Hekkenhoek

I. Isaak Jansz. Hekkenhoek, jong gezel uit de Kethel (1655), trouwde NG Bleiswijk 17 april 1655 (ondertrouw) Annetje Cornelisdr. Vermeij, jonge dochter te Bleiswijk (1655)

ONA Dordrecht inv. 182, f. 287: op 7 juni 1669 verleent Isaack Heckenhoeck, wonende te Dordrecht, als man van Anneken Cornelisdr. Vermeij, mede-erfgename van haar tante Neeltgen Adriaensdr. Vermeij, echtgenote van Pieter Cornelisz. Verhoeff, beiden overleden te Nieuwkoop in Rijnland, procuratie aan Geerit Cornelisz. Vermeij, zijn zwager, die in Bleiswijk woont, om met de overige erfgenamen van Neeltgen Adriaensdr. Vermeij, te scheiden de boedel, die Pieter Cornelisz. Verhoeff heeft nagelaten.

ONA Dordrecht inv. 274, f. 49: op 21 mrt. 1672 stellen Janneken Hendriksdr. van Swieten, weduwe van Cornelis Adriaensz. Vermeij, wonende te Bleiswijk, en Gerrit Schut, wonende te Dordrecht, zich borg voor “alle soodanige gemeenelants imposten als Isaack Heckenhoeck eenichsins sal comen aen te staen vande genen de welcke … binnen den lande van Hollant eenichsins in verpachtinge sullen comen”.
Kinderen:
a. Adriaan Hekkenhoek, geboren naar schatting ca. 1656, volgt II
b. Catrina Hekkenhoek, geboren naar schatting ca. 1660, jonge dochter van Dordrecht wonende in de Wijnstraat (1687), trouwde NG Dordrecht 2/16 mrt. 1687 Jan van den Bos, weduwnaar wonende buiten de Spuipoort (1687)
c. Johanna Hekkenhoek, gedoopt NG Dordrecht 22 febr. 1668, jonge dochter van Dordrecht wonende in Bleiswijk (1690), trouwde 20 aug./3 sept. 1690 (met attestatie van Bleiswijk (1690), Adriaen Gijsbertsz. Pott, jongman van Dordrecht (1690)
II. Adriaan Hekkenhoek, geboren naar schatting ca. 1656, jongman van Dordrecht wonende bij de Nieuwstraat (1677), notaris, trouwde NG Dordrecht/Oud-Beijerland 21 mrt./4 april 1677 Anna van Trigt, jonge dochter van Dordrecht wonende op de Nieuwe Haven (1677), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 22 april 1743 (Anna van Trigt, weduwe van Adriaan Heckenhoek, bij de Vismarkt, laat kinderen na, 6 koetsen extra, de eerste boete).

ORA Dordrecht inv. 1629, f. 28v: op 29 juni 1683 verkoopt Abraham de Melij, koopmansbode van Dordrecht op Den Haag, voor 2500 gl. aan Adriaen Heckenhouck, notaris te Dordrecht, een huis in de Wijnstraat, staande tussen het huis van Aelbert Cuijp nomine uxoris en de Wijnkoperskapel. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 1500 gl.

ORA Dordrecht inv. 1630, f. 87: op 2 mei 1686 verkoopt Ruth de Ridder, impostmeester, als procuratie hebbende van mr. Adriaen van Hoven, advocaat voor de resp. Hoven van Justitie in Holland, als halfbroer en voogd van Judith Maria van Hoven, dochter en mede-erfgename van Bartholomeus van Hoven, door hem verwekt bij Maria van Duijnen, enige nagelaten dochter van Gerard van Duijnen, schepen in wette van Dordrecht, voor 575 gl. aan Adriaen Heckenhouck, notaris te Dordrecht, een huis voor het Bagijnhof omtrent de Raambrug, staande tussen het huis van Gerrit Carssendijck en dat van Jacobus de Gelder.

ORA Dordrecht inv. 1632, f. 4: op 29 jan. 1689 verkoopt Adriaan Hagoort, notaris te Dordrecht, als gemachtigde van het Gerecht van Dordrecht, voor 1005 gl. aan Adriaan Heckenhouck, notaris te Dordrecht, een huis, bestaande uit twee woningen onder één dak, staande in de Augustijnenkamp tussen het huis van Hendrik van Ringen en dat van de kinderen van Aernout Roffaer, door hem verwekt bij Maria van de Poel, welk verkochte huis en het huis van de kinderen van Aernout Roffaer zijn gekomen uit de boedel van Johannes van Keppel en Maria van de Poel.

ORA Dordrecht inv. 803, f. 38 e.v.: op 19 april 1701 verkoopt Adriaan Heckenhouck, notaris te Dordrecht, voor 4000 gl. aan Meijer Salomons, wisselaar te Dordrecht, een huis in de Wijnstraat, staande tussen het huis van Pieter Onderwater en de Wijnkoperskapel, vanouds genaamd “den Wijngaart”. Koper is schuldig aan verkoper een somma van 2000 gl.

