Van de Grient

I. Jan Goesensz., leefde mogelijk in Kijfhoek in de tweede helft van de zestiende eeuw

Kinderen:

a. Cornelis Jansz. van de Grient (Lange Kees), geboren naar schatting ca. 1580, volgt IIa

b. Cornelis Jansz. van de Grient (Korte Kees), volgt IIb

c. Wouter Jansz. van de Grient, volgt IIc

d. Huijbrecht Jansz., volgt IId

IIa. Cornelis Jansz. van de Grient (Lange Kees), geboren naar schatting ca. 1580, jong gezel van Kijfhoek (1605), woonde achter het “Blauwhuis” in Dubbeldam, overleden ca. 1645, trouwde 1e Gerecht Dordrecht (onderscheiden gezindten) 18 dec. 1605 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader, Jan Goesensz., de bruid met haar vader Pleun Ariensz.) Ariaantje Pleunen de Wit, geboren naar schatting ca. 1590, jonge dochter wonende onder Dubbeldam (1605), overleden Dubbeldam (begraven in de kerk) 5 okt. 1636, grafschrift: “Hier leijt begraven Arijaentie Pleunen de Wit sterf den 5 october anno 1636”. (Ons Voorgeslacht 1967, p. 88), dochter van Pleun Ariensz. de Wit en Sijtgen Hendrixdr., 2e NG Dubbeldam 7/28 mrt. 1638 (proclamatie Dordrecht) Maijke Hendricxdr. van der Sluijs, jonge dochter van Dordrecht wonende buiten de Vriesepoort dicht onder Dordrecht (1638), weduwe wonende buiten de Vriesepoort (1646), trouwde 2e NG Dordrecht 24 juni/10 juli 1646 (per schrijven van Dubbeldam) Gerrit Pietersz. (Koijmans), jongman van Peursum wonende op Dubbeldam (1646)

Het Blauwhuis stond bij de tegenwoordige begraafplaats Essenhof in Dordrecht.

ONA Dordrecht inv. 76, f. 22v: testament dd 3 mei 1638 van Huijbrecht Adriaensz. en zijn vrouw Theuntgen Theunisdr., wonende te Sliedrecht. Zij benoemen tot voogden over hun minderjarige erfgenamen Cornelis Jansz. van de Grient, wonende te Dubbeldam, zijn neef, en Adriaen Theunisz. Mol, haar broer.

1638: Cornelis Jansz. van de Grient aangeslagen in de 200e penning van Dubbeldam voor een vermogen van 3000 gl. (RA Dordrecht, archief 3, inv. 3978, f. 87v)

25 sept. 1640: Cornelis Jansz. van de Grient, wonende te Dubbeldam, transporteert aan Willem Lodewijcxs, wonende te Dordrecht, het gebruik van acht morgen zaailand in de Zuidpolder van Dubbeldam, welke hij heeft gepacht van juffrouw van den Eijnde.

26 okt. 1641: huwelijkse voorwaarden tussen Jacob Thijsz., jongman wonende te Dubbeldam, en Sijken Cornelisdr. van de Grient, jonge dochter wonende te Dubbeldam, geassisteerd met haar vader Cornelis Jansz. van de Grient. Aldus gepasseerd ten huize van Huijbert Jansz. van de Grient, wonende buitende Spuipoort.(ONA Dordrecht inv. 79, f. 98)

Kinderen (ex 1; volgorde onzeker):

a. Jan Cornelisz. van de Grient, geboren naar schatting ca. 1610, volgt IIa

b. Sijken Cornelisdr. van de Grient, geboren naar schatting ongeveer 1620, trouwde 26 okt. 1641 (huw. voorwaarden) Jacob Thijsz.

c. Goose Cornelisz. van de Grient, trouwde Maeijken Bartholomeus

ORA Dordrecht inv. 1748, f. 68: op 10 juni 1679 transporteert Maeijken Bartholomeus, laatst weduwe van Goosen Cornelisz. van de Grient, wonende buiten de Spuipoort, aan do. Christianus van den Hatert, emeritus predikant op Papendrecht, “Seecker huijs en melioratie van Twee Thuijnen ofte Erven met derselver toebehooren gelegen den eenen Thuijn en beterschap vant Erve daer het huijs op staet buijten de Vriesepoort deser Stadt, over de Steene straetwech, op deser Stede gront / ende den andren Thuijn gelegen aende path nevens den voorsz. Thuijn loopende achter, off t’eijnden de twee Thuijnen voor dezen bij Sr. [-] Selvre(?), Coopman tot Amsterdam, van sijns Compts principale overleden man za.r gecocht, streckende van deselve Thuijnen, tot aende uijtgedolve gracht “staande en gelegen “tusschen het huijs en Beterschap vant Erve toebehoort hebbende Dirck Willems vander Linden aen d’eene, en(de) de Bleijckerije van Claes Gerrits Bleijcker aen d’ander zijde, streckende van de voors. Straetwech tot aende Thuijn vande weduwe van Fredrick Lenaerts toe / tusschen de weijde vanden voorsz. Claes Geerits Bleijcker aen d’eene, en(de) den Thuijn van de wed.e van Cornelis Jaspers Outlandt aen d’ander zijde”, betaald met het “casseren van een schultbrieff van f 1.200 die den voors. Do vanden Hatert op de voorsz. percelen sprekende hadde”.

d. Cornelis Cornelisz. van de Grient, trouwde NN

Kind:

d-1. Pleun Corneliz. van de Grient, overleden ca. 1714

IIa. Jan Cornelisz. van de Grient, geboren naar schatting ca. 1610, overleden vermoedelijk te Puttershoek vóór 8 mrt. 1657, trouwde naar schatting ca. 1640 Hendrickje Samuels

