Beelaerts (van Blokland)

Literatuur.

C.J.P. Lips, Wandelingen door Oud-Dordrecht, 2 delen (Zaltbommel 1974)

Het wapen Beelaerts van Blokland

I. Pieter Belaerts, geboren ‘s-Gravenhage 8 sept. 1639, jongman van ‘s-Gravenhage en daar wonende (1665), burgemeester van Dordrecht, overleden Groningen 15 okt. 1691, begraven Dordrecht 21 okt. 1691 (een zwarte baar voor burgemeester en kerkmeester Pieter Belaerts, 19 maal luiden, “’t blason met de kas[t]”, ’s avonds begraven, alle pro memorie), zoon van Gerard Belaerts en Lucia Halling, trouwde NG Dordrecht 13/29 sept. 1665 (procl. ‘s-Gravenhage) Christina Pompe, gedoopt NG Dordrecht 11 aug. 1647, jonge dochter van Dordrecht en daar wonende (1665), overleden Dordrecht 20 jan. 1722, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 26 jan. 1722 (Cristina Pompe, weduwe van burgemeester Pieter Belaerts, met acht koetsen extra en een wapenbord), dochter van Matthijs Pompe en Mondina van Beveren

mr. Pieter Beelaerts, door Pieter van der Werff
 
ONA Dordrecht inv. 181, f. 449: op 14 sept. 1666 testeren mr. Pieter Beelaerts en zijn vrouw Christina Pompe, wonende te Dordrecht. Zij benoemen tot hun erfgenaam de langstlevende van hen beiden, die gehouden zal zijn hun kinderen bij hun huwelijk of mondigheid “eerlijck te doteren”. Indien de kinderen hiermee geen genoegen nemen, zal de langstlevende slechts verplicht zijn hun een bedrag van 4000 gl. uit te keren. Als de langstlevende gaat hertrouwen, zal hij of zij behouden alle roerende goederen, huisraad, kleren van wol en linnen, ongemunt en gemunt goud en zilver, getekend of ongetekend, juwelen, kleinodiën, parels en diamanten, die ten lijve van de eerststervende behoord hebben, alsmede de goudleren tapijten en schilderijen en daarenboven zal hij of zij nog uit de goederen van de eerstoverlijdende krijgen, te weten de testatrice, als zij de langstlevende zal zijn, een somma van 15.000 gl. en de testateur, als hij de langstlevende zal zijn, een somma van 10.000 gl. Indien de eerstoverlijdende komt te overlijden zonder kinderen na te laten, zal de langstlevende het vruchtgebruik hebben van alle goederen, die de eerstoverlijdende bij het aangaan van hun huwelijk en daarna heeft ingebracht, waarvan de eigendom dan zal komen aan hun hierna na te noemen erfgenamen. De testateur benoemt tot zijn erfgenamen zijn moeder Lucia Hallingh en bij vooroverlijden haar erfgenamen ab intestato, op voorwaarde, dat Johan Hallingh, oud-burgemeester van Den Haag, uit de door de testateur na te laten goederen zal ontvangen een somma van 6000 gl. Tot voogden over hun minderjarige erfgenamen benoemen zij de langstlevende van hen beiden, oud-burgemeester Johan Hallingh, zijn oom, en mr. Matthijs Pompe van Slingeland, haar vader.
 
ONA Dordrecht inv. 322, f. 127: op 22 sept. 1668 verleent Cornelis van Beveren, generaal van de Munt van Holland, procuratie aan Cornelis Pompe van Meerdervoort, schout van Dordrecht, om voor het gerecht van Strijen over te dragen aan Pieter Beelaerts, ontvanger van de 200e penning over Dordrecht, een huis, tuinen, “kennipwerffkens” en twee stukken weiland, staande en liggende onder de jurisdictie van het Land van Strijen.
 
ONA Dordrecht inv. 243, f. 25: op 22 febr. 1683 verleent mr. Pieter Beelaerts, lid van de Oudraad van Dordrecht, als medevoogd over de minderjarige kinderen van Cornelis Pompe, heer van Dortsmonde en Nieuwerkercke, procuratie aan Willem Wijgans, procureur voor het Gerecht van Middelburg, om voor dat Gerecht waar te nemen de zaak, die de thesauriers tegen hem en zijn medevoogden wegens de heerlijkheid Nieuwerkercke hebben aangespannen en om te verzoeken uitstel van betreffende procedures totdat “sullen connen overcomen, en de gerequireerde ordre tot affdoeninge der voorsz. saecke stellen”.
 
ONA Dordrecht inv. 243, f. 87, akte dd 14 mei 1683: mr. Pieter Beelaerts, lid van de Oudraad te Dordrecht, als man van Christina Pompe, en Elisabeth de Lange, weduwe van Michiel Pompe, lid van de Oudraad, als moeder en voogdes over haar minderjarige kinderen, samen kinderen en kindskinderen en mede-erfgenamen van Matthijs Pompe, heer van Slingeland, baljuw van Zuid-Holland, gelezen hebbende de procuratie, die door mr. Johan van Duijnen is gepasseerd voor notaris J. Wichmans te ‘s-Gravenhage op 6 mrt. 1682, verklaren “deselve mede ’t approberen” alsmede mr. Adriaen van Nispen, in genoemde procuratie vermeld, te  constitueren tot versoecken van relieff en obtineren van verlij, mitsgaders oversettinge vande leenen in de selve procuratie geroert” op de naam van hun schoonmoeder Maria Elisabeth Musch.
 
