I. Jaques (Jacob) Taijller Teller) Jansz., geboren ca. 1585, van Middelburg wonende te Breda (1621), vestigt zich ca. 1625 in Dordrecht, komende uit Breda, goudsmid en zilversmid, overleden 1639, trouwde NG Dordrecht 19 sept./10 okt. 1621 (procl. te Breda) Elisabeth Gommer Fransdr. van den Driesche, gedoopt NG Dordrecht okt. 1595, van Dordrecht wonende in de Doelstraat (1621), dochter van Gommer Fransz. van den Dries en Geertruij (Levijnken bij de doop) Jansdr. de Bruijn
ONA Dordrecht inv. 55, f. 526: op 4 sept. 1626 verklaren Maillaert van Belle hoedenmaker en Jaques Tailler goudsmid op verzoek van de uitgeweken burgers van Breda te Rotterdam, dat zij met het overgaan van Breda [naar Spaanse zijde] vandaar zijn komen wonende in Dordrecht en dat zij “beneffens andere vvtgewekene borgeren … [van] Breda de welkcke … [in Dordrecht] in groote getale zijn woonachtich … binnen derselver stede [van Dordrecht] vrij ende exempt zijn van alle borgeren wachten ende tochten [en parades]”.
ONA Dordrecht inv. 34, f. 172: op 10 juli 1631 verklaren Margariet van den Brand, weduwe van Lucas Pietersz. van der Wiel, 44 jaar oud, Willem van Dalen, 25 jaar oud en Frans Lucasz. van der Wiel, 18 jaar oud, allen wonende in Dordrecht, op verzoek Jacob Tailler, als man van Elijsabeth Gommersdr., en Ot Jansz. van Asperen, als man van Fransken Gommersdr., dat zij op de voorgaande biddag de vrouw van Gommer Fransz. tegen haar man hebben horen zeggen, “dat hij was een dieff ende schelm, ende met noch andere scheltwoorden gebruijckenden, sonder dat [hij] … haer daer toe eenige oorsake was gevende”. Zij verklaren voorts, dat de vrouw van Gommer Fransz. “haer ongerustelijck met [haar man] .. huijshoudende is” en dat zij vele malen gezien en gehoord hebben, dat zij haar man “heeft gescholden ende qualijck bejegent”.
ONA Dordrecht inv. 59, f. 478v: op 9 juni 1637 bevestigenJaques Tailler Jansz., goudsmid, en zijn vrouw Elisabeth Gommersdr. van den Driesch, burgers van Dordrecht, het testament, dat zij op 14 okt. 1622 gepasseerd hebben ten overstaan van notaris Melis Jan Melisz. te Breda. Zij benoemen tot voogden over hun minderjarige erfgenamen de langstlevende van hen beiden, alsmede Otto Jansz. van Asperen, hun zwager, en Samuel Marcelisz. Berckebosch, hun goede bekende.
ONA Dordrecht inv. 59, f. 480: op 9 juni 1637 testeert Gommer Fransz. van den Driessche, glasmaker en burger van Dordrecht. hij benoemt tot erfgenamen zijn dochters Elijsabeth en Fransina Gommersdrs. en de weeskinderen van zijn dochter Berbera Gommersdr., die in het weeshuis te Leiden onderhouden worden. Tot voogden over zijn minderjarige erfgenamen benoemt hij zijn schoonzoons Jaques Tailler en Otto Jansz. van Asperen.
ONA Dordrecht inv. 59, f. 580: op 25 nov. 1637 comp. Jaques Tailler, goudsmid en burger van Dordrecht, als bloedvoogd van Jan Tailler Roelandsz., zoon en enige erfgenaam van zijn broer Roelant Tailler, die in 1632 als opperkoopman uit Zeeland is vertrokken met het schip “Middelburg” naar Oost-Indië en daar is overleden, en nog als oom en bloedvoogd van Jan Aernoutsz., die met hetzelfde schip in 1632 naar Oost-Indië is gevaren, inmiddels met het schip “Leeuwarden” is teruggekeerd en thans in Enkhuizen verblijft. De comparant verleent aan Laurens van Middelhoven procuratie om te vorderen van de bewindhebbers van de VOC (kamer Amsterdam) hetgeen zijn pupillen tegoed hebben aan verdiende maandgelden.
