG Dordrecht 20 febr. 1790

VIb. Maria Apolonia (Maria Pieternella ’t Hooft), gedoopt NG Dordrecht 1766, overleden 1812, trouwde Gerecht/NG Dordrecht 30 juli/14 aug. 1785 (de bruidegom geassisteerd met zijn moeder Anna van Meerkerk, weduwe van Dirk Crans) Dirk Crans, gedoopt NG Dordrecht 1760, jongman geboren te Dordrecht, wonende in de Grafelijkheidsmunt (1785), overleden 1826

Kinderen:

a. Anna Crans, gedoopt NG Dordrecht 24 febr. 1786, volgt VIIc

b. Jacob Crans, gedoopt NG Dordrecht 28 mrt. 1789, advocaat, raadsheer van de Hoge Raad te ‘s-Gravenhage, overleden Den Haag 1873, trouwde 1821 Petronella Christina van der Koog

c. Johanna Apolonia Crans, gedoopt NG Dordrecht 16 april 1790, trouwde Dordrecht 26 mei 1819 Fredrik Christiaan Vortenij, geboren te Den Haag, luitenant ter zee 1e klasse, zoon van Carl Ludwig Vortenij en Geritje Weeber

VIc. Pieter Buijs ’t Hooft Jacobsz., gedoopt NG Dordrecht 4 sept. 1767, jongman geboren te Dordrecht, wonende op het Vlak (1797), commissaris van politie en waterschout te Dordrecht, overleden Dordrecht 13 jan. 1830, trouwde Gerecht/NG Dordrecht 19 april/6 mei 1797 (klasse van 15 gl.; de bruidegom met schriftelijk consent van zijn vader Jacob ’t Hooft, de bruid met schriftelijk consent van haar vader Francois Xavier Richard) Susanna Richard, gedoopt Waals Geref. Dordrecht 20 aug. 1769, jonge dochter geboren te Dordrecht, wonende in de Wijnstraat bij de Gravenstraat (1797), overleden Dordrecht 1 aug. 1822 (Wijnstraat B:33), dochter van Francois Xavier Richard en Elisabeth van der Walck

Kinderen:

a. Jacob Buijs ’t Hoofd, gedoopt NG Dordrecht 26 dec. 1797, scheepsmakelaar, overleden Dordrecht 20 april 1858 (Kalkhaven D:169), trouwde Dordrecht 22 april 1835 Johanna Antonetta Vriesendorp, trouwde 1e Francois Frederik Blussé, overleden Dordrecht 6 okt. 1832, dochter van Cornelis Vriesendorp, lid van de Gemeenteraad van Dordrecht, en Adriana Cornelia van der Kaa

Jacob Buijs ’t Hooft

b. Francois Xavier Richard ’t Hooft, geboren Dordrecht 23 okt. 1799, vice-admiraal, ongehuwd, overleden Dordrecht 16 mrt. 1860 (Kalkhaven D:169)

“Als adelborst 2e klasse nam hij deel aan het bedwingen van het oproer op het eiland Saparoea en wegens zijn kloekmoedigheid in het heroveren van het fort Duurstede op het eiland Honomia werd hij tot adelborst 1e klasse bevorderd en ridder der Militaire Willemsorde.” Hij werd vice-admiraal op 1 mei 1859. (NNBW [internet])

Francois Xavier Richard ’t Hooft

c. Elisabeth ’t Hooft, volgt VIIb

VIIb. Elisabeth ’t Hooft, trouwde Dordrecht 28 mei 1828 Louis Amedeé André, geboren Zutphen ca. 1802, wonende te Rotterdam (1828), koopman, zoon van Louis Marie Norbert André en Maria Benigna Hoijer

VIIc. Anna Crans, gedoopt NG Dordrecht 24 febr. 1786, jonge dochter geboren te Dordrecht, wonende in de Munt (1810), overleden 21 nov. 1847, trouwde Gerecht Dordrecht 28 april/27 juni 1810 (de bruidegom geassisteerd met zijn moeder Maria Boet, weduwe van Jan Schouten, de bruid met haar ouders Dirk Crans en Maria Petronella ’t Hooft) Jan Schouten, jongman geboren te Dordrecht, wonende even buiten de Sluispoort (1810) [zie genealogie Schouten op deze website]

Jan Schouten (foto: A.B. den Haan)

