Van Poelien

I. Arnold van Poelien, geboren naar schatting ca. 1670, jongman van Frankenthal (D.), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 11/25 mei 1698 Cornelia Pluijm, weduwe van Dordrecht, wonende bij de Grote Kerk (1698), trouwde 1e Gerecht/NG Dordrecht 2 aug. 1693 Johannes Schoen

Trouwboek Gerecht/NG Dordrecht 11 mei 1698: Arnold van Poelien jongman van Franckendael wijnkuiper wonende in de Wijnstraat geassisteerd met Laurens Paradijs zijn goede kennis en Cornelia Pluijm weduwe van Johannes Schoen van Dordrecht wonende bij de Grote Kerk, getrouwd op 25 mei 1698

Stadsarchief Dordrecht nr. 3 inv. 1975 (burgerboek), f. 123v: 9 jan. 1698 ontvangen als burger en inheems poorter van Dordrecht Aernout van Poelien “ende wert hem ’t regt vereert etc.” (geen plaats van herkomst vermeld)

ORA Dordrecht inv. 1639, f. 52v: op 4 juni 1701 verkoopt Beata de Haan, laatst weduwe van mr. Sijmon van Leeuwen, griffier van de Hoge Raad in Holland, voor 440 gl. aan Aernout Poelien, koopman te Dordrecht, een pakhuis in de Schuitemakersstraat.

ONA Dordrecht inv. 406, f. 196 e.v. (testateuren staan niet in de 200e penning); op 21 sept. 1703 testeren voor notaris J. van Bijwaert Aernout van Poelie [sic: hij tekent met “Arnolt van Poelien”], koopman en burger van Dordrecht en zijn vrouw Cornelia Pluijm, eerder weduwe van Johannes Schoen, mede koopman te Dordrecht, hij gezond en zij “sieckelijck sijnde”. Zij benoemen tot erfgenaam en voogd de langstlevende van hen beiden, die gehouden zal hun kinderen “onder hen allen” een bedrag van 300 gl. uit te keren.

ORA Dordrecht inv. 1641, f. 18v: op 31 mrt. 1705 verkopen Jan Pluijm, huistimmerman te Dordrecht, Hendrik Meusel, koster van de Augustijnenkerk, als man van Lucia [Sija] Pluijm, Arnold van Poelien, koopman, als man van Cornelis Pluijm, allen kinderen en erfgenamen van Jan Pluijm de oude, huistimmerman, en Jordaan Damasz. Verstappen, als voogd over Pieter en Maria Pluijm, minderjarige kinderen van Jan Pluijm de oude, voor 575 gl. aan Abraham Hordijk, mr. loodgieter en burger van Dordrecht, een huis bestaande uit twee gescheiden woningen in de Schuitenmakersstraat, staande tussen het huis van Willem de Koning, waar uithangt “het Ossenhoofd”, en het huis van Vester Mol.

ORA Dordrecht inv. 1648, f. 105v: op 31 mrt. 1719 verkoopt notaris Samuel de Moraaz, notaris te Dordrecht, als curator over de insolvente boedel van Alexander Pieterson, aan Arnoldus van Poelien, koopman te Dordrecht, een pakhuis of kelder in de Schuitenmakersstraat, komende boven het pakhuis of de woning van de weduwe van burgemeester Van Hoogeveen, genaamd “het Ossenhoofd”.

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Johanna, 31 jan. 1699,

b. Maria van Poelje, 2 febr. 1700, trouwde Johannes Groenendaal

Trouwboek Gerecht/NG Dordrecht 5 april 1721: Johannes Groenendael jongman van Dordrecht wonende bij de Vuilpoort geassisteerd met Hermanus Groenendael, zijn vader en Maria van Poelien jonge dochter wonende bij de Grote Kerk geassisteerd met Aernout van Poelien, haar vader, getrouwd op 20 april 1721

c. Arnoldus van Poelje, 19 dec. 1701

d. Caterina van Poelje, 13 aug. 1703, trouwde Arnold Knogh

Trouwboek Schots/Engelse kerk Dordrecht: “On the 21 Januar. 1731 were the banns of marriage published between Arnold Knogh j.m., and Catharina van Poeljen, j.d., … on the 28 dito for the 2nd time, on the 4 Febr. for the 3rd time, and were then married in our church”.