ONA Dordrecht inv. 284, f. 244: op 11 juni 1693 verleent Christina Pompe, weduwe en erfgename van Pieter Beelaerts, oud-burgemeester van Dordrecht, procuratie aan haar zoon mr. Matthijs Beelaerts, “commies stapelier” van de generaliteitsmagazijnen te Dordrecht, om te compareren voor schepenen van Amsterdam, en daar te transporteren aan [naam niet vermeld] een huis in de Bergstraat op de Singel aldaar, welk huis haar overleden man is aanbedeeld uit de boedel van wijlen Francois Roscam.
 
Stadsarchief Amsterdam, archief 5062, inv. 70: op 13 juni 1693 verkoopt Matthijs Beelaerts, als procuratie hebbende van zijn moeder Cristina Pompe, weduwe van Pieter Beelaerts, gecommitteerde in de Raad van State, geassisteerd met zijn voogd dr. David van Hoogstraten, voor 3900 gl.  aan Andries van den Brink, een huis in de Bergstraat te Amsterdam, aan de zuidzijde achter het hoekhuis van de Singel, belend door het huis van de regenten van de Waterlandse Doopsgezinde gemeente aan de westzijde, het huis van de erfgenamen van Cornelis Schellinger, muur tegen muur, commissaris Hillebrand Schellinger met een gemeenschappelijke muur aan de oostzijde en Abraham Bovin met een gemeenschappelijke muur.
 
ORA Dordrecht inv. 1638, f. 59: op 4 juni 1700 verkoopt mr. Matthijs Belaerts, commies-stapelier van de Staten-Generaal, als procuratie hebbende van Christina Pompe, weduwe van Pieter Belaerts, burgemeester van Dordrecht, voor 16.000 gl. aan Johannes Hijcoop, wonende te Dordrecht, een “aensienlijck” huis met koetshuis en stal in de Wijnstraat, staande tussen het huis van de arts Johan van Eijsden en dat van Leendert Schift, het koetshuis en de stal uitkomende in de Schrijversstraat.
 
ONA Dordrecht inv. 289, akte 48: op 22 juni 1701 verzoekt Christina Pompe, weduwe van Pieter Belaerts, burgemeester van Dordrecht, aan notaris Hugo van Dijck om zich te vervoegen bij Anna de With, weduwe van Wilhem Brandwijk van Blokland, oud-burgemeester van Dordrecht, en bij Matthijs Snouck en Johan de With, erfgenamen van Maria de With en verkopers van een kaatsbaan en de ernaast staande woninkjes, staande in de Tolbrugstraat aan de Landzijde en hen aan te zeggen, dat zij, mevrouw Belaerts, nog bereid is te interveniëren voor Willem Jansz Cop, mr. metselaar en burger van Dordrecht en te “agnosceren” de koop van die woningen, aan haar gedaan, mits de “verkochte goederen haer … gedaen werden in soodanigen staet als deselve ten tijde der vercoopinge sijn geweest off ten minste de schaden gededommageert de welcke door het omverre valle vande voorsz. caetsbaen en annexe wooninckies (door ’t qualijck onderhouden der vercoopers) soo aen die te ontfangen goederen, als aen haer … woonplaets nevens andre nabuijren huijsen  heeft geleden”. De geïnsinueerden gaven elk ten antwoord, dat “sij [zich] … refereerden totte condities van vercoopinge”
 
 
Christina Pompe, door Jan de Baen
 
 
Weeskamer Dordrecht inv. 32, f. 208: op 2 febr. 1722 in het weesboek ingeschreven een extract van het testament van Christina Pompe, weduwe van Pieter Belaerts, dat zij heeft verleden op 16 nov. 1712 voor notaris B. van Gelsdorp te Dordrecht en waarbij zij haar zoons Matthijs en Cornelis Belaerts tot voogden over haar minderjarige erfgenamen heeft benoemd. 
 
Kinderen (o.a.; allen NG gedoopt in Dordrecht):
 
a. mr. Mathijs Beelaerts, 20 dec. 1669, heer van Wieldrecht, Dorstsmonde, Emmichoven Ganswijk en Waardhuizen, jongman van Dordrecht wonende ald. (1703), commies-stapelier van de Staten Generaal, burgemeester van Dordrecht, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 18 dec. 1743 (mr. Matthijs Belaerts van Wieldrecht, laat geen kinderen na, de grote boete, met acht koetsen extra, een wapenbord), trouwde NG Dordrecht/Rotterdam 13/28 mei 1703 Geertruijd van Zuijlen van Nijevelt, jonge dochter van Rotterdam (1703)
 
ORA Dordrecht inv. 1652, f. 131v: op 3 febr. 1731 verkoopt “Pieter van Gelder Pondgaerder binnen dese Stad, soon en mede Erffgenaam van wijlen Sr. Steven van Gelder in sijn leven Coopman in Weijnen binnen dese Stad in die qualiteijt voor sig selven, mitsgrs: nog als last en procuratie hebbende van desselfs suster Juffrouw Elisabeth van Gelder meerderjarig ongehuwde dogter, kint, en mede Erffgenaam vanden voors. Steven van Gelder, en sulx met hen beijden eenige Erffgenamen van derselver overleden Vader sijnde”, voor 2340 gl. aan mr. Matthijs Beelaerts, commies-stapelier [van de Staten Generaal], ten behoeve van de Generaliteit, een huis met een wijnkelder, loods en pakhuis op de hoek van de Kerkstraat omtrent kraan Rodermont, staande tussen ’s Lands Magazijn en de Kerkstraat.
 