Kinderen:

a. Jan Schouten, gedoopt NG Dordrecht 27 april 1811, volgt VIIIa

VIIIa. Jan Schouten, gedoopt NG Dordrecht 27 april 1811, trouwde Sliedrecht 27 aug. 1835 Louise Haasie van Hattem, geboren Sliedrecht 18 jan. 1814, overleden Goor, Hof van Twente (Overijssel) 29 okt. 1894, dochter van Gerardus van Hattem en Adriana van Driel

Kinderen:

a. Anna Maria Schouten, geboren Dordrecht 14 april 1837, overleden Nijmegen 10 dec. 1918, trouwde Dordrecht 2 aug. 1860 ds. Dirk André de la Porte, geboren Arnhem 15 sept. 1834, NH predikant te Almelo, overleden Nijmegen 27 mrt. 1900

b. Arnoldus Schouten, geboren Dordrecht 23 sept. 1843

IIIe. (van IIb) Philips van Haerlem, gedoopt NG Dordrecht 6 juni 1682, jongman van Dordrecht, wonende bij de Vuilpoort (1708), koopman te Dordrecht, koopt in 1727 brouwerij “de Sleutel” aan de Groenmarkt ald., trouwde Gerecht/NG Dordrecht 22 jan./8 febr. 1708 (de bruid geassisteerd met haar vader Gerrard Vingerhoet, veertigraad te Dordrecht) Elisabeth Vingerhoed, jonge dochter van Dordrecht, wonende omtrent het Groothoofd (1708)

ORA Dordrecht inv. 1752, f. 118v: op 16 nov. 1715 verkoopt Fredrik Wilkens, koopman te Dordrecht, als executeur-testamentair van Fredrik Mulhoff, koopman te Dordrecht, voor 520 gl. aan Philips van Haarlem, koopman te Dordrecht, de beterschap van een “welbeplanten” tuin met tuinhuis, staande en gelegen buiten de Vriesepoort op stadsgrond, voor voren belend door de tuin van juffrouw Daalman en van achteren het bleekveld van de weduwe van Hendrik Cambij.

ORA Dordrecht inv. 1650, f. 85v: op 15 febr. 1724 verkopen Johan de Bruijn, achtraad, en Philip van Haarlem, koopman te Dordrecht, aan Huibert en Jan de Haan, mr. timmerlieden, een erf, waarop gestaan heeft een oud, bouwvallig, vervallen huis, staande tegenover”’t Seven Gestar” aan de havenzijde, waarvoor zij, verkopers, vande kopersgeen geld ontvangen hebben, maar hun 100 gl. hebben toegegeven.

ORA Dordrecht inv. 815, f. 59v e.v.: op 16 sept. 1727 verkopen Ocker Repelaer, mansman van het Hof en de Hoge Vierschaar van Zuid-Holland, als procuratie hebbende van Hester Cooijmans, weduwe van Antonij Repelaer, oud-burgemeester van Dordrecht, Marija Gevaerts, weduwe van Hugo Repelaer, oud-burgemeester van Dordrecht, en mr. Damas van Slingeland, oudraad van Dordrecht, voor zichzelf en tevens vervangende mr. Johan van Hogeveen, als man van Margarita van Slingeland, beiden kinderen en erfgenamen van Barthout van Slingeland, burgemeester van Dordrecht, voor 11.500 gl. aan Philippus van Haarlem, koopman te Dordrecht, een brouwerij genaamd “de Sleutel” met bijbehorende bierkelders, koren- en moutzolders, een rosmolen met twee paar stenen en verdere gereedschappen, voorts een pakhuis achter en naast de brouwerij staande, met diverse zolders, een koetshuis en een stal voor zeven paarden, alsmede een woonhuis, dat bij de brouwerij hoort en nog een huis staande naast de brouwerij, dat wordt bewoond door Johan Hebert, staande in de Wijnstraat [Groenmarkt] omtrent de Visbrug tussen het huis van Mattheus Codeus en het pakhuis van Hendrik de Saive.

Brouwerij “de Sleutel” (het huis met de rode luiken).