Kinderen:
a. Susanna, gedoopt NG Dordrecht mrt. 1626
b. Johannes (Jan) Teller, gedoopt NG Dordrecht febr. 1628, volgt II
c. Elisabeth, gedoopt NG Dordrecht mrt. 1631
d. Roelandt Telders, gedoopt NG Dordrecht april 1633, jongman van Dordrecht wonende in de Kolfstraat (1674), twijnder, trouwde NG Dordrecht 11 febr./4 mrt. 1674 Passchijna van Standonck, jonge dochter van Dordrecht wonende voor het Bagijnhof (1674)
II. Johannes (Jan Teller), gedoopt NG Dordrecht febr. 1628, jongman van Dordrecht wonende in de Kolfstraat (1651), zilversmid, overleden 1667, trouwde NG Dordrecht/Papendrecht 15/29 okt. 1651 Grietge Jans, jonge dochter van Rotterdam wonende in het Steegoversloot (1651)
Kinderen (allen NG gedoopt in Dordrecht):
a. Elisabeth, 4 sept. 1652
b. Janette, 13 mrt. 1654
c. Jaques (Jacobus) Telder(s), 29 juni 1657, volgt III
d. Thomas, 28 nov. 1659
e. Maerten Telder, 9 febr. 1663, korenmeter
ORA Dordrecht inv. 1643, f. 50: op 10 okt. 1709 verkoopt Jan Jansz. van der Wiel, burger van Dordrecht, voor 350 gl. aan Maarten Telder, korenmeter en burger van Dordrecht, een huis voor het Bagijnhof, staande tussen de stadsgracht en het huis van Jan Joosten Gelebbick, korenmeter en burger van Dordrecht.
ORA Dordrecht inv. 1644A, f. 84v: op 15 nov. 1712 verkoopt Maarten Telder, korenmeter en burger van Dordrecht, voor 300 gl. aan Jan Joosten van Glebbick, korenmeter en burger van Dordrecht, een huis op het Bagijnhof, staande tussen de brug en het huis van de koper.
f. Fransois, 13 april 1665
III. Jaques (Jacobus) Telder(s), gedoopt NG Dordrecht 29 juni 1657, jongman van Dordrecht wonende op de Nieuwbrug (1685), mr. kleermaker, begraven 1734, trouwde 1e NG Dordrecht 29 april/15 mei 1685 Cornelia van der Hoeve (Verhoeve), jonge dochter van Dordrecht wonende in het Steegoversloot (1685), 2e Lijsbeth Natmans
ORA Dordrecht inv. 1636, f. 174v: op 9 nov. 1698 verkopen Egbert van Wageningen en Cornelis Monsieur, burgers van Dordrecht, als voogden van Jan Stradoor, en Mourits Boucquet, chirurgijn en burger van Dordrecht, als man van Margrita Stradoor, voor 200 gl. aan Jacques Telder, mr. kleermaker en burger van Dordrecht, een huis in de Mariënbornstraat, staande tussen het huis van kapitein Adriaan Appeldoorn en dat van Hendrik van Bemmel.
ORA Dordrecht inv. 1639, f. 120v: op 2 mei 1702 verkoopt Hendrik Verhoeve, beurtschipper op Amsterdam, als procuratie hebbende van Helena Hofmans, weduwe van Jan Hendriksz. Verhoeve, burger van Dordrecht, voor 600 gl. aan Jacobus Telders, mr. kleermaker en burger van Dordrecht, en diens vrouw Lijsbet Natmans, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van ds. Johannes Debets en dat van Pieter van Venroij, op voorwaarde, dat Helena Hofmans, hun moeder resp. schoonmoeder, haar leven lang in het huisje, dat achter het voornoemde huis staat, mag blijven wonen. De kopers verklaren, dat zij het door hen gekochte huis verbinden voor een somma van 250 gl. ten behoeve van Jacobus’ zoon, door hem verwekt bij Cornelia Verhoeve.