ORA Dordrecht inv. 1754, f. 113v: op 9 okt. 1732 verkoopt Andries Cant, notaris te Dordrecht, als gemachtigde van de Kamer Judicieel te Dordrecht, voor 1000 gl. aan mr. Matthijs Beelaerts, heer van Wieldrecht, lid van de Oudraad van Dordrecht, een loods, “sijnde mede geapproprieert tot” een woonhuis, met een groot erf ernaast, staande en gelegen buiten de St. Jorispoort tussen de hoek van het Kromhout en de loods van Johan van de Wall.
 
b. Gerard Beelaerts, 25 juni 1673, volgt II
 
c. mr. Pieter Beelaert, heer van Dordtsmonde, 10 aug. 1678, advocaat voor het Hof van Holland, overleden Maastricht aug. 1724, trouwde Rosmalen 29 aug. 1723 Wendela Dorothea de Leeuw, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 5 mei 1755 (Wendelina Dorothea de Leeuw, weduwe van Pieter Belaerts, op de Voorstraat bij de Kerkstraat, laat kinderen na, zeven koetsen extra, de hoogste boete)
 
Kind:
 
c-1. mr. Pieter Matthijs Beelaerts, heer van Emmichoven, Waardhuizen en Ganswijk, geboren ‘s-Hertogenbosch 21 jan. 1725, jongman te Dordrecht (1763), burgemeester van Dordrecht, begraven ald. (Grote Kerk) 24 juli 1796 (mr. Pieter Matthijs Belaerts, heer van Emmichoven, Ganswijk en Waardhuizen, 71 1/2 jaar oud, verval, in de Wijnstraat, oud-burgemeester van Dordrecht, laat kinderen na, ’s avonds om 9 uur, met zes flambouwen extra, stil bijgezet), trouwde Delft 11/27 juni 1763 (“Extraordinaris getrouwt in de Oude Kerk” te Delft op 27 juni 1763) Henrietta Adriana van Vredenburch, gedoopt NG Delft 23 aug. 1737, jonge dochter te Delft (1763), overleden Dordrecht 22 febr. 1811, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 25 febr. 1811 (Henrietta Adriana van Vreedenburgh, weduwe van Pieter Matthijs Belaerts van Emmikhoven , laat kinderen na, met de lijkkoets, om 9 uur ’s avonds stil [bijgezet], met zes flambouwen extra, letter B:nr. 211, 74 jaar oud, verzwakking), dochter van Gerard van Vredenburgh en Agatha Corvina van der Dussen
 
 
Pieter Matthijs Beelaerts van Emmichoven
 
ORA Dordrecht inv. 1664, f. 106v: op 2 mei 1764 verkoopt Gerrit Thijssen, wonende in Gouda, voor 10.000 gl. aan mr. Pieter Matthijs Beelaerts, lid van de Oudraad van Dordrecht, een huis, vanouds genaamd “den Hengst”, met de daarbij behorende stal en verder “getimmerte”, alsmede een huis ernaast, dat is geschikt gemaakt als wijnkelder of pakhuis, staande in de Wijnstraat schuin tegenover de Engelse Kerk tussen het huis van mevrouw De Vrije en dat van de weduwe van burgemeester Braats.
 
ORA Dordrecht inv. 1664, f. 153v: op 27 nov. 1764 verkoopt Thomas Geerkens, mr. kleermaker en burger van Dordrecht, voor 365 gl. aan mr. Pieter Matthijs Beelaerts, schepen en lid van de Oudraad te Dordrecht, een huis in de Wijnstraat aan de havenzijde, staande tussen het huis van de weduwe van Johan Blusze en de Hengstensteiger.
 
ONA Dordrecht inv. 1181, f. 327: op 22 juli 1772 verklaart Henrietta Adriana van Vredenburgh, echtgenote van mr. Pieter Matthijs Beelaerts, heer van Emmikhoven, Ganswijk en Waardhuizen, oud-burgemeester van Dordrecht, procuratie te verlenen aan haar man en aan mr. Cantius Onder de Wijngaard, veertig en raad van Delft, om voor haar als mede-erfgename van mr. Jacob van der Dussen, heer van Zouteveen en in Middelharnis, oud-schepen en raad van Delft, van diens executeurs-testamentair te vorderen lezing en desnoods kopie van de inventaris van zijn nagelaten goederen, etc.
 
ORA Dordrecht inv. 1668, f. 36: op 21 april 1774 verkoopt mr. Arnoldus Adriaan van Tets, raad in de vroedschap van Dordrecht, voor 5100 gl. aan mr. Pieter Matthijs Beelaerts, heer van Emmikhoven, Ganswijk en Waardhuijsen, oud-burgemeester van Dordrecht, en Anthonij den Bandt en mr. Hendrik Onderwater, beiden achtraad van Dordrecht, een huis naast de Blauwpoort, staande tussen het huis van dr. Bartholomeus van Schellebeek en de mondig van de Nieuwe Haven aan de Engelenburgerbrug. 
 
ORA Dordrecht inv. 1668, f. 37: op 21 april 1774 verkopen mr. Pieter Matthijs Beelaerts, oud-burgemeester van Dordrecht, Anthonij den Bandt en mr. Hendrik Onderwater, beiden achtraad van Dordrecht, voor 5227 gl. aan Johannes Uijterlimmigen, koopman te Dordrecht, een huis naast de Blauwpoort, staande tussen het huis van dr. Bartholomeus van Schellebeek en de monding van de Nieuwe Haven aan de Engelenburgerbrug.
 
ORA Dordrecht inv. 1669, f. 79v: op 12 sept. 1776 verkoopt Hendrik van der Bank, koopman te Dordrecht, als procuratie hebbende van Gerard Willem Waale, koopman te Dordrecht, voor 1400 gl. aan mr. Pieter Matthijs Beelaerts, heer van Emmikhoven, Ganswijk en Waardhuizen, burgemeester van Dordrecht, een huis, werkhuis, tuin met tuinhuisje erachter en pakhuis ernaast, staande op de Varkenmarkt met een uitgang in het Ciboriestraatje [’s Heer Boeijenstraat], belend door de uitgang van het huis mr. Ocker Gevaerts aan de ene zijde en dat van schipper Thomas van den Bende aan de andere.
 