“De nieuwe eigenaar laat de onderpuien van het woonhuis en het belendende huis vernieuwen en koopt in 1752 de mouterij van de voormalige brouwerij Het Witte Hart aan de Varkenmarkt aan. Door vererving komt het bedrijf in 1787 in handen van mr. Philips Vrolikhert, praktiserend advocaat …” (Water wordt een feest, p. 148)

ORA Dordrecht inv. 1652, f. 45v: op 2 mei 1730 verkopen Jan de Bruijn, achtraad van Dordrecht, en Philips van Haarlem, koopman aldaar, voor 700 gl. aan Anthonetta Deijers, weduwe van Cornelis van Daalen, wonende te Dordrecht, een huis in de Nieuwe Breestraat, het derde huis van de Vriesestraat aan de zijde van het Oudemannenhuis, staande tussen het huis van Jan van Buuren en dat van de weduwe van Warnard Roos.

ORA Dordrecht inv. 1756, f. 167: op 7 febr. 1764 verkoopt Jan van Vlijmen, burger van Dordrecht, voor zichzelf en tevens vervangende zijn zwager Cornelis den Broeder, als man van Pieternella van Vlijmen, samen enige erfgenamen van hun zuster Josina van Vlijmen, voor 380 gl. aan Philips van Haarlem, veertigraad van Dordrecht, de beterschap van een huis en erf, staande en gelegen aan de Spuiweg buiten Dordrecht op de hoek van de brug, belend door de Boerenkil aan de ene zijde en het huis en erf, genaamd “de Klijne Wip” aan de andere.

Kinderen (allen gedoopt NG Dordrecht):

a. Jan, 25 okt. 1708

b. Jan, 18 sept. 1709

c. Petronella van Haerlem, 24 febr. 1710,volgt IVe

d. Gerrard van Haerlem,28 juni 1714, raad in de vroedschap en hoogschout van Dordrecht (NNBW [internet])

e. Jan van Haerlem, 24 juli 1715

f. Blasius van Haerlem, 17 juli 1717

g. Elijsabeth van Haerlem, 31 mei 1719

h. Georgius van Haerlem, 25 sept. 1720

IVe. Petronella van Haerlem, gedoopt NG Dordrecht 24 febr. 1710,jonge dochter van Dordrecht (1738), begraven Dordrecht (Augustijnenkerk) 24 juli 1798 (Petronella van Haarlem, 87 1/2 jaar oud, verval van krachten, weduwe van Cornelis Vrolikhert, op de Groenmarkt, met de lijkkoets en volk er achter, ’s morgens om 9 uur), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 17 jan./8 febr. 1738 (de bruidegom geassisteerd met Cornelis Vrolikhert, predikant te Dordrecht, en Walburgh Casembroot, zijn ouders, de bruid met Philips van Haerlem, achtraad en veertigraad, haar vader) mr. Cornelis Vrolikhert, geboren naar schatting ca. 1715, jongman van Zutphen, wonende te Oud-Beijerland (1738), begraven Dordrecht (Augustijnenkerk) 24 juni 1787 (mr. Cornelis Vroolikhert, op de Groenmarkt, met zeven koetsen extra, de eerste boete, laat kinderen na), zoon van Cornelis Vrolikhert, proponent predikant te Grote Lindt, later te Zutphen en Dordrecht, en Walburgh Casembroot (Kaezenbroot)

Cornelis Vrolikhert studeerde rechten, promoveerde en vestigde zich in Dordrecht, waar hij Mansman (lid van de Vierschaar van Zuid-Holland) en later (o.a. 1758) ontvanger van de Beijerlanden werd. “Hij was een groot liefhebber van de latijnsche poëzie”. (NNBW internet)

ORA Dordrecht inv. 1757, f. 68v: op 27 juni 1771 verkoopt mr. Cornelis Vrolikhert, penningmeester van de Beijerlanden, wonende te Dordrecht,als man van Petronella van Haarlem, enige erfgename van Philips van Haarlem, voor 425 gl. aan Huibert Herks, timmermansknecht te Dordrecht, de beterschap een huis en erf, staande en gelegen aan de Spuiweg even buiten Dordrecht, op stadsgrond op de hoek van de brug, belend door de Boerenkil aan de ene en het erf, waarop voorheen de molen “de Kleine Wip” heeft gestaan, aan de andere zijde.