Trouwboek Gerecht/NG Dordrecht 20 jan. 1731 (de geboden gaan in de Engelse kerk): Arnoldus Knogh jongman van Dordrecht wonende bij het Nieuwpoortje en Catrijna van Poelien jonge dochter van Dordrecht wonende bij de Grote Kerk geassisteerd met Arnoldus van Poelien haar vader, getrouwd in de Engelse kerk op 4 febr. 1731

ORA Dordrecht inv. 1655, f. 21 e.v.: op 13 mrt. 1738 verkopen Arnold van Poelje de jonge, koopman te Dordrecht, voor zichzelf en nog samen met zijn vader, Arnold van Poelje de oude, procuratie hebbende van John Jackson, wonende in Engeland, als man van Johanna van Poelje, volgens procuratie, gepasseerd te Whitby in Engeland op 10 jan. 1738, en beiden nog als voogden over Johanna en Cornelis Groenendaal, minderjarige kinderen van Maria van Poelje, in haar leven echtgenote van Johannes Groenendaal, samen erfgenamen van Catharina van Poelje, weduwe van Arnoldus Knoch, overleden te Dordrecht, voor 4510 gl. aan Andries van Duren, burger van Dordrecht, een huis met pakhuis en branderij daaraan en daarachter, staande in de Voorstraat tussen het Melkpoortje en het huis van Cornelis van Rietschoten, alsmede voor 3000 gl. aan Cornelis van Rietschoten, burger van Dordrecht, een huis in de Voorstraat bij het Melkpoortje, staande tussen het huis van Andries van Duren en dat van de erfgenamen van de weduwe Hooijman. De koper is schuldig aan verkopers een bedrag van 1000gl.

e. Arnold van Poelien, 28 nov. 1704, volgt II

f. Johanna van Poelien,17 sept. 1707, trouwde John Jackson

ORA Dordrecht inv. 1669, f. 7v: op 27 jan. 1752 verkooptArent de Heer, raffinadeur te Dordrecht, voor zichzelf en tevens vervangende Mattheijs van der Bank, koopman te Dordrecht, als executeurs-testamentair van Maaijke van der Straaten, weduwe van Johannes van Ham, voor 2030 gl. aan John Jackson, koopman te Dordrecht, een huis in de Grotekerksbuurt, staande tussen het huis van oud-burgemeester mr. Pieter Eelbo en dat van de weduwe Veldman, alsmede voor 210 gl. aan dezelfde koper een huis in de Schuitenmakersstraat, staande tussen het pakhuis van Arnold van Poelje en dat van Abraham Kimijser.

g. Cornelia van Poelien, 13 april 1723

II. Arnold van Poelien, gedoopt NG Dordrecht 28 nov. 1704, trouwde Eng. gemeenteDordrecht 21 jan./4 febr.1731 Geertruida Groenendaal

Trouwboek Schots/Engelse kerk Dordrecht: “On the 21 Januar. 1731 were the banns of marriage published between … Arnold van Poeljen j.m., and Geertruida Groenendaal, j.d., on the 28 dito for the 2nd time, on the 4 Febr. for the 3rd time, and were then married in our church”.

ORA Dordrecht inv. 1655, f. 34 e.v.: op 29 april 1738 verkopen Arnold van Poelje de jonge, als man van Geertruij Groenendaal, dochter en erfgename van Johanna Opdecamp, weduwe van Johannes Groenendaal, overleden te Dordrecht, en Arnold van Poelje de oude en Hendrik Hamer, als voogden over de minderjarige kleinkinderen en mede-erfgenamen van Johanna Opdecamp, voor 1250 gl. aan Aernaut van der Hegge, organist te Dordrecht, een huis met pakhuis erachter, genaamd “het Vat van Heijdelberg”, staande in de Grotekerksbuurt tussen het Manhuisstraatje en het huis van Aart van Cappel,voorts voor 760 gl. aan Frans Hoeffnagel bierdrager een huis in de Vriesestraat, staande tussen het huis van Engel de Ruijter en dat van de weduwe van Huijbert van Eijnsbergen, en aan Aart van Cappel, burger van Dordrecht, een huis in de Mariënbornstraat “onder de Wijser”, staandenaast de stal en het koetshuis van de weduwe van burgemeester Adriaan van Hoogeveen.