ONA Dordrecht inv. 1183, f. 607: op 14 juni 1783 benoemt mr. Pieter Matthijs Beelaerts, heer van Emmikhoven, Ganswijk en Waardhuizen, magistraat van Dordrecht, tot executrice van zijn goederen in Frankrijk zijn vrouw Henriette Adriana van Vredenburgh.
 
Weeskamer Dordrecht inv. 38, f. 108v: extract ingeschreven van het testament van mr. Pieter Matthijs Beelaerts, heer van Emmichoven etc., en diens vrouw Henrietta Adriana van Vredenburch, gepasseerd voor notaris J.H. Schultz van Haegen te Dordrecht op 2 aug. 1790. Zij hebben daarin de langstlevende van hen beiden tot voogd benoemd. De weduwe verleent op 5 sept. 1796 volgens procuratie gepasseerd voor dezelfde notaris volmacht aan Anthonij de Bruijn, die op 7 sept. 1796 verklaart de voogdij aan te nemen.
 
Kinderen (o.a.:)
 
c-1-1. Agatha Ewoudina Corvina Beelaerts, gedoopt NG Dordrecht 27 sept. 1777, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 28 jan. 1782 (Agatha Ewoudina Corviena Beelaerts, 4 jaar en 4 maanden oud, in de Wijnstraat, stil begraven)
 
c-1-2. mr. Matthijs Beelaerts, gedoopt NG Dordrecht 23 jan. 1780, advocaat, kantonrechter, overleden Dordrecht 28 dec. 1851 (Wijnstraat B:123), trouwde Gerecht Dordrecht 30 juni 1804 (ondertrouw, volgens attestatie van ondertrouw van Den Bosch dd 4 juli 1804) Cornelia Charlotta Bichon, gedoopt NG Rotterdam 11 jan. 1787, jonge dochter geboren te Rotterdam wonende in Den Bosch (1804), overleden Dordrecht 24 nov. 1816 (Wijnstraat B:92 en 80), dochter van Nicolaas Cornelis Bichon en Johanna Maria van der Hoff
 
ORA Dordrecht inv. 1680, f. 388v: op 26 febr. 1807 verkoopt Jan Hendrik van Meeteren, wonende te Dordrecht, voor 15.000 gl. aan mr. Matthijs Beelaerts, wonende te Dordrecht, een huis met een pakhuis, getekend B:92 en 93, staande in de Wijnstraat tussen het huis van [NN] Van der Kaa en dat van de weduwe van J. de Zwart.
 
 
Matthijs Beelaerts steekt de Merwede over naar Papendrecht
 
In okt. 1813 werd Dordrecht door Franse kanonnen vanuit Papendrecht beschoten. “Eindelijk is … [de advocaat Beelaerts] Commandant der Stad, met den koekebakker van Gulik der Nationale Garde met een hoogaars van ’t Melkpoortje, met een schuitevoerder afgevaren naar Papendrecht in weerwil van’t gestadig vuren dat de franschen op de Stad deden; aan den Veerdam komende hielden zij dadelijk op met schieten, alzoo gem. Commandt. [Beelaerts] hun de reden vroeg, van die ongehoorde handelwijs, antwoorde de Commandt. der franschen, dat de Stad van Dordt zig oproerig gedragen had, de franschen Vlaggen hadden weggenomen, de Hollandsche in de plaats gezet hadden, Oranje boven hadden geroepen, en nu gekomen was, om de rust te herstellen, en te straffen voor die misdaden”. (Leendert van der Es, Bombardement van Dordrecht in het jaar 1813, Dordrecht 1985, p. 19-20)
 
d. Johan, 27 mrt. 1680
 
e. Cornelis Belaerts, 1 okt. 1681
 
f. Lucia Mondina Beelaerts, 14 april 1684
 
g. Mondina Maria Beelaerts, 25 jan. 1690
 
h. Christina Beelaerts, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 27 mrt. 1755 (Christina Beelaerts, op de Voorstraat tegenover de Beurs, acht koetsen extra, hoogste boete, een wapenbord)
 
Weeskamer Dordrecht inv. 35, f. 11v: extract uit het testament ingeschreven van Christina, Lucia Mondina en Mondina Maria Beelaerts, gepasseerd voor notaris A. Cant te Dordrecht op 15 okt. 1722. Zij hebben daarin tot voogd aangesteld over hun minderjarige erfgenamen degene, die hun moeder, Christina Pompe, bij testament of codicil heeft benoemd tot voogd.
 
ORA Dordrecht inv. 1661, f. 163: op 22 jan. 1756 heeft mr. Gerrard Beelaerts ter secretarie van Dordrecht, ingevolge van het 12e artikel van de ordonnantie op de 40e penning, aangegeven, dat zijn portie in de “aangenome vaste effecte” van Christina Beelaerts, die in Dordrecht is overleden, meer dan zijn erfportie komt te bedragen een somma van 9048 gl. 12 st. 10 penn.
 