8 mrt. 1657: overeenkomst tussen Hendrickje Samuels, weduwe van Jan Cornelisz. van de Grient, geassisteerd met Sijmon Cornelisz. Boertje en Eldert Pietersz., enerzijds en Goose Cornelisz. van de Grient, als oom en bloedvoogd van Ariaantje Jansdr., ongeveer 17 jaar oud, Swaentje Jansdr., ongeveer 11 jaar en Cornelis Jansz. van de Grient, 9 jaar, kinderen van Jan Cornelisz. van de Grient en Hendrickje Samuels, anderzijds. De weduwe zal de kinderen onderhouden en daarvoor alle goederen, die haar man heeft nagelaten, behouden. Als het jongste kind mondig is geworden, zal zij de kinderen elk 10 gl. uitkeren en aan de zoon zijn vaders mes met zilveren heft en een hemdrok met zilveren knopen. Zij verbindt hiervoor een huis op Puttershoek, belend zuid het erf van de metselaars en noord Leendert Theunisz.

Kinderen:

a. Ariaantje, geboren ca. 1640

b. Swaente, geboren ca. 1646

c. Cornelis Jansz. van de Grient, gedoopt NG Puttershoek 5 febr. 1648, jongman van en wonende te Puttershoek (1669), overlijden aangegeven door zijn vrouw bij de gaarder te Puttershoek op 21 jan. 1702 (pro deo), trouwde NG Puttershoek 31 aug./24 sept. 1669. Neeltgen Ariensdr. (Bijl), gedoopt NG Puttershoek 5 febr. 1640, mogelijk overleden na 1 nov. 1715 (ONA Dordrecht inv. 611, f. 472 e.v., akte dd 1 nov. 1715)

– 24 okt. 1695: Cornelis Jansz. van de Grient en Neeltje Ariensdr. Bijl zijn de ouders van Jan Cornelisz. van de Grient, die is gehuwd met Lidewij Cornelisdr. Borger. Laatstgenoemden benoemen in hun testament, gepasseerd op die dag voor schepenen van ‘s-Gravendeel, zijn vader Cornelis Jansz. en haar stiefvader Coen Pietersz. Verkerck tot voogden over hun minderjarige erfgenamen. (ONA ‘s-Gravendeel inv. 4587)

Nakomelingen te Puttershoek. (zie pagina Kwartierstaat A. B. den Haan, generatie IX t/m XIIm vanaf kwartier 423, op deze website).

IIb. Cornelis Jansz. van de Grient (Korte Kees), trouwde naar schatting ca. 1610 Grietge Michiels

Kinderen:

a. Jan Cornelisz. van de Grient, geboren naar schatting ca. 1610, volgt IIIb

b. Annetje van de Grient, geboren naar schatting ca. 1620, trouwde 25 aug. 1647 Aalbert Hendriksz. van der Sluijs

c. Adriaenken, gedoopt NG Dordrecht juli 1622

d. Abraham, gedoopt NG Dordrecht dec. 1624

e. Hubertge, van de Grient, gedoopt NG Dordrecht mrt. 1626, trouwde 13 nov. 1650 Salomon Stevensz. de Cool

IIc. Wouter Jansz. van de Grient, weduwnaar van Kijfhoek wonende in de Heer Heijmansuijsstraat in Dordrecht (1636), sledenaar, overleden in 1639, trouwde !e NN, 2e NG Dordrecht 21 dec. 1636/11 jan. 1637 Anneken Jans, weduwe van Utrecht wonende in de Heer Heijmanssuijsstraat (1636), trouwde 1e Jan Aertsen leidekkerWeeskamer Dordrecht inv. 19, f. 275v: op 5 mei 1639 extract ingeschreven van het testament van Wouter Jansz. sledenaar, gepasseerd voor notaris W. van der Elst op 16 mrt. 1639. Hij heeft tot voogden over zijn minderjarige kinderen benoemd Cornelis en Hubert Jansz. van de Grient.

Kinderen:

a. Jan Woutersz. van de Grient, trouwde Sijdje Simons

Kinderen:

a-1. Leijsbet Jansdr. van de Grient, geboren ca. 1648, trouwde Evert Mouthaan

ORA Dordrecht inv. 1750, f. 178v: op 7 mrt. 1703 verkoopt Jan Cornelisz. van de Grient, korenmeter en burger van Dordrecht, voor 300 gl. aan Evert Mouthaan en Heijltje Ariens, weduwe van Adam Back, een huis buiten de Vriesepoort, staande tussen het huis van de weduwe van Jan Huijgen en de schuur van Pieter Gerritsz. Schuijten.

ORA Dordrecht inv. 1753, f. 35v: op 10 febr. 1722 verkoopt Jan d’Jongh, bleker buiten Dordrecht, als erfgenaam van Lijsbeth van de Grient, laatst weduwe van Evert Mouthaan, voor 425 gl. aan Paulus IJssenbroekx, burger van Dordrecht, een huis, bestaand uit twee woningen met de tuin erachter, staande en gelegen op de Tweede Singel achter het huis, genaamd “Romen”, tegenover de tuin van mr. Franchois van Bockhoven en tussen het huis van Jacob Mouthaan en dat van Jan Blonk.

ORA Dordrecht inv. 1753, f. 37: op 12 mrt. 1722 verkoopt Jan de Jongh in ’t Lam, als erfgenaam van Lijsbeth van de Grient, voor 862 gl. 10 st. 9 penn. aan Hendrik van Hilst bleker de helft van een linnenblekerij, bestaande uit drie velden met een huis en “timmeragie” erop, staande op de hoek van de Noordendijk, waarvan de wederhelft toebehoort aan Jan Kanders, belend aan de ene zijde door de Noordendijk en de blekerij van Bastiaan van der Matte aan de andere.

a-2. Janneken, gedoopt NG Dordrecht 12 juni 1662

IId. Huijbrecht Jansz., geboren naar schatting ca. 1590, trouwde Heijltgen Adriaens

ORA Dordrecht inv. 1748, f. 67v: op 6 juni 1679 verkopen Goosen Huijbertsz. van de Grient, Cornelis Huijbertsz. van de Grient en Leendert van de Graeff, als man van Ariaantje Huijbertsdr. van de Grient, voor 150 gl. aan Bastiaan Huijbertsz. van de Grient drie vierde parten in een huisje, staande buiten de Spuipoort op de hoek van de Boerenkil.