ONA Dordrecht inv. 934, akte 94: op 6 sept. 1753 comp. voor notairs G. Verveer Willem Bruijn voor de Weduwe Willem Bruijn en Zonen, Pieter van Well en Arnout van Poelien, allen wonende te Dordrecht en reders en eigenaars van het barkschip “de Suijker Molen”, waar schipper op is Bastiaan Krijgsman en boekhouder voornoemde Willem Bruijn. Zij verlenen procuratie aan Wouter van Loon, wonende te Rotterdam, omaldaar bij de Admiraliteit op de Masete verzoeken om paspoorten voor het voornoemde schip en degene, die daarop schipper zal zijn, “omme ten opsigte van de schepen van Algiers vrij en ongemolesteert te mogen varen.”

ORA Dordrecht inv. 1662, f. 92v: op 18 april 1758 verkoopt Gerard Kelderman, stadhouder van de hoofdofficier van Dordrecht, als procuratie hebbende van mr. Samuel Onderwater, schepen in wette en lid van de Oudraad te Dordrecht, als man van Cornelia van den Sandheuvel, eerder weduwe en erfgename van mr. Johan Herman Hallincg, lid van de Oudraad te Dordrecht, voor 2325 gl. aan Arnold van Poelien, een koetshuis en paardenstal, staande in de Grotekerksbuurt tussen het huis van Frans van Helmond en het Manhuisstraatje.

ORA Dordrecht inv. 1669, f. 63v: op 16 juli 1776 verkoopt Arnold van Poelien, koopman te Dordrecht, als gemachtigde van zijn moeder Geertruij Groenendaal, weduwe van Arnold van Poelien, wonende te Dordrecht, voor 25 gl. aan Anthonij Schaap, wonende te Dordrecht, een pakhuisje in de Schuitenmakersstraat, staande tussen het pakhuis van Adriaan de Leeuw en dat van Teunis Colijn.

Kinderen:

a. Johanna van Poelien, gedoopt NG Dordrecht 16 nov. 1732, jonge dochter van Dordrecht wonende in de Grotekerksbuurt (1761), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 11/28 april 1761 (de bruid geassisteerd met haar vader Arnoldus van Poelien)Elias Mauritz, jongman van Wezel wonende in de Voorstraat bij de Pelserstraat (1761), koopman te Dordrecht

ORA Dordrecht inv. 1663, f. 42v: op 22 juli 1760 verkoopt Catharina Mauritz, laatst weduwe van Pieter van Booven, wonende te Dordrecht, voor 6000 gl. aan Elias Mauritz, wonende te Dordrecht, een huis met zeepziederij ernaast, staande op de Voorstraat tussen het huis van Laurens de Groot en het volgende huis, een huis op de Voorstraat, staande tussen het voorgaande huis en dat van Otto Ruijmers, een pakhuis op de stadsvest achter enbehorende tot de zeepziederij, staande tussen het huis van Steven van de Werken en dat van de weduwe De Bot, een pakhuis behorende tot de zeepziederij en een pakhuis naast het voorgaande pakhuis, behorende tot de zeepziederij en staande naast het pakhuis van Laurens de Groot.

ORA Dordrecht inv. 1663, f. 42v: op 22 juli 1760 verkoopt Catharina Mauritz, laats weduwe van Pieter van Boven, wonende te Dordrecht, voor 2400 gl. aan Josua en Pieter Stempels, burgers van Dordrecht, een huis op de Voorstraat, genaamd “de brouwerij van de Son”, staande tussen het huis van Dirk Koelen en dat van Laurens de Groot.