II. Gerard Beelaerts, gedoopt NG Dordrecht 25 juni 1673, weduwnaar van Dordrecht wonende te Utrecht (1717), kapitein-ter-zee (Admiraliteit op de Maze), overleden ‘s-Gravenhage 24 mei 1718, trouwde 1e Dordrecht/Rotterdam 4/23 nov. 1700 Adriana Mesdach, 2e Amsterdam/Sloten 12/30 nov. 1717 (de bruid geassisteerd met haar broer Jacob Elias Scott, de ouders van de bruid zijn overleden, zij is 36 jaar oud) Cornelia Eliana Scott, gedoopt NG Amsterdam 29 juli 1678, van Amsterdam (1717), weduwe van Amsterdam (1720), dochter van Everard Scott en Johanna Cornelia Coijmans, trouwde 2e Amsterdam/Diemen 16 febr./4 mrt. 1720 Jan van den Bosch, van Amsterdam (1720), kapitein-ter-zee van het College ter Admiraliteit te Amsterdam, trouwde 1e Albertina Constantia Pater
 
 
Gerard Beelaerts, door Pieter van der Werff
 
ONA Amsterdam inv. 6930, akte nr. 131939: op 7 febr. 1719 verklaart Cornelia Eliana Scott, weduwe van Gerard Belaerts, wonende te Amsterdam, overgedragen te hebben aan Dina Hoekwater, weduwe van de arts Henricus Hellarus, drie obligaties ten laste van de provincie Holland (ten “comptoire” van Amsterdam), nl. een van 1000 gl., waarvan zij eigenares is geworden in gevolge van de akte van scheiding tussen de erfgenamen van Johanna Cornelia Coijmans, weduwe van Everard Scott, schepen en raad van Amsterdam, gepasseerd ten overstaan van notaris J. Verbeek te Amsterdam op 29 mei 1715, ten tweede een obligatie van 2000 gl., die haar is aangekomen bij de scheiding van de goederen tussen haar, mr. Everard Scott, Jacobus Elias Scott en Balthasar Scott, mede-erfgenamen van Everard Scott en Anna van Zinnick, hun grootouders, en ten derde een obligatie van 3000 gl. die door haarzelf is belegd.
 
ONA Amsterdam inv. 6930, akte nr. 131939: op 10 febr. 1719 verklaart Cornelia Eliana Scott, weduwe van Gerard Belaerts, dat zij verkocht heeft aan Helena Wijbrands, weduwe van Tijmon Veneman, een obligatie van 2000 gl. en een van 1000 gl., beide ten laste van de provincie Holland (ten “comptoire” van Amsterdam), die zij verkregen heeft uit de scheiding van de goederen van wijlen Everard Scott en Anna van Zinnick, die op 31 jan. 1706 heeft plaatsgehad tussen haar en Everard Scott zaliger, advocaat van de VOC, Jacobus Elias Scott en Balthasar Scott.
 
Kinderen:
 
a. Christina Beelaerts, geboren 1705, jonge dochter van Rotterdam wonende bij de Grote Kerk (1732), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 23 dec. 1789 (Christina Beelaerts, de weduwe van burgemeester Hendrik van Convent, laat geen kinderen na, met tien koetsen extra, een wapen[bord], de hoogste boete), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 5/22 sept. 1732 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader Arnoldus van Convent) dr. Hendrik van Convent, geboren 1703, jongman van Vlaardingen wonende bij de Nieuwkerkstraat (1732), burgemeester van Dordrecht, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 29 nov. 1787 (Hendrik van Convent, oud-burgemeester van Dordrecht, op de Voorstraat bij de Kerkstraat, laat geen kinderen na, met tien koetsen extra, de hoogste boete, met een wapenbord opgehangen op 12 mrt. 1788)
 
Weeskamer Dordrecht inv. 32, f. 216: op 12 dec. 1787 extract in het weesboek ingeschreven van het testament van Hendrik van Convent, oud-burgemeester van Dordrecht, en van Christina Beelaerts, gepasseerd ten overstaan van notaris A. Bax te Dordrecht op 23 okt. 1779. 
 
ORA Dordrecht inv. 1676, f. 24v: op 16 mrt. 1790 verkoopt “Jan van der Star, in den Oudraad en Regerend Schepen te Dordrecht als mede Executeur van de uitterste wille van wijlen De Wel Edele Geboren Vrouwe Christina Beelaerts, in leven weduwe en geinstitueerde Erfgename van wijlen den Wel Ed: Gestr. Heer Dr: Hendrik van Convent, in leeven in den Oudraad en Burgemeester der voors. Stad, en nog als Last en Procuratie hebbende van den Wel Edele Geboren Heere Mr: Gerard Beelaerts, Vrijheer van Blokland, Heere van Wieldrecht, Oud-Oudraad Oud president Schepen der Stad Dordrecht &a&a thans wonende in ’s Gravenhage als mede Executeur van voors. uiterste wille en mede voogt over de minderjarigen daar bij geinteresseert”, voor 10.150 gl. aan Etienne Coignon, koopman te Rotterdam, een groot huis met een tuintje ernaast, staande en gelegen in de Voorstraat tegenover de Nieuwkerkstraat, uitkomende op de Taankade, met het huis ernaast staande op de Taankade naast het achterste deel van het grote huis, het grote huis zijnde van voren belend met het huis van de Heilige Geest en het Pesthuis van de Nieuwkerk aan de ene zijde en dat van Arij van den Bos aan de andere, en het huis erachter staande tussen het grote huis en dat van Jan Klop. 
 