ORA Dordrecht inv. 1674, f. 124: op 17 nov. 1785 verkopen Jan Nierhof, voor drie vierde parten, en Arnoldus Noteman Jansz., namens zijn firma Gerrit van Hoogstraten en Zoon, voor een vierde part, voor 14.000 gl. aan mr. Willem Bartholomeus van den Santheuvel, presiderende burgemeester van Dordrecht en lid van de Oudraad aldaar, Barthout van Ourijk, regerende schepen en lid van de Oudraad te Dordrecht, Hendrik Francois de Court, achtraad van Dordrecht, Adriaan Lacoste, Adriaan ’t Hooft Wz. en mr. Cornelis Vrolikhert, als man van Petronella van Haarlem, bierbrouwers te Dordrecht, de brouwerij “het Vlies” met mouterij, rosmolen, korenzolders, “denningen”, woonhuis etc., staande in de Visstraat tussen het pakhuis van de weduwe De Loos en het Loverstraatje, alsmede een koetshuis en kelder, staande in de Visstraat tussen het Loverstraatje en het huis van de weduwe Bakker.

ORA Dordrecht inv. 1674, f. 176v e.v.: op 30 mrt. 1786 verkopen mr. Willem Bartholomeus van den Santheuvel, regerende burgemeester van Dordrecht, lid van de Oudraad aldaar en brouwer in “de Bel’, Barthout van Ourijk, regerende schepen van Dordrecht, lid van de Oudraad aldaar en brouwer in “de Leliën”, Hendrik Francois de Court, achtraad van Dordrecht en brouwer in “’t Kruijs”, Adriaan La Coste, brouwer in “’t Lam”, Adriaan ’t Hooft, brouwer in “den Orangeboom”, en mr. Cornelis Vrolikhart, als man van Petronella van Haarlem. brouwer in “de Sleutel”, allen wonende te Dordrecht, voor 4910 gl. aan Mattheus van der Horst, koopman in wijnen te Dordrecht, een huis met pakhuis, staande in de Visstraat tussen het Loverstraatje aan de noordzijde en het pakhuis van de weduwe De Loots, alsmede een koetshuis en pakhuis, staande in de Visstraat tussen het Loverstraatje aan de zuidzijde en de uitgang van het huis van de weduwe Bakker. Dezelfde verkopers minus Barthout van Ourijk verkopen op 30 mrt. 1786 voor 4000 gl. aan Barthout van Ourijk vijf zesde parten in een mouterij en pakhuis in het Loverstraatje, staande tussen het pakhuis van mr. Pieter van den Santheuvel en het huis, dat op diezelfde dag is getransporteerd aan Mattheus van der Horst.

ORA Dordrecht inv. 1676, f. 34v: op 29 april 1790 verkoopt Petronella van Haarlem, weduwe van mr. Cornelis Vrolikhart, wonende te Dordrecht, voor 1000 gl. aan Roelof Bremkes, wonende te Dordrecht, een huis in de Vriesestraat, staande tussen de Regentenhof en het huis van de koper.

Kinderen (o.a.; allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. mr. Philips Vrolikhert, 24 juli 1742, advocaat te Dordrecht, begraven Dordrecht (Augustijnenkerk) 18 april 1820

Hij werd in 1787 door vererving eigenaar van brouwerij “de Sleutel”. In 1805 verkocht hij de brouwerij, met woonhuis, pakhuis, kelders en zolders, staande aan de Groenmarkt en achter uitkomende op de Varkenmarkt en het belendende huis voor 15.500 gl. aan Gerrit Weymans. (Water wordt een feest, p. 148)

ORA Dordrecht inv. 1672, f. 64: op 23 april 1782 verkopen mr. Philips Vrolikhert, achtraad wonende te Dordrecht, als procuratie hebbende van mr. Willem Bartholomeus van de Santheuvel, Barthout van Ourijk, Hendrik Koijmans, Hendrik Francois de Court, Adriaan La Coste, Adriaan ’t Hooft Willemsz., alsmede mr. Cornelis Vrolikhert, als man van Petronella van Haarlem, allen bierbrouwers wonende te Dordrecht, voor 14.000 gl. aan Dirk Vos Cornelisz., koopman wonende te Dordrecht, de brouwerij “de Zwaan’, met bijbehorende mouterij, rosmolen, korenzolder, “denningen”, woonhuis en knechtenhuis, met alle vaste gereedschapen daarin zijnde, staande in de Wijnstraat, tegenover de Wijnsteiger bij het Groothoofd, uitkomende op de Oude Haven, alsmede een huis, genaamd “Londen”, staande naast voormelde brouwerij, welke panden op diezelfde dag aan Vrolikherts principalen zijn overgedragen door Daniël de Jong, oud-schepen van Hoorn en wegens die stad controlleur van de konvooien, wonende te Dordrecht, onder uitdrukkelijk beding, “dat den kooper, verpligt zal zijn, om binnen ses maanden, na den derden april 1782, de vorengemelte Brouwerij, in zo verre te vernietigen door het uitbreken van de ketels, werk, en geel-kuip of kuipen, dat dezelve daar door, tot het Brouwen van Bier, wert buiten staat gestelt, En dat alle het zelve nooit wederom zal mogen werden herstelt”. De brouwerij etc. wordt van voren belend door het huis van Jacobus La Riviere aan de ene zijde en het volgende huis aan de andere. Het huis “Londen” wordt belend door de brouwerij aan de ene en het huis van Augustinus Josephus Fagot aan de andere.