ORA Dordrecht inv. 1642, f. 110: op 24 juli 1708 verkoopt Cornelia van Stabroeck, vrouw van Abel de Vries, eerder weduwe van Matthijs Paijan, voor 640 gl. aan Jan Telder, mr. kleermaker en burger van Dordrecht, een huis in de Gravenstraat, staande tussen het huis van de weduwe van Staas van Hoogstraten en dat van de weduwe van Jan Schul.
Kinderen:
a. Johannes (Jan) Telders, gedoopt NG Dordrecht 25 febr. 1686, volgt IV
b. Hendrik, gedoopt NG Dordrecht 14 mei 1690
IV. Johannes (Jan) Telders, gedoopt NG Dordrecht 25 febr. 1686, jongman van Dordrecht wonende in het Steegoversloot (1711), bakker, trouwde Gerecht/NG Dordrecht 26 juli/9 aug. 1711 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader, de bruid met haar moeder) Geertruij van Kranenburgh, jonge dochter van Dordrecht wonende in de Nieuwstraat (1711)
ORA Dordrecht inv. 1644A, f. 55: op 21 juli 1712 verkoopt Johan van Kleverkerke, mr. bakker, voor 1600 gl. aan Jan Telder, bakker en burger van Dordrecht, een huis in de Spuistraat tegenover de brug bij de poort, staande tussen de Vest en het huis van Leendert van der Horst.
Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):
a. Johannes Telders, 9 okt. 1713, volgt V
b. Jacobus Telders, 22 sept. 1715, broodbakker
ORA Dordrecht inv. 1660, f. 30: op 18 april 1752 verkoopt Martinus Backus, koopman te Dordrecht, voor 725 gl. aan Jacobus Telders, bakker en burger van Dordrecht, een pakhuis op de Hoge Nieuwstraat, staande tussen het pakhuis van Arent Kuijter en dat van Pieter Maascant.
ORA Dordrecht inv. 1663, f. 4v: op 5 febr. 1760 verkoopt Alida Boevink, meerderjarige ongehuwde persoon, als procuratie hebbende van Hendrik te Hoonte, wonende te Dordrecht, voor 450 gl. aan Jacobus Telders, meester-munter in de Grafelijkheidsmunt van Holland te Dordrecht, twee huizen, het ene staande op de Varkenmarkt tussen het huis van Geurt van Caam en het pakhuis van Cornelis Kool en het andere op de Hoge Nieuwstraat tussen het huis van Johan van Linden van Slingeland en het pakhuis van Christiaan Crilijn.
ORA Dordrecht inv. 1663, f. 30v: op 20 mei 1760 verkoopt Jacobus Telders, burger van Dordrecht, voor 350 gl. aan Anthonij Mastenbroek, stuurman op de Rijn, een huis op de Hoge Nieuwstraat, staande tussen het huis van Adriaan Mels en het pakhuis van Christiaan Kireleijn.
ORA Dordrecht inv. 1664, f. 110v: op 15 mei 1764 verkoopt Jacobus Telders, broodbakker te Dordrecht, voor 450 gl. aan Joost Hendrik Oosthoff, suikerraffinadeursknecht te Dordrecht, een huis op de Varkenmarkt, staande tussen het pakhuis van Hendrik Walpot en het huis van [NN] van Kaam.
ORA Dordrecht inv. 1667, f. 143: op 25 febr. 1773 verkoopt Judith ten Hoven, gesepareerde vrouw van Obbe Meindertsz. de Heer, wonende te Dordrecht, voor 1030 gl. aan Jacobus Telders, burger van Dordrecht, een huis op de Hoge Nieuwstraat, uitkomende op de Nieuwe Haven en staande tussen het huis van de weduwe De Mist en dat van de weduwe Batenburg.