Kinderen (allen NG gedoopt in Dordrecht):

a. Gosen Huijbrechtsz. van de Grient, jan. 1621, jongman van Dordrecht wonende buiten de Spuipoort (1646), tuinman, hovenier, trouwde NG Dordrecht 29 april 1646 (ondertrouw) Aechtgen Teunisdr. Baen, jonge dochter van Sliedrecht wonende buiten de Spuipoort (1646)

ORA Dordrecht inv. 1748, f. 71: op 15 juli 1679 verkoopt Jillis Jans sledenaar, als man van Pieterke Crijnen, die eerder weduwe was van Arijen Jansz. Wor, voor 700 gl. aan Goosen Huijbertsz. van de Grient, een huis met schuur, staande buiten de Vriesepoort tussen het huis van Maarten de Vos en de gang van de tuin van Hendrik de Vos.

Kinderen (zoals vermeld in het testament van Gosen Huijbrechtsz. van de Grient en Aechje Teunisdr. (ONA Dordrecht inv. 368, f. 270, dd. 2 aug. 1677)):

a-1. Anthonij [Theunis] Gosensz. van de Grient, gedoopt NG Dordrecht 26 dec. 1646, trouwde 22 mei 1678 Marijke Andriesdr. (de Jonge)

ORA Dordrecht inv. 1748, f. 144v: op 25 mei 1684 verkoopt Goossen van de Grient, burger van Dordrecht, voor 600 gl. aan zijn zoon Theunis Goossensz. van de Grient een huis buiten de Spuipoort tegenover de Kruisweg, staande tussen de molen “de Koe” en het huis van Aert Jansz. van der Linden.

ORA Dordrecht inv. 1752, f. 203v: op 13 juni 1719 Maria de Jongh, weduwe van Theunis van de Grient, voor 325 gl. aan Jan van Helmont, koopman te Dordrecht, een huis met een boomgaardje erachter, staande en gelegen buiten de Spuipoort tegenover het Goudleerhuis tussen molen “de Koe” en het huis van Corstiaan Borgers.

Kinderen:

a-1-1. Gosuinus, gedoopt NG Dordrecht 8 juni 1680

a-1-2. Aeghje, gedoopt NG Dordrecht 19 sept. 1681

a-1-3. Apollonia (Plonia) van de Grient, geboren naar schatting ca. 1690, jonge dochter van Dordrecht wonende buiten de Spuipoort (1715), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 20 jan./3 febr. 1715 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader Jan Jacobsz. Kalis, de bruid met haar moeder Maria de Jongh, de vrouw van Teunis van de Grient) Pieter Jansz. Calis, jongman van Dordrecht wonende in Zwijndrecht (1715)

ORA Dordrecht inv. 1753, f. 25v: op 10 juni 1721 verkoopt Gijsbert Bras voor 150 gl. aan Apollonia van de Grient, weduwe van Pieter Calis, wonende buiten de Sluispoort, een huis even buiten de Sluispoort omtrent de Hoogt, staande tussen de tuin van Arnoldus ’t Hooft en het huis van Cornelis de Jongh.

a-2. Jan Gosensz. van de Grient, geboren ca. 1649

ONA Dordrecht inv. 332, f. 357: op 31 dec. 1668 verklaren Baptist Dircxsz., burger van Dordrecht, 29 jaar oud, Reijnier Gerritsz., 27 jaar oud, en Joost Comijns, 24 jaar oud, op verzoek van Goosen Huijbertsz. van de Grient, tuinman wonende buiten de Spuipoort, dat zij een dag tevoren gekomen zijn buiten de Spuipoort, waar zij hebben gehoord en gezien, dat Jan Ariensz. Boer, de zoon van de rekwirant, genaamd Jan Goosensz. van de Grient, “seer was scheldende” en o.a. zei, dat de vader van Jan een gauwdief en een gelddief was en dat hij hem dat zou bewijzen.

ONA Dordrecht inv. 333, f. 13: verklaring dd 14 jan. 1669 door Jan Goosensz. van de Grient, ongeveer 20 jaar oud.

a-3. Cornelis Gosensz. van de Grient

ORA Dordrecht inv. 1749, f. 102: op 13 sept. 1692 verkoopt Cornelis Goossensz. van de Grient voor 400 gl. aan Jan Cornelisz. van de Griend, tuinman en burger van Dordrecht, een huis buiten de Vriesepoort omtrent het huis, genaamd “Romen”, staande tussen het huis van Jan Huijgen en de schuur van Goossen van de Grient.

a-4. Lijsbeth Gosensz.

b. Cornelis Huijbrechtsz. van de Grient, nov. 1622, volgt IIIc

c. NN, mrt. 1625

d. Arien Huijbertsz. van de Grient, geboren naar schatting ca. 1625, volgt IIId

e. Ariaentgen Huijbrechtsdr. van der Grient, geboren naar schatting ca. 1630, jonge dochter van Dordrecht wonende buiten de Spuipoort (1660), trouwde NG Dordrecht/Dubbeldam 7/21 nov. 1660 Leenaerdt Cornelisz. van de Graeff, jongman van Bleskensgraaf wonende buiten de Spuipoort (1660)

Kind:

d-1. Baertge, gedoopt NG Dordrecht 4 febr. 1661

f. Bastiaen Huijbertsz. van de Grient, volgt IIIe.