b. Cornelis Walburgh Vrolikhert, 14 mrt. 1744, OSP, begraven Dordrecht (Augustijnenkerk) 15 okt. 1798 (Cornelis Vrolijkhart, 54 1/2 jaar oud, zinkingkoortsen, ongehuwd, op de Groenmarkt, met de lijkkoets en volk er achter, om 9 uur)] 

 

Nakomelingen te Rotterdam

IIId. (van IIa) Blasius van Haerlem, gedoopt NG Dordrecht 1 nov. 1671, jongman van Dordrecht, wonende in de Wijnstraat ald. (1694), begraven Rotterdam 19 mei 1703 (Blasius van Haerlem, Baenstraat, Westerkerkhof), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 12/27 dec. 1694 (de bruidegom geassisteerd met zijn moeder, de bruid met Lijsbet int Velt, haar tante) Martijntie van Erckelens, jonge dochter van Duisburg (1694), weduwe van Blasius van Haarlem, van Dordrecht, wonende Ter Zijden De Wal te Rotterdam (1707), trouwde 2e NG Rotterdam 3/6 april 1707 Nicolaus Claesens, jongman van Turenhout, wonende in de Hoogstraat te Rotterdam (1707)

Kinderen:

a. Pieter van Haarlem, gedoopt NG Dordrecht 11 jan. 1700, volgt IV

b. Jacobus van Haarlem, gedoopt NG Rotterdam 27 juli 1702 (in de Baenstraat; getuigen: Grietje Markus, Maertje Koepere) 

 

IV. (van IIIa) Pieter van Haerlem, gedoopt NG Dordrecht 11 jan. 1700, jongman van Rotterdam (1722), begraven Rotterdam 24 jan. 1757 (Raamstraat vooraan), trouwde Rotterdam (stadstrouw; elk 3 gl.) 9/24 mei 1722 Hermina Luermans, gedoopt Zevenaar 19 jan. 1691, jonge dochter van Zevender (1722), begraven Rotterdam 11 okt. 1760 (Westerkerkhof), dochter van Albert Luermans en Wilhelmke Hemmers (Gens Nostra 1990, p. 456)

Kinderen:

a. Blasius van Haerlem, gedoopt Kath. Rotterdam (Slijkvaart) 28 jan. 1723 (getuigen: Jan Vrijelinghs, Anna Luurmans)

b. Nicolaus van Haerlem, gedoopt RK Rotterdam (Steiger) 19 mrt. 1724 (getuige: Anna Luurmans)

c. Nicolaus van Haerlem, gedoopt RK Rotterdam (Steiger) 10 april 1726 (getuige: Adriaan Klaessens)

d. Willemina van Haerlem, gedoopt RK Rotterdam (Steiger) 25 jan. 1728 (getuige: Anna Luurmans)

e. Blazius van Haerlem, gedoopt RK Rotterdam (Steiger) 4 mrt. 1730 (getuige: Joanna Alfers)

f. Christianus van Haerlem, gedoopt RK Rotterdam (Steiger) 23 febr. 1732 (getuigen: Joanna Lem, Henricus Dolcam)

g. Maria van Haerlem, gedoopt RK Rotterdam (Steiger) 27 juli 1734 (getuigen: Anna Masthof loco Maria Claessens)

h. Hermannus van Haerlem, gedoopt RK Rotterdam (Steiger) 8 juni 1737 (getuigen: Margarita Leurman loco Fredericus Leurman, Anna Maria Sebis)