ORA Dordrecht inv. 1667, f. 166: op 6 mei 1773 verkoopt Jacobus Telders, broodbakker te Dordrecht, voor 2000 gl. aan Johannes Telders Johannesz., broodbakker, een huis op de Dwarskade [Vlak] bij de Roobrug, staande tussen het huis van Cornelis Logger en dat van Hendrik van der Sanden.
c. Cornelia, 6 okt. 1717
d. Maria, 29 nov. 1719
V. Johannes Telders, gedoopt NG Dordrecht 9 okt. 1713, jongman van Dordrecht wonende bij de Spuipoort (1742), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 8/23 dec. 1742 (de bruidegom geassisteerd met zijn moeder Geertruijd van Kranenborgh, weduwe van Johannes Telders, de bruid met haar [stief]moeder Elizabeth Paauw, de vrouw van Jacob Logger en met consent van haar vader) Cornelia Logger, gedoopt NG Dordrecht 20 jan. 1718, jonge dochter van Dordrecht wonende buiten de Sluispoort (1742), dochter van Jacob Logger en Theuntie van IJperen
ORA Dordrecht inv. 1664, f. 112V: op 17 mei 1764 verkoopt Geertruij van Cranenburg, weduwe van Johannes Telders, wonende te Dordrecht, voor 1500 gl. aan Cornelia Loggers, weduwe van Johannes Telders, wonende te Dordrecht, een huis met drie huisjes erachter, “zijnde een Block”, staande omtrent de Spuipoort tussen het huis van Dirk van der Horst en de stadsvest, op voorwaarde, dat de verkoopster haar leven lang de huur van de drie huisjes zal ontvangen.
ORA Dordrecht inv. 1667, f. 164: op 4 mei 1773 verkoopt Cornelia Logger, weduwe van Johannis Telders, wonende te Dordrecht, voor 4000 gl. aan Jurrianus van Driel, broodbakker te Dordrecht, een huis met drie woninkjes erachter, staande aan de Spuipoort tussen de stadsvest en het huis van de weduwe van Dirk van der Horst. De koper is schuldig aan de verkoopster een bedrag van 1600 gl.
Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):
a. Johannes Telders, 16 okt. 1743, volgt VI
b. Antonia, 28 april 1745
c. Jacobus, 1 sept. 1749
d. Geertruij, 17 mei 1758
VI. Johannes Telders, gedoopt NG Dordrecht 16 okt. 1743, jongman geboren te Dordrecht wonende op het Vlak of Taankade (1773), broodbakker, trouwde Gerecht/NG Dordrecht 4/20 juni 1773 (de bruidegom heeft schriftelijk consent van zijn moeder Cornelia Logger, weduwe van Johannes Telders, de bruid geassisteerd met haar vader Hendrik Korthals) Maria Korthals, jonge dochter geboren te Dordrecht wonende aan het Groothoofd (1773)
ORA Dordrecht inv. 1665, f. 115v: op 1 okt. 1767 verkoopt Cornelis van der Werf Jansz., wonende te Dordrecht, voor 1200 gl. aan Johannes Telders Jansz., wonende te Dordrecht, een huis in de Lombardstraat, staande tussen de Oude Breestraat en Abel Everaars.
ORA Dordrecht inv. 1665, f. 116: op 1 okt. 1767 verkoopt Johannes Telders Jansz., minderjarige jongman, geassisteerd met zijn moeder Cornelia Logger, weduwe van Johannes Telders, voor 950 gl. [sic] aan Geertruij Pruijsers, weduwe van Nicolaas Mol, wonende te Dordrecht, een huis in de Lombardstraat, staande tussen de Oude Breestraat en het huis van Abel Everaars.
ORA Dordrecht inv. 1667, f. 166: op 6 mei 1773 verkoopt Jacobus Telders, broodbakker te Dordrecht, voor 2000 gl. aan Johannes Telders Johannesz., broodbakker, een huis op de Dwarskade [Vlak] bij de Roobrug, staande tussen het huis van Cornelis Logger en dat van Hendrik van der Sanden.