ORA Dordrecht inv. 1676, f. 25: op 16 mrt. 1790 verkoopt Jan van der Star, schepen van Dordrecht, als mede-executeur-testamentair van Christina Beelaerts, weduwe en erfgename van dr. Hendrik van Convent, burgemeester van Dordrecht, en nog als procuratie hebbende van mr. Gerard Beelaerts, vrijheer van Blokland en heer van Wieldrecht, thans wonende in ‘s-Gravenhage, als mede-executeur-testamentair en voogd over de minderjarige erfgenamen, volgens procuratie gepasseerd voor notaris L. Sijthoff in Den Haag op 11 mrt. 1790, voor 925 gl. aan Jan Klop, burger van Dordrecht, een huis op de Taankade, staande tussen het huis, dat is gekocht door Etienne Coignon en dat van M. van Emmerik.
 
b. Susanna Adriana Belaerts, geboren Rotterdam 2 jan. 1707, jonge dochter van Dordrecht (1732), weduwe van burgemeester mr. Nicolaas Stoop, wonende in het Steegoversloot (1751), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 11 okt. 1786 (laatst weduwe van mr. Paulus Gevaerts, met 10 koetsen extra, hoogste boete, met een wapenbord, laat geen kinderen na), trouwde 1e Gerecht/NG Dordrecht 16 mei/2 juni 1732 (de bruidegom geassisteerd met zijn moeder Alida Pompe van Meerdervoort weduwe van mr. Willem Stoop, hoofdofficier van Dordrecht, de bruid met haar oom Matthijs Belaerts heer van Emmickhoven en Wieldrecht, lid van de Oudraad te Dordrecht) mr. Nicolaas Stoop, jongman (1732), schepen in wette, raad en ontvanger van de gemenelandsmiddelen te Dordrecht, 2e Gerecht/NG Dordrecht 17 sept./3 okt.1751 (aan huis) burgemeester mr. Paulus Gevaerts weduwnaar wonende op de Groenmarkt (1751)
 
ORA Dordrecht inv. 1659, f. 80 e.v.: op 29 okt. 1750 verkoopt mr. Jacob van der Heijm, secretaris van het College van Raden ter Admiraliteit op de Maas, als man van Maria Arnoldina Gevaerts, voor 22.000 gl. aan Susanna Adriana Beelaerts, weduwe van mr. Nicolaas Stoop, in zijn leven burgemeester van Dordrecht, een huis met stal en koetshuis daarachter, uitkomende in het Stek, staande tussen de St. Jorisdoelen en het huis van Adriaan Papegaaij, met nog een stal in het Stek, staande op grond van de Kloveniersdoelen tussen de tuin van de Kloveniersdoelen en de stal van de Kloveniersdoelen.
 
ONA Dordrecht inv. 1180. f. 200: op 18 febr. 1771 benoemt Susanna Adriana Belaerts, weduwe van mr. Paulus Gevaerts, burgemeester van Dordrecht, wonende te Dordrecht, en “hebbende eenige effecten en capitalen in de publiecque fondsen en andere goederen en crediten” in Groot-Brittannië, tot executeurs en administrateurs van die goederen Gerard Belaerts, heer van Blokland, wonende in Den Haag, en Pieter Belaerts van Blokland, wonende te Dordrecht.
 

ORA Dordrecht inv. 1757, f. 223v: op 10 nov. 1778 verkoopt Suzanna Adriana Beelaerts, weduwe van mr. Paulus Gevaerts, oud-burgemeester van Dordrecht, wonende ald., voor 7000 gl. aan Simon Micault, wonende te Rotterdam, en Aletta en Hendrica Micault, beiden wonende te Dordrecht, de buitenplaats “Bellevue”, bestaande uit een herenhuis, koetshuis, stal, orangerie, tuinmanshuizen en verder “getimmerte en plantagie” daarbij horende, samen groot 4 morgen, staande op de Buitensingel in het St.Nicolaaspad op stadsgrond even buiten de Spuipoort.

De buitenplaats “Bellevue” aan de Singel.

Op 7 sept. 1782 vermaakt de weduwe van Nicolaas Stoop het huis “Doelesteijn” aan haar neef, mr. Pieter Beelaerts van Blokland. “Uit beschrijving in haar testament blijkt het huis rijk te zijn ingericht en de goudlederkamer, die in latere tijd vermeld wordt, was toen zeker ook reeds aanwezig.” (Lips, o.c.,p. 515)

c. mr. Gerard Beelaerts, geboren 1 juni 1709, volgt III
 
d. Pieter Beelaerts, overleden te Hoorn op 15 mei 1782
 
ONA Dordrecht inv. 1183, f. 553: op 13 aug. 1782 verklaart Susanna Adriana Beelaerts, weduwe van burgemeester Paulus Gevaerts, wonende te Dordrecht, afstand te doen van haar derde part in de nalatenschap van haar op 15 mei 1782 in Hoorn overleden broer Pieter Beelaerts en “deselve als met schulden beswaart zijnde geheel en al aan de crediteuren van den gemelden boedel over te laten”.
 
 
III. mr. Gerard Belaerts, vrijheer van Blokland, heer van Wieldrecht en Dordtsmonde, geboren 1 juni 1709, jongman van Dordrecht wonende tegenover de Beurs (1743), burgemeester van Dordrecht, overleden in 1790, trouwde Gerecht/NG Dordrecht 30 mei/18 juni 1743 (de bruidegom geassisteerd met zijn oom mr. Matthijs Belaerts, heer van Wieldrecht, de bruid met haar moeder Elisabeth op de Camp, weduwe van mr. Pieter Brandwijk van Blokland, vrijheer van Blokland) Anna Wilhelmina Brandwijk van Blokland, vrijvrouwe van Blokland, gedoopt NG Dordrecht 15 dec. 1710, van Dordrecht wonende bij het Groothoofd (1743), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 3 juni 1769 (Anna Wilhelmina Brandwijk van Blokland, echtgenote van Geerard Beelaerts, heer van Wieldrecht, secretaris van de Hollandse Rekenkamer, overleden in Den Haag, in Dordrecht bijgezet, ’s avonds om half 10, met een wapenbord, laat kinderen na, met zes flambouwen extra, stil begraven), dochter van Pieter Brandwijk en Magtelda Cornelia van Belle
 
ORA Dordrecht inv. 1754, f. 145: op 7 sept. 1734 verkoopt mr. Gerard Beelaerts, als rentmeester van het Heilige-Geesthuis ter Groter Kerk, voor 275 gl. aan Huijbert Coenen, burger van Dordrecht, een huis buiten de Spuipoort, staande tussen het huis van Jan van Wageningen en dat van Willem van den Biestheuvel.
 