IIIc. Cornelis Huijbertsz. van de Grient, gedoopt NG Dordrecht nov. 1622, jongman van Dordrecht wonende in de Kolfstraat (1665), hovenier, trouwde NG Dordrecht 14/30 juni 1665 Grietje Jansdr., jonge dochter van Dordrecht wonende in de Wijnstraat (1665)

Kinderen (allen NG gedoopt in Dordrecht):

a. Heijltje, 7 sept. 1667

b. Jan van de Grient, 10 febr. 1673, volgt IVb

c. Huibertje, 5 juli 1675

d. Huijbert van de Grient, 8 aug. 1681, volgt IVc

e. Arie van de Grient, geboren naar schatting ca. 1685, volgt IVd

IIId. Arien (Adriaan) Huijbertsz. van de Grient, geboren naar schatting ca. 1625, jongman van Dordrecht wonende buiten de Spuipoort (1647), weduwnaar van Dordrecht wonende buiten de Spuipoort (1654), hovenier, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 28 okt. 1660 (een bAAtrouwde 1e NG Dordrecht 27 okt. 1647 (ondertrouw) Maijken Jans, jonge dochter van Ridderkerk wonende op de hoek van de Kleine Spuistraat (1647), 2e NG Dordrecht 26 juli/9 aug. 1654 Maijken Melsdr. Haghen, gedoopt NG Dordrecht nov. 1628, jonge dochter van ‘s-Hertogenbosch wonende in de Nieuwe Breestraat (1654), dochter van Mels Hagens en Machtelt Govertsdr. Scheerdras.

Kinderen:

a. Anneken, gedoopt NG Dordrecht 15 april 1648

b. Mels van de Grient, geboren naar schatting ca. 1655, volgt IVe

c. Huijbert, gedoopt NG Dordrecht 11 jan. 1658

d. Aelbert, gedoopt NG Dordrecht 23 juli 1660

IIIe. Bastiaen Huijbertsz. van de Grient, jongman van Dordrecht wonende buiten de Spuipoort (1660), weduwnaar wonende buiten de Spuipoort (1663), hovenier, trouwde 1e NG Dordrecht 14 mrt./28 mrt. 1660 (met attestatie van Bleskensgraaf) Stijntje Cornelisdr. van de Graef, jonge dochter van Bleskensgraaf wonende buiten de Spuipoort (1660), trouwde 2e NG Dordrecht/Sliedrecht 24 juni/15 juli 1663 Maijken Gerritsdr., jonge dochter van Sliedrecht wonende ald. (1663)

ORA Dordrecht inv. 1752, f. 28v: op 1 okt. 1711 verkopen Gerrit van de Grient, wonende te Rotterdam, Arien van de Grient, wonende te Leiden, Bastiaan van de Grient, Matthijs Verhelt, echtgenoot van Barentje van de Grient, samen met Heijltje van de Grient, getrouwd met Cornelis van Hoogtijnen, en Maria van de Grient, getrouwd met Jacob Hamers, voor 475 gl. aan Jan Maartensz. Sevenhoven een erf met een huis erop, staande buiten de Spuipoort langs de Boerenkil aan het einde van de Straatweg op de hoek van de Kilbrug tegenover de korenmolen “de Kleine Wip” tussen het huis van de weduwe van Cornelis Komans en de Boerenkil.

Kinderen (o.a.):

Ex 1:

a. Barentje van de Grient geboren naar schatting ca. 1660, jonge dochter van Dordrecht wonende buiten de Spuipoort (1686), weduwe van Dordrecht wonende buiten de Spuipoort (1699), trouwde 1e Gerecht/NG Dordrecht 14/29 juli 1686 Pieter Andriesz. de Jongh, jongman van Rotterdam wonende buiten de Sluispoort (1686), hovenier, 2e Gerecht/Dordrecht 5/20 juli 1699 (de bruidegom geassisteerd met zijn goede kennis Cornelis Beijsterveld) Matthijs Verhelt, jongman van Dordrecht wonende buiten de Vuilpoort (1699), mr. schiptimmerman

Kinderen (ex 1; allen NG gedoopt in Dordrecht):

a-1. Andries, 17 jan. 1687

a-2 Apollonia, 18 febr. 1688

a-3. Bastiaan, 3 aug. 1690

a-4. Christina, 4 mrt. 1693

Ex 2:

b. Huibert, 4 april 1664, vermoedelijk jong overleden

c. Arien, 26 jan. 1669, jong overleden

d. Heijltjen van de Grient, 30 april 1670, trouwde Cornelis van Hoogtijnen

e. Marij van de Grient, 5 juni 1673, trouwde Jacob Hamers

f. Gerridt van de Grient, 16 okt. 1676, woonde in Rotterdam

g. Adriaen van de Grient, 12 april 1680, woonde in Leiden

h. Bastiaen van de Grient, 21 april 1684

IIIb. Jan Cornelisz. van de Grient, geboren naar schatting ca. 1610, weduwnaar van Dordrecht wonende in de Vriesestraat (1639), timmerman, trouwde 1e NN, 2e NG Dordrecht 13/29 mrt. 1639 Judick Bartholomeusdr. van Bakrigom, van Duisburg wonende in de Nieuwkerkstraat (1639)

ORA Dordrecht inv. 1629, f. 14v: op 5 mei 1683 verkopen Bartholomeus van de Grient, mr. huistimmerman en burger van Dordrecht, Jan Pauwelsz. van de Grient, timmerman en burger van Dordrecht, als man van Martijntie van de Grient, Heijltgen Claes, weduwe van Cornelis van de Grient, en Anneken van de Grient, meerderjarige, ongehuwde persoon, voor zichzelf en tevens vervangende Andries Kint, als man van Grietgen van de Grient, allen kinderen en erfgenamen van Jan Cornelisz. van de Grient, voor 845 gl. aan Johannes Jansz. Chittel, burger van Dordrecht, een huis in de Nieuwe Breestraat, staande tussen het huis van Leendert Schiften en de gang van het Gasthuis.