ORA Dordrecht inv. 1664, f. 216: op 28 nov. 1765 verkoopt Catharina Mauritz, weduwe van Pieter van Boven, wonende te Dordrecht, voor 3000 gl. aan Elias Mauritz, koopman te Dordrecht, een huis in de Pelserstraat, staande tussen het pakhuis van Wilhelmus van Nievelt en dat van Hermanus van Beest, alsmede een blok huisjes, bestaande uit zes woningen, staande in de Pelserstraat, met open erf erachter en al het erf of “getimmerte”, gebouwd op het erf, voordien toebehoord hebbende aan brouwerij “de Zon” of tot aan hetzelfde erf, toebehorende of toebehoord hebbende aan Josua en Pieter Stempels.

ORA Dordrecht inv. 1665, f. 210v: op 20 dec. 1768 verkoopt Elias Mauritz, koopman te Dordrecht, voor 100 gl. aan Melchart Muts, loodgieter te Dordrecht, een huis in de Pelserstraat, staande naast het pakhuis van Hermanus van Beest.

ORA Dordrecht inv. 1761, f. 81: op 24 dec. 1805 verkoopt Gerard Mauritz, koopman te Dordrecht, als procuratie hebbende van Johanna van Poelien, weduwe van Elias Mauritz, wonende te Dordrecht, voor 3200 gl. aan Adriana Cornelia Gregoor, wonende te Dordrecht, de “Helft in Een agtkante wind olij en Tras molen, van ouds genaamd het Juffertje, met deszelfs vaste en losse gereedschappen, als mede de Tuin en Huizinge en Erf, staande en gelegen op de Werf van en naast dezelve Molen, welke werf, ten delen door de Loots is gedekt, en verdere gevolgen, niets uitgezonderd, alles staande en gelegen op Stadsgrond, buiten deze Stad, aan het zogenaamde Wilgenbosch, langs den Straatweg”, belend ten NO de haven, ten ZW het huis van Jan van Weena, ten ZO en van achteren voornoemde tuin, en stuitende tegen het erfvan Jan Schouten.

[Zie ook Nederlands Patriciaat 4e jg. (1913), p. 255.)

Kinderen:

a-1. Hendrik, gedoopt NG Dordrecht 7 mei 1762

a-2. Geertruy, gedoopt Eng. gemeente Dordrecht18 juni 1764

a-3. Arnoldina, gedoopt Eng. gemeente Dordrecht 31 aug. 1766

a-4. Gerard Mauritz, gedoopt NG Dordrecht 7 sept. 1768

a-5. Johanna, gedoopt Eng. gemeente Dordrecht6 mei 1770

a-6. Maria, gedoopt Eng. gemeente Dordrecht3 mei 1771

a-7. Arnoldus, gedoopt NG Dordrecht17 nov. 1775

b. Cornelia, gedoopt NG Dordrecht 13 juli 1735, trouwde 1767 Johan Herman Willemszen

Trouwboek Schots/Engelse kerk Dordrecht 13 dec. 1767: “After regular publication of the bans Mr. Johan Herman Willemsone [laatst drie letters doorgehaald en vervangen door “zen”], batchelor, was married to Miss. Cornelia van Poelien, daughter of Mr. Arnoldus van Poelien, in the English church, by Alexander Layel, English minister.

ORA Dordrecht inv. 1676, f. 15v: op 11 febr. 1790 verkoopt Karel van Helmont, wonende te Dordrecht, voor 4150 gl. aan Cornelia van Poelien, weduwe van Johan Herman Willemse, wonende te Dordrecht, een huis met tuin erachter, staande op de Voorstraat tussen de Heer Heijmansuijsstraat en Nieuwkerkstraat, uitkomende met een gang in de Wijngaardstraat, belend door het huis van Francois Vermeulen aan de ene zijde en het pakhuis van verkoopster aan de andere.

ORA Dordrecht inv. 1679, f. 342: op 28 april 1803verkoopt Pieter Plesier, metselaarsbaas te Dordrecht, voor 3400 gl. aan Cornelia van Poelien, weduwe van Johan Herman Willemszen, wonende te Dordrecht, een huis op de Voorstraat in de Kannenkopersbuurt aan de havenzijde, getekend C:112, belend aan de ene zijde door en gedeeltelijk boven het woonhuis van de koopster en aan de andere zijde door het woonhuis van de hoedenmaker Hekelaar.