ORA Dordrecht inv. 1639, f. 141v: op 16 sept. 1702 verkopen Arnoldus van Eijsden, apotheker te Dordrecht, en Hermanus Erkelens, koopman te Dordrecht, als voogden over de weeskinderen van wijlen kapitein Simon onder de Linden en van Raegeltie van Eijsden, en Johannes van Braam, stadsdrukker van het kleine zegel te Dordrecht, voor 2000 gl. aan Adriaen Heckenhoeck, notaris te Dordrecht, een huis op de Voorstraat aan de landzijde tussen de Vriesestraat en de Grote Vismarkt, vanouds genaamd “de Lindeboom”, staande tussen het huis van Pieter van der Werff en dat van de koper.

ORA Dordrecht inv. 816 (oud), f. 63 e.v.: op 15 juni 1730 verkoopt Pieter van Well, notaris en kamerbewaarder te Dordrecht, als procuratie hebbende van Adriaan Pot, wonende te Dordrecht, voor 1200 gl. aan Anna van Trigt, weduwe van Adriaan Heckenhouck, wonende te Dordrecht, een huis in de Visstraat, staande tussen het huis van Willem Colder aan de ene zijde en voor het pakhuis en achter het woonhuis van Nicolaas der Moeij viskoper aan de andere zijde. Het huis heeft een achteruitgang in het Loverstraatje.

ORA Dordrecht inv. 816 (oud), f. 75 e.v.: op 5 sept. 1730 verkoopt Mattheus Heckenhouck, wonende te Dordrecht, als procuratie hebbende van zijn moeder, Anna van Trigt, weduwe van Adriaan Heckenhouck *, wonende te Dordrecht, voor 1325 gl. aan Jan Fredrik Bough, stadhouder van de schout van Dordrecht, een huis in de Visstraat, staande tussen het huis van Willem Colder aan de ene zijde en voor het pakhuis en achter het woonhuis van Nicolaas der Moeij aan de andere zijde.

ORA Dordrecht inv. 1657, f. 31: op 14 juli 1744 verkoopt Maria Heckenhoeck, weduwe van Gijsbert van Aalst, als executrice-testamentair van haar moeder Anna van Trigt, weduwe van Adriaan Heckenhoeck, die gewoond heeft en is overleden in Dordrecht, voor 6000 gl. aan Coenraad Welborn, impostmeester te Dordrecht, een huis op de Voorstraat omtrent de Grote Vismarkt, staande tussen het huis van de weduwe van dr. Arnoldus van Eijsden en het volgende huis, alsmede een huis op de Voorstraat, staande tussen het voorgaande huis en dat van de erfgenamen van Pieter van der Werff.

Kinderen (o.a.; allen NG gedoopt in Dordrecht):
a. Isaak, 26 jan. 1678
b. Anna Maria, 9 mei 1682
c. Maria Heckenhoeck, 10 juni 1683, jonge dochter van Dordrecht wonende bij de Visbrug (1705), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 19 juli 1705 (ondertrouw, de bruid geassisteerd met haar ouders) Gijsbert van Aalst, weduwnaar van Gorinchem wonende omtrent de Augustijnenkerk (1705), impostmeester van diverse gemenelandsmiddelen te Dordrecht
ORA Dordrecht inv. 1640, f. 84v: op 19 febr. 1704 verkoopt Adriaen ’t Hooft, koopman te Dordrecht, voor zichzelf en als procuratie hebbende van zijn vrouw Cornelia Beens, die eerder weduwe en testamentaire erfgename was van Michiel de Man, voor 2000 gl. aan Gijsbert van Aelst, impostmeester wonende te Dordrecht, een huis omtrent de Nieuwbrug, staande tussen het huis van Isaacq Broeders en dat van de weduwe Maes.
ORA Dordrecht inv. 1642, f.8v: op 5 febr. 1707 verkopen Cornelis Lijcogton en Jacobus de Gelder, als voogden over de kinderen van wijlen Wouter de Gelder, secretaris van de Hoge Krijgsraad van Dordrecht en penningmeester van de Zwijndrechtse Waard, verkoopt voor 530 gl. aan Gijsbert van Aalst, impostmeester van verscheidene gemeneandsmiddelen te Dordrecht, een huis, “geapproprieert” tot stal en koetshuis, staande omtrent de opgang naar de Vest bij de Vriesepoort aan het einde van het Bagijnhof, staande naast de loods van Maarten de Vos en strekkende tegen het erf van Frans Hoogstraten vleeshouwer.
ORA Dordrecht inv. 807, f. 4: op 26 febr. 1709 verkoopt Adriaen de Bruijn voor 7000 gl. aan Gijsbert van Aalst, impostmeester van verscheidene gemenelandsmiddelen te Dordrecht, een huis, vanouds genaamd “den Reus”, met het achterhuis, vanouds genaamd “de Kalkmaat”, staande in de Wijnstraat omtrent de Beurs tussen het huis “de Goude Leeuw”, dat door de koper op dezelfde dag is gekocht, en de Tolbrugstraat Waterzijde.