Kinderen (allen NG gedoopt in Dordrecht):

a. Bartholomeus van de Grient, jan. 1640, volgt IVa

b. Margarita (Grietgen) van de Grient, aug. 1641, trouwde Andries Kint

c. Martina van de Grient, juni 1644, trouwde Jan Pauwelsz. van de Grient, timmerman

d. Cornelis van de Grient, 25 juli 1646, trouwde NG Dordrecht 22 juli 1668 Heijltgen Claesdr. van Lotteringe

ORA Dordrecht inv. 1625, f. 25: op 23 april 1675 verkoopt Hendrik Jans, oudschoenmaker en burger van Dordrecht, als man van Geertje Cornelis, mede-erfgename van Maria Servaes, weduwe van Joris Pennij, voor 115 gl. aan Heijltje Claes, de vrouw van Cornelis van de Grient, mr. huistimmerman en burger van Dordrecht, een huis in de Vrankenstraat, staande tussen het huis van Mels Andries en dat van Dirck Mutsert.

ORA Dordrecht inv. 1645, f. 76: op 19 dec. 1713 “Mess.rs. Anthonij de Vos Jacobsz, Coopman binnen dese Stad, en Anthonij de Vos Hendricx, Juwelier mede alhier, als in Huwelijck hebbende Juffr. Cornelia de Vos Jacobsz Testamentaire Erfgenamen van zal.r Maarten de Vos in sijn leven mr. timmerman binnen dese Stad, derselver oom, in die qt. voor d’eene helfte, ende nog den selven als bij Codicillaire dispositie in den voornoemden Testamente van za. Marija Taijert in haar leven laast wed.e van(de) voorn. Maarten de Vos, gepast. voor de nots. Petrus van Son en seekere getuijgen op den 3e novemb. 1708 aangestelde voogden o(ver) Jan en Marieken vander Vlies, bijde nagelaten minderjarige kidneren van Roeland van der Vlies in sijn leven garntijnder binnen Middelburgh in Zeeland, die een vooroverledene zoon was van voorsz. Maria Taijert in haar eerste Huwelijck verwekt bij Corn. Roelandse vander Vlies, en vervolgens die dieselve kinderen Erfgenamen sijn abintestato van(de) voorsz. haare grootmoeder Maria Taijert voor de andere helft, mitsgrs. ten desen ter regarde van(de) minderjarige kinderen approbatie hebbende van(de) Camere Judicieel deser Stad, als mede Heijtlie Claas van Lotteringe wed. Corn. van(de) Grient”, voor 145 gl. aan Jennike Kamerling een huisje in de Heer Heijmansuijsstraat, “(waar van ider de helft competeerde d’voorsz. Heijtlie Claas van Lotterinen wed.e van Corn. van(de) Grient en d’eerste Compt.)”, staande tussen ten noorden het huis van Maarte Vermeulen en ten zuiden dat van Cornelis de Vries.

Kinderen

d-1. Jan, gedoopt NG Dordrecht 5 sept. 1672

d-2. Judick, gedoopt NG Dordrecht 31 jan. 1674

d-3. Heijltje, gedoopt NG Dordrecht, 28 juni 1676

d-4. Nikolaas, gedoopt NG Dordrecht 22 aug. 1677

e. Arent, 26 sept. 1648

f. Annetgen van de Grient, 23 febr. 1650

g. Maijke, 15 febr. 1652

h. Aernoudt van de Grient, 19 okt. 1654, huistimmerman, trouwde Willemijntgen Cuijpers

ONA Dordrecht inv. 326, f. 284: op 22 juni 1684 comp. voor notaris Pieter Muijs te Dordrecht Aernout van de Grient huistimmerman en zijn vrouw Willemijntgen Cuijper, burgers van Dordrecht. Zij veklaren, dat op diezelfde dag hun door notaris Muijs is voorgelezen de rekening, die Pieter Jansz. Cuijper op 22 juni 1682 ten overstaan van dezelfde notaris voor Arijen Roelantz. en diens vrouw Maijken Cuijpers wegens de goederen van hun grootvader heeft gesloten, en dat hun,comparanten bij slot van die rekening toekwam een bedrag van 565 gl. 7 st. en 8 penn., welk bedrag zij uit handen van hun oom Pieter Jansz. Cuijper hebben ontvangen.

IIId. Bartholomeus van de Griendt, geboren naar schatting ca. 1640, mr. huis timmerman, trouwde Emmerentia Romeijn

ORA Dordrecht inv. 1629, f. 19: op 12 mei en 13 mei 1683 verkopen Bartholomeus van de Grient, mr. huistimmerman, als echtgenoot van Emmerentia Romeijn, en Hermanus van Wessem, als man van Agatha Romeijn, samen erfgenamen van Maerten Abrahamsz. Romeijn, voor 265 gl. aan Geerit Lares, mazelaar en burger van Dordrecht, een huis op de Walevest, staande naast het huis van Hendrick van Beeck. Dezelfde verkopers voor de ene helft en Hendrick van Beeck voor de andere helft verkopen voor 850 gl. aan Bastiaen Jans, bierdrager en burger van Dordrecht, een huis in de Mariënbornstraat, staande tussen het huis van Hendrick van Beeck en dat van Pieter Pieters bierdrager. Van de Grient en Van Wessem verkoper nog voor 2000 gl. aan Pieter van Helmbeecq, bakker, een huis, staande tussen de Nieuwe Breestraat en het huis van de weduwe van Cornelis Staes.

ORA Dordrecht inv. 1629, f. 26: op 22 juni 1683 verkopen Hendrick van Beeck, voor de ene helft, en Bartholomeus van de Grient, als man van Emmerentia Romeijn, en Hermanus van Wessem, als man van Agatha Romeijn, samen erfgenamen van Maerten Abrahamsz. Romeijn, bakker en burger van Dordrecht, voor de andere helft, voor 2225 gl. aan Hendrik Lambertsz. de Bruijn, burger van Dordrecht, een huis met toebehoren, staande in het Steegoversloot tussen het huis van Samuel Porlingh en dat van Pieter de Jongh.