ORA Dordrecht inv. 1682, f. 345: op 21 mrt. 1809 verkoopt Hendrika Bomhof, weduwe van Jan Hakker, wonende te Dordrecht,voor 900 gl. aan Cornelia van Poelien, weduwe van Johan Herman Willemszen, wonende te Dordrecht, een huis op de Voorstraat in de Kannenkopersbuurt, getekend C:110 en thans C:100, staande tussen het huis van de koopster en het huis of de koekenbakkerij van de weduwe van Herbert van Duuren.

c. Arnold van Poelien, gedoopt Eng. gemeente Dordrecht 22 dec. 1743, volgt III

d. Mary, gedoopt Eng. gemeente Dordrecht 22 juni 1749

e. Geertruida van Poelien, gedoopt NG Dordrecht 6 jan. 1751, trouwde Dordrecht 15 febr. 1772 Samuel Crena

ORA Dordrecht inv. 1683, f. 376: op 19 juli 1810 verkoopt Geertruida van Poelien, weduwe van Samuel Crena, wonende te Outshoorn, voor 2200 gl. aan Arij van Epenhuizen, wonende te Dordrecht, een huis, genaamd “de Kleine Spiegel”, staande op de Voorstraat, getekend D:372, tussen het huis van Johannes Thomas en dat van de weduwe J. Crena.

Kind:

d-1. Adriana Crena, gedoopt NG Dordrecht 30 dec. 1772, trouwde David van Poelien

III. Arnold van Poelien, gedoopt Eng. gemeente Dordrecht 22 dec. 1743, trouwde 1767 Hester Crena

Trouwboek Gerecht/NG Dordrecht 14 aug. 1767 (de geboden gaan in de Engelse kerk): Arnold van Poeliën jongman geboren te Dordrecht wonende in de Grotekerksbuurt geassisteerd met zijn moeder Geertruij Groenendaal weduwe van Arnold van Poeliën en Hester Crena jonge dochter geboren te Dordrecht wonende in de Voorstraat bij de Pelserbrug geassisteerd met haar vader David Crena, getrouwd op 1 sept. 1767

ORA Dordrecht inv. 1676, f. 63v: op 21 juli 1790 verkoopt Johannes Lippius, wonende te Dordrecht, voor 1800 gl. aan Arnold van Poelien, lid van de Oudraad te Dordrecht, een huis in de Grotekerksbuurt, staande tussen het huis van de erfgenamen Van der Linden van Slingelandt en dat van de erfgenamen Van Tienen, alsmede een pakhuis in de Schuitenmakersstraat achter het voornoemde huis, staande tussen het huis van de koper en dat van Pieter Poirier.

ORA Dordrecht inv. 1676, f. 120v: op 22 febr. 1791 verkoopt Arnold van Poelien, lid van de Oudraad te Dordrecht, voor 9000 gl. aan David du Bois, koopman en veertigraad van Dordrecht, een huis in de Grotekerksbuurt, staande tussen de Schuitenmakersstraat en het huis van de erfgenamen Van der Linden van Slingelandt, alsmede een pakhuis, staande tussen het voorgaande huis en dat van Pieter Poirier.

ORA Dordrecht inv. 1676, f. 122v: op 8 mrt. 1791 verkoopt Arnold van Poelien, lid van de Oudraad te Dordrecht, voor 1400 gl. aan dr. Jacob van Wageningen, arts en koopman te Dordrecht, een huis in de Grotekerksbuurt, uitkomende met een gemeenschappelijke gang in het Manhuisstraatje, staande tussen het huis van de erfgenamen van de heer Van der Linden van Slingelandt en dat van de erfgenamen van Dirk van Tienen.