ORA Dordrecht inv. 1657, f. 37: op 6 okt. 1744 verkoopt mr. Gerard Beelaerts, lid van de Oudraad te Dordrecht, voor zichzelf en als executeur-testamentair van Adriana Beelaerts, en Pieter van Well, als procuratie hebbende van Hendrik van Convent, arts en achtraad van Dordrecht, als man van Christina Beelaerts, en van mr. Nicolaas Stoop, lid van de Oudraad en ontvanger van de gemenelandsmiddelen te Dordrecht, als man van Susanna Adriana Beelaerts, voor 4300 gl. aan Christina Beelaerts, wonende te Dordrecht, een huis in de Voorstraat tegenover de Beurs, staande het huis van de koopster en het huis van Trouillard.
 
ORA Dordrecht inv. 1661, f. 136: op 4 sept. 1755 verkoopt mr. Gerard Beelaerts, als man van Anna Wilhelmina Brandwijk van Blokland, voor 11.000 gl. aan mr. Johan Jacob van den Brandeler, ontvanger der verpondingen in Dordrecht, een huis met stal, koetshuis en een huisje naast het koetshuis, staande tussen de Mattensteiger en het huis van de weduwe Van Convent.
 
ORA Dordrecht inv. 1661, f. 163: op 22 jan. 1756 heeft mr. Gerrard Beelaerts ter secretarie van Dordrecht, ingevolge van het 12e artikel van de ordonnantie op de 40e penning, aangegeven, dat zijn portie in de “aangenome vaste effecte” van Christina Beelaerts, die in Dordrecht is overleden, meer dan zijn erfportie komt te bedragen een somma van 9048 gl. 12 st. 10 penn.
 
ORA Dordrecht inv. 1661, f. 220v: op 7 sept. 1756 verkoopt mr. Gerard Beelaerts, vrijheer van Blokland, lid van de Oudraad van Dordrecht, voor 325 gl. aan Hermanus Borssteeg, suikerbakkersknecht te Dordrecht, een huis in de Tolbrugstraat Landzijde, staande tussen de gang en poort van het huis van de verkoper en het huis van de weduwe Ponsse.
 
ORA Dordrecht inv. 1661, f. 221v: op 7 sept. 1756 verkoopt mr. Gerard Beelaerts, vrijheer van Blokland, lid van de Oudraad van Dordrecht, voor 208 gl. aan Aalbert Jansse, burger van Dordrecht, een huis met een gang ernaast, bestaande uit drie aparte woningen, staande in de Kromme Elleboog achter de Tolbrugstraat tussen het erf van de verkoper en het huis van Johannes Immerseel.
 
ORA Dordrecht inv. 1662, f. 109v: op 13 juni 1758 verkoopt mr. Gerard Beelaerts, oud-vroedschap van Dordrecht, voor 25.500 gl. aan mr. Jacob Stoop, lid van de Oudraad van Dordrecht, een groot, modern huis met koetshuis en stal erachter en een huis ernaast, staande in de Voorstraat tegenover de Beurs tussen het huis van de weduwe van Andries de Bruijn en dat van de weduwe van Dirk Troilja.
 
ORA Dordrecht inv. 1663, f. 158: op 16 april 1762 verkopen mr. Gerard Beelaerts, als man van Johanna Wilhelmina Brandwijk van Blokland, Mattheus Rees, als man van Christina Reepmaker, en mr. Adriaan Reepmaker, voor zichzelf en tevens vervangende mr. Johan van Neurenberg, als man van Johanna Reepmaker, en Pieternella Elisabeth Reepmaker, samen erfgenamen van Ida Opdecamp, voor 2410 gl. aan Johannis Boonen een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van ds. Adrianus Verster en dat van de weduwe van mr. Johan van Wageningen. Dezelfde verkopers verkopen voor 300 gl. aan Pieter Landmeter, burger van Dordrecht, een stal en koetshuis, staande in het Stek op grond van de Kloveniersdoelen naast de stal, die gehuurd wordt door mr. Jeronimus Karsseboom.
 
Kinderen:
 
a. mr. Pieter Beelaerts van Blokland, geboren Dordrecht 9 mei 1744, volgt IV
 
b. mr. Gerard Beelaerts, heer van Wieldrecht, gedoopt NG Dordrecht 21 mei 1746, begraven Beverwijk 27 jan.1809, trouwde Elst (Gld.) 19 aug. 1770 Johanna Jacoba Jongbloet, gedoopt NG Arnhem 27 mrt. 1750, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 14 nov. 1787 (Johanna Jacoba Jongbloet, de vrouw van mr. G. Beelaerts van Wieldrecht, met een wapenbord, zes flambouwen extra, laat kinderen na, stil begraven), dochter van Jacob Jongbloet en Anna Maria Ernst van Bassen
 