ORA Dordrecht inv. 1639, f. 77v: op 13 okt. 1701 verkopen Bartholomeus van de Grient, als weduwnaar van Emmerentia Romijn, en Herman van Wessum, als weduwnaar van Agata Romijn, samen erfgenamen van Maarten Abrahamsz. Romijn, burger van Dordrecht, voor 500 gl. aan Huijbert Tijsse van der Zande, burger van Dordrecht, een huis in de Grotekerksbuurt, staande tussen het huis van Van der Meer en dat van Van Gerven.

ORA Dordrecht inv. 1645, f. 90v: op 1 mrt. 1714 verkopen “Jan van de Grient Bartholomeusz, meerderjarig j:m: woonende binnen dese Stad, Soo in sijn prive, en verders als last en procuratie hebbende van Adriaan Spruijt woonende mede binnen dese Stad, in Huwelijck hebbende Judick van(de) Grient, Item van Sara, Agatha en Maria van(de) Grient voor de geregte eene helfte te Samen eijgenaars van het hier naar te noemen huijs en Erve ende als nog van Martinus van Wessum, Coopman alhier ter Stede, en Maria van Wessum, meerderjarige ongehuwde dogter, volgens de procuratie daar van gepasseert voor den nots. Albertus van Nievelt en seekere getuijgen in dese Stad resideren(de) van dato den 26 feb. deser Jaars 1714 daar van sijnde, ons Schepenen vertoont, Compareerde nog Theodora Brouwers Huijsvrouw van Jan van Holverda, als last ende procuratie hebbende van den voorsz. haare man, volgens de selve procuratie gepasseert voor den notaris Petrus van Son en seekere getuijgen in dese Stad residerende in dato den 12 decemb. 1711 daar van sijnde ons Schepenen vertoont, samen voor de wederhelft eijgenaars van ’t naargenoemde huijs”, voor 300 gl. aan Lucas Jansz. van Volkum, burger van Dordrecht, een huis in de Mariënbornstraat tegenover de Vrankenstraat, thans bewoond door Geertruij van den Blieck.

Kinderen (o.a.; allen NG gedoopt in Dordrecht):

a. Judick van de Grient, 9 febr. 1663, trouwde Adriaen Spruijt

b. Henricus, 21 juli 1664

c. Sara van de Grient, 21 dec. 1665

d. Martijnus, 23 mei 1668

e. Agatha van de Grient, 28 juli 1670

f. Martinus, 5 april 1675

g. Johanna, 23 juni 1677

h. Jan Bartholomeusz. van de Grient, 23 mei 1679

i. Maria van de Grient, 14 juli 1687

IVb. Jan van de Grient, gedoopt NG Dordrecht 10 febr. 1673, trouwde 25 dec. 1695 Anna van Werkhoven

Kinderen (o.a.):

a. Cornelis, gedoopt NG Dordrecht 16 sept. 1699

b. Margarita, gedoopt NG Dordrecht 30 jan. 1705

c. Hendrik, gedoopt NG Dordrecht 11 okt 1710

IVc. Huijbert van de Grient, gedoopt Dordrecht 8 aug. 1681, trouwde Anna van Drongelen

ORA Dordrecht inv. 1647, f. 77v: op 19 okt. 1717 verkopen Rijnier Duijsert en Leendert van de Roer, als man van Magdalena Duijsert, en Elisabeth en Johanna Duijsert, voor zichzelf en tevens vervangende Daniël Duijsert, samen kinderen en erfgenamen van Cristina van Snoeck, weduwe van Rijnier Duijsert, voor 1600 gl. aan Huijbert van de Grient, burger en kruidenier van Dordrecht, een huis in de Wijnstraat tegenover de Visbrug, staande tussen de brouwerij “het Witte Hart” en het huis, dat wordt bewoond door kapitein Severijn van Bragt.

Weeskamer Dordrecht inv. 35, f. 76: extract ingeschreven van het testament van Huijbert van de Grient en zijn vrouw Anna van Drongelen, gepasseerd voor notaris B. van der Star op 27 juli 1741. Tot voogden hebben zij benoemd na het overlijden van de langstlevende van hen beiden: Arij van de Grient en na diens overlijden Cornelis van de Grient en Jan van Drongelen en na diens overlijden Pieter van Drongelen.

ORA Dordrecht inv. 1662, f. 88v: op 13 april 1758 verkoopt Huijbert van de Grient, burger van Dordrecht, voor 2500 gl. aan Pieter Hering Pietersz., burger van Dordrecht, een huis in de Wijnstraat, staande tussen het huis van Matthijs Sax en de gewezen brouwerij “’t Witt Hart”.

ORA Dordrecht inv. 1662, f. 208: op 27 nov. 1759 verkoopt mr. Hermanus Franciscus Ketelenus, secretaris en administrateur van de Weeskamer te Dordrecht, als daartoe gemachtigd door de weesmeesters van Dordrecht, als voogden over de minderjarige en absente meerderjarige erfgenamen van Lijsbeth van der Schilt, weduwe van Jan Jansz. van der Linden, die onlangs ab intestato te Dordrecht is overleden, voor 378 gl. aan Huijbert van de Grient, burger van Dordrecht, een huis aan het Bagijnhof over de brug, staande tussen de hoek van de gemeenschappelijke gang en het huis van Damis van Breda.

ORA Dordrecht inv. 1757, f. 39: op 13 juli 1769 verkopen Cornelis van de Grient en Arij van Drongelen, burgers van Dordrecht, als executeurs-testamentair van Huijbert van de Grient en diens vooroverleden vrouw Anna van Drongelen, voor 310 gl. aan Cornelis Geerkens een tuin met een huis erop, staande aan de Noordendijk bij de Kleine Sluispoort tussen de tuin van Hendrik Boonen en die van Johannes Telders.