Kinderen:

a. Arnoldus 22 mei 1768

b. David van Poeliën 16 juli 1769, trouwde Adriana Crena

David van Poeliën, heer van Nuland en Rijsoord, geboren Dordrecht 12 juli 1769, lid van het Tussenbestuur te Dordrecht in 1813, burgemeester van Dordrecht 1824-1827, lid van de Staten van Holland, overleden Dordrecht 10 jan. 1830 (in huis A:295 aan de Groenmarkt)(NNBW [internet], trouwde Adriana Crena, gedoopt NG Dordrecht 30 dec. 1772 overleden Dordrecht 27 febr. 1842 (Groenmarkt A:295), dochter van Samuel Crena en Geertruida van Poelien

ORA Dordrecht inv. 1681, f. 226: op 25 okt. 1808 verkoopt mr. Adriaan van der Werff van Zuidland, als procuratie hebbende van Agatha Boonen, weduwe van Arend van der Werff van Zuidland, wonende te Breukelen, volgens procuratie gepasseerd voor notaris P. A. Voigt te Breukelen op 11 okt. 1808, voor 37.000 gl. aan David van Poelien van Nuland, wonende te Dordrecht, een huis op de Groenmarkt, getekend A:290, belend ten O. door het huis van de erfgenamen Scheeve en ten W. door het huis van ds. Van der Bank.

ORA Dordrecht inv. 1681, f. 236: op 25 okt. 1808 verkoopt mr. Adriaan van der Werff van Zuidland, als procuratie hebbende van Agatha Boonen, weduwe van Arend van der Werff van Zuidland, wonende te Breukelen, volgens procuratie gepasseerd voor notaris P. A. Voigt te Breukelen op 11 okt. 1808, voor 2500 gl. aan David van Poelien van Nuland een huis op de Varkenmarkt, getekend A:324,belend ten O. doorde stal van de koper en ten W. door het huis van de koper, getekend A:325.

ORA Dordrecht inv. 1681, f. 238: op 25 okt. 1808 verkoopt mr. Adriaan van der Werff van Zuidland, als procuratie hebbende van Agatha Boonen, weduwe van Arend van der Werff van Zuidland, wonende te Breukelen, volgens procuratie gepasseerd voor notaris P. A. Voigt te Breukelen op 11 okt. 1808, voor 2000 gl. aan David van Poelien van Nuland een huis op de Varkenmarkt, getekend A:325, belend te O. door het huis van de koper, getekend A: 324, en ten W. door het woonhuisje van ds. Van der Bank.

ORA Dordrecht inv. 1682, f. 283: op 31 jan. 1809 verkopen Jan van der Heiden, wonende even buiten Dordrecht, Johanna van der Heiden, wonende te Dordrecht, en Laurens van der Heiden, voor zichzelf en samen met Jacobus de Voogd en Jan Smids, allen wonende te Dordrecht, als voogden over de kinderen over de kinderen van wijlen Jan van der Heiden, voor 930 gl. aan David van Poelien van Nuland, wonende te Dordrecht, een huis in de Grotekerksbuurt aan havenzijde tussen de Pelser- en Lombardbrug, belend door het huis van Dirk Verhaar aan de ene zijde en dat van E. van Wel aan de andere.

ORA Dordrecht inv. 1682, f. 604: op 29 juni 1809 verkoopt David van Poelien, heer van Nuland, als man van Adriana Crena, wonende te Dordrecht, voor 13.900 gl. aan Hendrik Verhoef, wonende te Dordrecht, een “Huis en Tuin, met een Pakhuis, genaamd de Spiegel, mitsgaders de grond waar op het twede Pakhuis genaamd de Zijlemakerij gestaan heeft, alles staande en gelegen binnen de gemelde Stad in de Voorstraat, getekend D N. 402 en 307 met twee vrije uitgangen aan Stadsveste in de zoogenaamde Boogjes; En nog de Melioratie of Beterschap van Een Erf getekend No. 436 1/3 & 405 gelegen aan de Spuihaven over bovengemelde Twee vrije uitgangen (zijnde het voorgemelde de heer en vrouwe Constituante aangekomen bij acte van Donatie van derzelver ouders den heere Samuel Crena en vrouwe Geertruida van Poelien den 27e van wintermaand 1806 voor den binnen deze Stad residerende Notaris Jan Hendrik Schultz van Haegen en getuigen gepasseerd, onder beding dat de Heer en vrouwe Constituanten de verpondingen buiten bezwaar van den koper zullen moeten aanzuiveren envoldoen tot en over den Jare 1808 incluis)”. De tuin en het pakhuis, genaamd “de Spiegel”, staan en liggen achter het voornoemde huis en strekken zich uit tot de stadsgracht.