Kinderen:
a. Johannes Telders, gedoopt NG Dordrecht 7 jan. 1774, volgt VII
b. Hendrik Jacobus Telders, gedoopt NG Dordrecht 8 jan. 1777, jongman van Dordrecht wonende op de Haven te Leiden (1806), weduwnaar wonende te Leiden (1810), zeemtouwer te Leiden (1806), kalkbrander te Leiderdorp, overleden Breda 8 jan. 1869 (Veemarktstraat D:147), trouwde Leiden (schepenhuwelijk) 2/19 okt. 1806 (de bruidegom geassisteerd met zijn goede bekende Jacob ’t Hooft Jacobsz., de bruid met haar vader Jacobus Lotte, de bruidegom heeft consent van zijn moeder aangebracht) Elisabeth Jacobina Lotte, jonge dochter van Leiden wonende op de Breestraat (1806), begraven Leiden 4 okt. 1808, 2e Leiden (schepenhuwelijk) 15 febr. 1810 (ondertrouw, attestatie gegeven om te Hardinxveld te trouwen op 2 mrt. 1810, Jacobus Lotte heeft van wege de bruidegom de attestatie overlegd) Adriana Goudriaan, jonge dochter geboren en wonende te Hardinxveld (1810), overleden Zoeterwoude 10 mrt. 1853 (huis nr. 506), dochter van Arie Goudriaan en Diederika van Houweningen.

Hendrik Jacobus Telders (foto: Wikipedia)
Zoon:
b-1. Jan Hendrik (Jean Henri) Telders, geboren Leiden 3 juli 1807, auditeur-militair te ‘s-Hertogenbosch, advocaat, president van het Hoog Militair Gerechtshof te Utrecht, overleden Badenweiler, Freiburg (Dld.) 15 aug. 1878, trouwde 1e 16 juli 1832 Geertruida Wilhelmina Hendrika Margaretha de Waal, gedoopt NG Dordrecht 8 april 1806, overleden 1836 (zie VIIb)

Jan Hendrik Telders
VII. Johannes Telders, gedoopt NG Dordrecht 7 jan. 1774, jongman geboren te Dordrecht wonende in de Voorstraat bij de Vriesestraat (1809), trouwde Gerecht Dordrecht 12/28 aug. 1809 (de bruidegom heeft schriftelijk consent van zijn moeder Maria Korthals) Catharina Okhuizen, gedoopt NG Moordrecht 13 febr. 1780, jonge dochter geboren te Moordrecht (1799), weduwe geboren te Moordrecht wonende in de Wijnstraat (1804), weduwe geboren te Moordrecht wonende in de Wijnstraat (1809), overleden Dordrecht 6 nov. 1832 (Wijnstraat B:62), trouwde 1e Gerecht Dordrecht 28 mrt. 1799 (volgens attestatie van ondertrouw van Moordrecht dd 28 mrt. 1799) Pieter Anthonij Knogh, 2e Gerecht Dordrecht/Hoenkoop 13/30 okt. 1804 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader Adrianus de Waal) Francois Cornelis de Waal, gedoopt NG Dordrecht 18 juli 1781, jongman van Dordrecht wonende in de Wijnstraat (1804), zoon van Adrianus de Waal en Geertruij de Mutserts, Catharina Okhuijsen was een dochter van Nicolaas Jan Okhuijsen, korenhandelaar te Moordrecht, lid en voorzitter van de Eerste Kamer der Staten Generaal en Wilhelmina Zijtregtop
Kinderen:
Ex 2:
b. Geertruida Wilhelmina Hendrika Margaretha de Waal, gedoopt NG Dordrecht 8 april 1806, overleden 1836, trouwde 16 juli 1832 Jean Henri Telders (zie VIb-1)
Ex 3:
c. Johannes Hendrik Telders, gedoopt NG Dordrecht 30 jan. 1810, koopman, overleden Dordrecht 7 sept. 1844 (Wijnstraat B:13), trouwde Haastrecht 1 juni 1833 Johanna Maria Drost
d. Nicolaas Jan Okhuijsen Telders, gedoopt NG Dordrecht 7 dec. 1811, overleden Ginneken en Bavel 14 juni 1822 (B:53)