IVd. Arie van de Grient, geboren Dordrecht naar schatting ca. 1685, jongman van Dordrecht wonende in de Oude Breestraat (1707) trouwde Gerecht/NG Dordrecht 27 mrt. 1707 ( de bruidegom geassisteerd met zijn broer Jan van de Grient, de bruid met haar vader) Elisabeth van Duijnen, jonge dochter van Dordrecht wonende op de Varkenmarkt (1707)

ORA Dordrecht inv. 1757, f. 130: op 24 nov. 1774 verkopen Christiaan Groeneveld, schout en secretaris van Zwijndrecht, wonende aldaar, als man van Margarita van de Griendt, Huijbert van Waeij, als man van Maria van de Grient, Anna van de Grient, meerderjarig en ongehuwd en Anthonij Meloen, als man van Adriana van de Grient, allen wonende te Dordrecht, enige erfgenamen ab intestato van hun broer Cornelis van de Grient, die onlangs in Dordrecht is overleden, voor 600 gl. aan Francois Meloen, mr. zilversmid te Dordrecht, visstal nr. 3 op de Grote Vismarkt [Voorstraat bij de Visstraat] en voor 955 gl. aan Anthonij Pappelmans, schipper en burger van Dordrecht, een huis op de Varkenmarkt omtrent de Lange Houten Brug, uitkomende met een vrije achteruitgang op de Nieuwe Haven, staande tussen het huis van de koper en dat van Jacob Rosendaal..

Kinderen (allen NG gedoopt in Dordrecht):

a. Abraham, 23 febr. 1708, jong overleden

b. Margareta van de Grient, 19 april 1709, trouwde Christiaan Groeneveld, schout van Zwijndrecht

c. Cornelis van de Griend, 24 mei 1711, ongehuwd

d. Maria van de Grient, 22 nov. 1713, trouwde Huijbert van der Waeij

e. Anna van de Grient, 7 mrt. 1716, ongehuwd

f. Adriana van de Grient, 11 febr. 1718, trouwde Antonij Meloen

g. Elisabeth, 2 sept. 1721

IVe. Mels van de Grient, geboren naar schatting ca. 1655, jongman wonende op de Hoge Nieuwstraat (1682), schoenmaker, trouwde 15/30 mrt. 1682 Lijsbeth Kool, jonge dochter wonende op de Dwarskade (1682)

ORA Dordrecht inv. 1651, f. 64v: op 23 sept. 1727 verkopen Nicolaes Cool, koopman te Dordrecht, en Johan Maes, wonende te Dordrecht, als, samen met Catharina Cool, weduwe van Jan Grond, procuratie hebbende van Mels van de Griend, mr. schoenmaker en burger van Dordrecht, volgens procuratie gepasseerd voor notaris N. Vermaaz in Zierikzee op 22 aug. 1727, voor 550 gl. aan Cornelia Beekman, de vrouw van Pieter van den Bergh, schipper en burger van Dordrecht, een op de Hoge Nieuwstraat, staande tussen het huis van de weduwe De Wilde en dat van Aalbert Hooijwagen.

Kinderen (o.a.):

a. Geleijn, gedoopt NG Dordrecht 3 sept. 1684

b. Maria van de Grient, gedoopt NG Dordrecht 29 april 1688, volgt V

c. Ariaen, NG gedoopt Dordrecht 17 jan. 1695

d. Nicolaas. NG gedoopt Dordrecht 11 mei 1698

e. Johanna, NG gedoopt in Dordrecht 11 april 1701

V. Maria van de Grient, gedoopt NG Dordrecht 29 april 1688, jonge dochter van Dordrecht wonende in de Hoge Nieuwstraat (1712), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 24 april/8 mei 1712 (de bruidegom en de bruid geassisteerd met hun vaders) Anthonij van de Grient, geboren naar schatting ca. 1685, jongman [van Puttershoek] woont bij de Nieuwbrug (1712), zoon van Corstiaen Woutersz. van de Grient en Aegje Cornelisdr. Brommert alias Visser

Cf. ORA Dordrecht inv. 283, f. 133: op 9 juni 1690 verleent Cors van de Grient, wonende op Puttershoek, voor zichzelf en tevens vervangende zijn broers Teunis van de Grient, wonende op Puttershoek, en Arijen van de Grient, wonende op Piershil, procuratie aan Adriaan Hagoort, notaris te Dordrecht, om voor hem waar te nemen de processen, die hij uit heeft staan voor het Hof en de Hoge Vierschaar van Zuid-Holland.

ORA Dordrecht inv. 1853, f. 77v: op 7 febr. 1713 ontvangen als inheems poorter van Dordrecht Anthonij van de Grient, geboortig van Puttershoek, getrouwd met een burgersdochter, betaalt 5 ponden van 40 groten het pond.

ORA Dordrecht inv. 1660, f. 172v: op 22 nov. 1753 verkopen Mels van de Grient, Sijmon de Vries, als man van Aagje van de Grient, Jan van Sprang, als man van Magdalena van de Grient, en Jan van Sprang, nog als procuratie hebbende van Jan van der Meij, wonende te Oossanen , volgens procuratie gepasseerd voor notaris A. Gloeijsteen te Oossanen op 16 nov. 1753, allen kinderen en enige erfgenamen van Maria van de Grient, voor 230 gl. aan Gerard Smalt, mr. bakker, een huis, bestaande uit 2 woningen, staande in de Torenstraat tussen het huis van de koper en dat van Willem Frankot.