ORA Dordrecht inv. 1682, f. 612: op 29 juni 1809 verkopen David van Poelien, heer van Nuland, als man van Adriana Crena, enAdriana Crena zelf, wonende te Dordrecht, voor 700 gl. aan Willem van de Weg, wonende te Dordrecht, een “open Erf, gelegen binnen deze Stad Dordrecht, aan de zogenaamde Boogjes, agter de Tuin en tusschen de uitgangen van het Huis op heden aan de Heer Hendrik Verhoeff getransporteerd get. D No. 431 & 432 & 399, uitkomende aan Stads Veste. En dat met zodanige Regten en Geregtigheden, mitsgaders Servcituten als het Zelve maar enigsints heeft en onderworpen is, en Speciaal met het regt om voor en door de Poort staande voor den uitgang van het Pakhuis genaamd den Spiegel in en uit de Spuijhaven te mogen laden en lossen, als meede met de Last ten behoeve van den Eigenaar van voorgemelde Huis in der tijd, dat op voornoemd Erf nimmer eene Kuiperij zal vermogen te worden geexerceerd, zijnde het voorgemelde Erf de Heer en Vrouw Constituanten aangekomen bij Acte van Donatie van derzelven Ouders den Heere Samuel Crena en Vrouwe Geertruida van Poelien, den 27 van wintermaand 1806, voor den Notaris Jan Hendrik Schultz van Hegen en getuigen, binnen deze Stad gepasseerd. En voorts onder beding dat de Heer en Vrouwe Constituanten de verpondingen buiten bezwaar van den koper zullen moeten aanzuiveren en voldoen tot en over den Jare 1808 in cluis, en dat de verpondingen over dezen Jare 1809 en vervolgens komen zullen tot Lasten van den koper.”

c. Geertruij van Poelien, gedoopt NGDordrecht 2 okt. 1770,overleden 14 april 1846 te Dordrecht (BS Dordrecht, akte 256: Geertruida van Poelien, in het huis Wijnstraat nr. 161), trouwde Gerecht Dordrecht 22 mrt./7 april 1805 mr. Adriaan Everwijn Onderwater, weduwnaar van Eva Susanna Valckenier,

2 jan. 1793: boedelscheidingtussen Samuel Onderwater, burgemeester van Dordrecht, Adriaan Everwijn Onderwater, Boudewijn Onderwater, raadsheer in de Provinciale Staten van Holland, Boudewijn Onderwater, heer van Puttershoek, oud-burgemeester van Dordrecht, als echtgenoot van Suzanna Onderwater, Suzanna Onderwater zelf, Maria Onderwater, meerderjarig en ongehuwd, Abraham Pompe van Meerdervoort, als echtgenoot van Johanna Onderwater en Johanna Onderwater zelf, allen wonende te Dordrecht, behalve raadsheer Boudewijn Onderwater, die in Den Haag woont, samen kinderen van Cornelia Everwijn, bij haar verwekt door generaal Boudewijn Onderwater, inmiddels overleden, en erfgenamen van [hun tante] Johanna Everwijn, vrouwe van Brandwijk en Gijbeland, in haar leven weduwe van Adriaan Stoop, burgemeester van Dordrecht.