ORA Dordrecht inv. 807, f. 5 e.v., akte dd 12 mrt. 1709: comp. Dudlij Iris, koopman te Dordrecht, en Elisabet van Herwijnen, zijn vrouw,hun meerderjarige zoon Johan Irish, en Boudewijn Balen, als procuratie hebbende van Johan van Herwijnen, schepen en raad van de stad Zaltbommel en ontvanger van de konvooien en licenten aldaar, volgens procuratie gepasseerd voor schepenen te Zaltbommel, waarbij Johan van Herwijnen verklaarde procuratie te verlenen aan Boudewijn Balen, om te verkopen zodanig aandeel als hem, constituant, is aanbedeeld in het huis “de Goude Leeuw” en twee huisjes daarachter, staande over de Tolbrug te Dordrecht,bij de scheiding vande goederen, die zijn nagelaten door B. van Herwijnen en Hester Husthout [Hulsthout], volgens rekening gedaan ten overstaan van schepenen van Dordrechtdoor notaris J. Buijrt. Decomparanten verkopen voor 11.300 gl. aan Gijsbert van Aalst, impostmeester wonende te Dordrecht, een huis vanouds genaamd “de Goude Leeuw” met twee woningen daarnaast, staande in de Wijnstraat tussen het huis van de weduwe van ds. Henricus Francken en het huis van de koper, hebbende zijn achteruitgang in de Tolbrugstraat Waterzijde, alsmede twee woningen daarnaast, staande in de Tolbrugstraat Waterzijde.

ORA Dordrecht inv. 1653, f. 30v: op 29 april 1732 verkoopt Gijsbert van Aelst, inwoner van Dordrecht, voor 300 gl. aan Petrus van Thiel Anthonisz., medicinae doctor te Dordrecht, een huis in de Voorstraat, zijnde het tweede huis van de Nieuwbrug, staande tussen het huis van Philips Mom en dat van Adolf Hordijk.

ORA Dordrecht inv. 1655, f. 35v: op 29 april 1738 verkoopt Maria Heckenhouck, weduwe van Gijsbert van Aalst, voor 380 gl. aan Dirk van [den]Andel, impostmeester te Dordrecht, een huis, “geapproprieert” tot een koetshuis en stal, staande omtrent de opgang na de Vest bij de Vriesepoort aan het einde van het Bagijnhof, belend door de loods van Klaas Sliep en het huis van Aart Pell

ORA Dordrecht inv. 1661, f. 208v e.v.: op 24 juni 1756 verkopen mr. Adriaan Heckenhoek, advocaat voor de resp. Hoven van Justitie, wonende in Den Haag, en Coenraad Welborn, als man van Anna Adriana Heckenhoek, samen enige erfgenamen van Maria Heckenhoek, weduwe van Gijsbert van Aalst, gewoond hebbende en overleden te Dordrecht, aan Anna Maria Mom, meerderjarige ongehuwde persoon, wonende te Dordrecht, een huis in de Wijnstraat tegenover de Beurs, staande tussen het huis van Coenraad Welborn en de Tolbrugstraat Waterzijde, alsmede een huis in de Tolbrugstraat Waterzijde, staande tussen de uitgang van het huis van Coenraad Welborn en het huis van Jan Renson. De koopprijs van het eerste huis bedraagt 1850 gl. en van het tweede 330 gl.

d. Mattheus Hekkenhoek, 26 okt. 1686, volgt III
e. Adriaen, 6 okt. 1697
III. Mattheus Hekkenhoek, gedoopt NG Dordrecht 26 okt. 1686, trouwde 29 juli 1708 Diderica van Zeeberg
ORA Dordrecht inv. 1649, f. 49 e.v.: op 3 okt. 1720 verkopen Elias Venlo, secretaris van het Watergerecht, en Huijbert van den Burggraaff, koopman te Dordrecht, als executeurs-testamentair van Dirck van Nooij, veertigraad van Dordrecht, en laatstgenoemde tevens als procuratie hebbende van zijn vrouw, Jacoba Thooft, voor een vijfde deel erfgename van Dirck van Nooij, voor 6050 gl. aan Mattheus Heckenhoek, burger van Dordrecht, een huis en wijnkelders daaronder, staande en gelegen in de Grotekerksbuurt tussen het huis van juffrouw Van Cappel en het huis van Van Driel.
Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):
a. Adriaen, 3 juni 1709, jong overleden
b. Pieter, 27 juni 1710
c. Adriaan Heckenhoeck, 4 juli 1711, advocaat in Den Haag (vermeld in ORA Dordrecht inv. 1662, f. 126, akte dd 3 okt. 1758)
d. Anna Cornelia, 5 sept. 1717
d. Anna Adriana Hekkenhoek, 3 jan. 1719, trouwde Koenraad Welborn, impostmeester te Dordrecht
e. Gijsbertus Marius, 12 juli 1720
f. Pieternella Anna Cornelia, 11 jan. 1722