Kind:
 
b-1. Adriana Johanna Beelaerts, vrouwe van Wieldrecht, geboren ‘s-Gravenhage 15 april 1779, overleden ald. 5 sept.1827, trouwde ‘s-Gravenhage 5 mei 1801 mr. Maarten Iman Pauw, geboren ‘s-Gravenhage 1 sept. 1774, schepen, officier van justitie, raadsheer van het provinciaal Gerechtshof Zuid-Holland, overleden ‘s-Gravenhage 1 dec. 1846 (de heerlijkheid Wieldrecht gaat over op het geslacht Pauw), zoon van Maarten Philibert Pauw en Marianne Susanna Buijs (1)
 
c. Paulus Beelaerts, geboren ‘s-Gravenhage 15 april 1753
 
d. Adriaan Willem Beelaerts, geboren ‘s-Gravenhage juni 1758
 
 
IV. mr. Pieter Belaerts van Blokland, geboren Dordrecht 9 mei 1744, jongman te Dordrecht laatst gewoond hebbende te ‘s-Gravenhage (1770), burgemeester van Dordrecht, overleden Zeist 21 sept. 1812, trouwde Gerecht/NG Dordrecht/Delft 26 okt./10 nov. 1770 Maria Adriana van Beeftingh, geboren Batavia (Ned. Oost-Indië) 4 nov. 1744, jonge dochter te Delft (1770), overleden Utrecht 4 mei 1828, dochter van Frans van Beeftingh en Elisabeth Catharina Sautyn 
 
ORA Dordrecht inv. 1671, f. 195: op 10 mei 1781 verkoopt Jacobus Johannes Schrijver, als procuratie hebbende van Dirk de Vlugt, Adriaan de Vlugt en Johanna Elisabeth de Vlugt, allen meerderjarig en wonende te Dordrecht, voor 800 gl. aan mr. Pieter Beelaerts van Blokland, schepen van Dordrecht, als commies-stapelier van de Generaliteitsmagazijnen te Dordrecht, een huis op de haven achter de Grote Kerk, staande tussen de smederij van het gemeneland en het huis van Dirk Schaap.
 
ORA Dordrecht inv. 1672, f. 161v: op 19 dec. 1782 verkoopt Hendrik Josselet, voor zichzelf en namens zijn broers en zuster, m.n. Coenraad Josselet, Jan Josselet en Maria Elisabet Josselet, samen kinderen en erfgenamen van Hendrik Josselet, voor 8000 gl. aan mr. Pieter Beelaerts van Blokland, als commies-stapelier van de Generaliteitsmagazijnen te Dordrecht, een pakhuis aan de Walevest, staande tussen het huis van Paulus Batenburg en dat van de erfgenamen Baltens.
 
ORADordrecht inv. 1759, f. 121v: op 3 nov. 1789 verkoopt Elisabeth van Duijnen, weduwe van Hendrik Immerseel, wonende te Dordrecht, voor 3000 gl. aan mr. Pieter Beelaerts van Blokland, als commies-stapelier van de Generaliteitsmagazijnen, een huis, loods, tuin en twee woninkjes ernaast, staande in het Kromhout aan de landzijde tussen de Vriesepoort en de St.Jorispoort, staande tussen de tuin van Gerrit de Wit en het huis van Hendrik van der Kaa, alsmede een loods, woonhuis en afdak aan de overzijde, staande tussen de loods  van S. Taarlink en de loods van Montfoort en Van Eik.
 
ORA Dordrecht inv. 1680, f. 96v: op 13 nov. 1804 verkoopt mr. Hendrik Onderwater, lid van de Raad van Dordrecht, voor 6560 gl. aan mr. Pieter Beelaerts, wonende te Dordrecht, een huis op de Voorstraat in de Kannenkopersbuurt, met een tuin erachter, staande tussen het huis van Willem Gattée en dat van bakker Van Waai, alsmede een koetshuis, stal voor vijf paarden en een hooizolder in de Mariënbornstraat, staande tussen het huis van notaris Steenbergen en de Jodenkerk.
 
ORA Dordrecht inv. 1680, f. 146: op 9 mei 1805 verkoopt Abraham van Strij, wonende te Dordrecht, als procuratie hebbende van Pieter Beelaerts, heer van Blokland, wonende te Utrecht, doch op het moment van het passeren van deze procuratie verblijvende in Den Haag, volgens procuratie gepasseerd op 17 april 1805 voor notaris L. Sijthoff te Den Haag, voor 14.000 gl. aan Francois Jacob Adriaan Pit, wonende te Dordrecht, een huis, tuin, stal en koetshuis en nog een klein huis ernaast, staande in het Steegoversloot tussen de gewezen St. Jorisdoelen, thans het Vrijwillig Werkhuis, en het huis van M. Balen.
 
Kinderen:
 
a. mr. Gerard Beelaerts van Blokland, geboren Dordrecht 5 juli 1772, procureur- generaal aan Kaap de Goede Hoop (1802), lid van de Tweede Kamer (1823), minister van Financiën (1837-1840), overleden ‘s-Gravenhage 25 febr. 1844
 
 
Gerard Beelaerts van Blokland
 
 
 
Noten
 
(1) Nakomelingen:
 
I. mr. Mattheus Christiaan Hendrik ridder Pauw van Wieldrecht, heer van Wieldrecht (1816-1895), in 1847 opgenomen in de Nederlandse adel.
 
II. Maarten Iman ridder Pauw van Wieldrecht, heer van Wieldrecht en Darthuizen (1860-1913)
 
 
Maarten Iman Pauw
 
III. mr. Reinier ridder Pauw van Wieldrecht, heer van Wieldrecht en Darthuizen (1893-1939)
 
IV. jkvr. Emilie Pauw van Wieldrecht (1920-2018), trouwde dr. Emile Gerbrand Elias, zij was de laatste telg van de adellijke tak
 
 

Emilie Pauw van Wieldrecht, tweede van links, op de omslag van het boek van Agnies Pauw van Wieldrecht, haar zuster