Aan mr. Adriaan Everwijn Onderwater, schepen en oudraad van Dordrecht, is o.a. toebedeeld: 1. een huis, met koetshuis en stal daarachter, in de Wijnstraat tussen de Gravenstraat en de Schrijversstraat, belend door de Stadsleenbank aan de ene zijde en het huis van ArijDuraaan de andere, 2. een stal in de Wijnstraat op de hoek van de Grote Kraan, staande tegenover het voornoemde huis ennaast het huis van Jan van Onna, 3. een pakhuis, vanouds genaamd “het Spijkerhuis”, staande op de Wolwevershaven zuidzijde [= Kuipershaven] tussen de Schrijversstraat en de Roobrug, belend door hetonder 1. genoemdekoetshuisen stal aan de ene zijde en de suikerraffinaderij “de Spijkermand” aan de andere zijde. De waarde van deze effecten samenwordt geraamd op40.000 gl.Voorts krijgt hij een buitenplaats in Oud-Dubbeldam aan de Zandweg, genaamd “Rusthout”, groot 565 roeden, met nog 3 morgen 168 roeden land in Oud-Dubbeldam, gelegen achter”Rusthout”.

Burgemeester Samuel Onderwater krijgt de heerlijkheden Brandwijk en Gijbeland in de Alblasserwaard, met de tienden en 1100 roeden land in Brandwijk en één morgen land onder Gijbeland, samen voor 20.000 gl.

(ONA Dordrecht inv. 1072, akte dd 2 jan. 1793)

4 febr. 1793: mr. Adriaan Everwijn Onderwater krijgt van de Burgemeesters van Dordrecht toestemming om de stal en het koetshuis, staande vóór zijn huis in de Wijnstraat, te laten afbreken en tot een open erf te maken, op voorwaarde, dat hij er zorg voor draagt, dat het huis daarnaast “op generlij wijze daerdoor werde gepraejudiceert”, en dat hij het zodoende te bekomen erf niet “tot onteering der stad [zal] doen beleggen of bezetten”. (Erfgoedcentrum DIEP, archief 32, inv. 406, map 4)

27 nov. 1816: mr. Adriaan Everwijn Onderwater, raadin devroedschap en oud-schepen van Dordrecht, testeert ten overstaan van notaris H. Struijk te Dordrecht. Hij bevestigt de huwelijkse voorwaarden, gepasseerd op 20 mrt. 1805.

Hij legateert

– aan het Nederlandsch Zendelingen Genootschap te Rotterdam 5000 gl.

– aan de Ned. Geref. diaconie-armen te Dordrecht 3000 gl.

– aan de Ned. Geref. kerken te Dordrecht 3000 gl.

– aan Magdalena Anthonia van der Pol, echtgenote van L. E. Ram, te Utrecht, 3000 gl.

– aan zijn vrouw, Geertruij van Poelien, al zijn meubelen, huisraad en inboedel, paarden, rijtuigen, boeken, schilderijen, familieportretten, kleding, goud, zilver, parels, juwelen, en andere sieraden

– voorts aan zijn vrouwtevens een huis met koetshuis, stal, tuin en verdere toebehoren, staande en gelegen in de Wijnstraat, genummerd B: 178, 179 en 161, van achteren uitkomende op de Kuipershaven

– idem een pakhuis genaamd “het Spijkerhuis”, staande op de Kuipershaven naast de suikerraffinaderij van de heer Duffer, genummerd B:304/285

– idem een open erf in de Wijnstraat, tegenover het hiervoor genoemde woonhuis, strekkende voor van de straat tot achter aan de haven

Tot universele erfgenamen van al zijn overige goederen benoemt hij mr. Samuel Onderwater, heer van Brandwijk en Gijbeland, mr. Boudewijn Onderwater, Susanna Onderwater, weduwe van mr. Boudewijn Onderwater, heer van Puttershoek, enJohanna Onderwater, vrouw van mr. Abraham Pompe van Meerdervoort. Hij stelt zijn vrouw aan tot executrice van zijn testament en bezorgster van zijn begrafenis.

(ONA Dordrecht inv. 1584, akte 1162)

13 dec.1817:Geertruida van Poelienwordt eigenares van het huis “de Onbeschaamde” na het overlijden van haar man, mr. Adriaan Everwijn Onderwater.

d. Adriana 17 febr. 1773

e. Arnoldus 20 aug. 1775

f. Hester 4 jan. 1778

g. Hester 9 febr. 1783