Kinderen (allen NG gedoopt in Dordrecht):

a. Corstiaen, 18 jan. 1713, jong overleden

b. Elijsabeth, 2 april 1714

c. Melsert (Mels) van de Grient, 15 mrt. 1716, volgt VI

d. Aegje van de Grient, 12 dec. 1717, trouwde Sijmon de Vries

e. Magdalena van de Grient, 15 okt. 1719, trouwde Jan van Sprang

VI. Melsert (Mels) van de Grient, 15 mrt. 1716, jongman van Dordrecht wonende bij de Gravenstraat (1739), weduwnaar van Dordrecht wonende in de Doelstraat (1758), muntersknaap, trouwde 1eGerecht/NG Dordrecht 19 sept./4 okt. 1739 (de bruidegom geassisteerd met zijn moeder Maria van de Grient, weduwe van Anthonie de Grient, de bruid met schriftelijk consent van haar vader Abraham ’t Hooft) Johanna ’t Hooft, jonge dochter van Dordrecht wonende bij de Boom (1739) 2e Gerecht/NG Dordrecht 25 febr./12 mrt. 1758 (de bruid geassisteerd met haar vader Bart Velthuijsen) Marija Velthuijsen, jonge dochter van Dordrecht wonende op de Vest bij de Botgensstraat (1758)

ORA Dordrecht inv. 1657, f. 121v: op 8 mrt. 1746 verkoopt Mels van de Grient, burger van Dordrecht, voor 410 gl. aan Franchois Bongers, koopman te Dordrecht, een huis aan het einde van de Tobrugstraat Landzijde in het midden van de Gevolde Gracht, staande tussen het huis van Leendert Blijckvliet en dat van Gijsbert van Hoogstraten.

ORA Dordrecht inv. 1657, f. 204: op 16 mrt. 1747 verkoopt Josijna Muijs, eerder weduwe van Corstiaan Gravesteijn en laatst weduwe van Jurriaan Dibmans, voor 385 gl. aan Mels van de Grient, muntersknaap te Dordrecht, een huis in de Doelstraat, staande tussen het huis van de weduwe Meesters en het koetshuis of de stal van de heer van Godschalksoord. De koper is schuldig aan de verkoopster een somma van 250 gl.

ORA Dordrecht inv. 1663, f. 130v: op 27 okt. 1761 verkoopt Mels van de Grient, muntersknaap te Dordrecht, voor 780 gl. aan mr. Barthout van Slingeland, vrijheer van Godschalksoord, een huis in de Doelstraat, staande tussen de stal en het koetshuis van de koper en het huis van Otto van Blokland.

ORA Dordrecht inv. 1669, f. 106v: op 17 nov. 176 verkopen Jan Veldhuisen, Margarita Velthuisen, beiden meerderjarig en ongehuwd, en Maria Veldhuisen, weduwe van Mels van de Griend, allen wonende te Dordrecht, enige nagelaten kinderen en erfgenamen van Neeltie van der Matten, weduwe van Bart Veldhuisen, voor 300 gl. aan Samuel Crena, koopman te Dordrecht, een huis op de Vest omtrent de Botgenspoort, staande tussenhet huis van de koper en dat van de weduwe van Arnoldus Roacker.

Kinderen (allen NG gedoopt in Dordrecht):

Ex 1:

a. Antonij, van de Grient, 27 jan. 1741, volgt VII

b. Christina, 11 sept. 1746

c. Maria, 23 mrt. 1749

c. Gerardijna, 3 okt. 1751

Ex 2:

d. Neeltje, 3 april 1762

e. Elisabeth, 15 juni 1764

f. Bartholomeus, 12 juni 1767

g. Johanna, 8 aug. 1770

h. Aagje, 31 jan. 1773

i. Jan, 12 dec. 1775

VII. Anthonij van de Grient, gedoopt NG Dordrecht 27 jan. 1741, jongman van Dordrecht wonende op de Lindengracht (1768), munter, trouwde Gerecht/NG Dordrecht 12/29 mrt. 1768 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader Mels van de Grient, de bruid heeft schriftelijk consent van haar moeder Elizabet Boonen, eerst weduwe van Gijsbert de Jong, thans echtgenote van Pieter Kuijpers) Elizabet de Jong, jonge dochter van Dordrecht wonende in het Steegoversloot (1768)

ORA Dordrecht inv. 1666, f. 95v: op 29 mrt. 1770 verkoopt Thomas Geerkens, burger van Dordrecht, voor 640 gl. aan Anthonij van de Grient, munter in de Munt van Holland te Dordrecht, een huis met een tuintje ernaast, staande en gelegen in de Augustijnenkamp tussen de Latijnse School en het huis van Huibert van der Schulp. De koper is schuldig aan de verkoper een somma van 400 gl.

Kinderen:

a. Mels van de Grient, gedoopt NG Dordrecht 15 mei 1769, volgt VIII

b. Gijsbert Pieter, gedoopt NG Dordrecht 1 april 1771

VIII. Mels van de Grient, gedoopt NG Dordrecht 15 mei 1769, jongman geboren en wonende te Dordrecht (1791), begraven Dordrecht (Nieuwkerk) 7 mrt. 1800 (Mels van de Grient, 32 jaar, zinkingkoortsen, op de Vest bij de Spuipoort, laat kinderen na, met de lijkkoets begraven, beste graf), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 4 aug. 1791 (ondertrouw; volgens attestatie van ondertrouw te IJsselmonde dd. 5 aug. 1791) Anna de Leeuw, jonge dochter geboren en wonende te IJsselmonde (1791), begraven Dordrecht (Nieuwkerk) 8 juni 1805 (arme lijken)

Kinderen:

a. Anthonij van de Grient, gedoopt NG Dordrecht 22 april 1792, scheimaker

b. Jan Frederik, gedoopt NG Dordrecht 18 nov. 1793

c. Hendrik, gedoopt NG Dordrecht 29 dec. 1795

d. Anna, gedoopt NG Dordrecht 26 april 1798