Van Ratingen

I. Jacob Willemsz. van Ratingen, jongman uit het land van Berg wonende op de Oude Singel [in Leiden] (1635), lakendrapier, overleden in 1647, trouwde NG Leiden 10 mei 1635 (ondertrouw, de bruidegom geassisteerd met zijn meester Jan Poulsz., de bruid met haar [stief]moeder Cathalijna Pietersdr., beiden wonende op de Oude Singel) Ida Andries, geboren naar schatting ca. 1610, jonge dochter van Leiden wonende op de Oude Singel (1635), weduwe van Leiden wonende op de Wolwevershaven (1649), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 13 april 1669 (een baar voor de weduwe van Wolfert Hotmaer, drapenier, op de Wolwevershaven), dochter van Andries Marcusz. voller en Grietgen Joachimsdr. van Outeren, trouwde 2e NG Dordrecht 4/20 april 1649 Wolphert Hopmans (Hopmaer), jongman uit de Opper-Palts wonende aan de Vriesepoort (1649), lakenwerker

NB: hij kan geen zoon zijn van Willem Jansz. van Ratingen alias Wolffraet en diens vrouw Jacomijntgen Theunisdr., aangezien die Willem in hun testament van 13 aug. 1641 (ONA Dordrecht inv. 67, f. 423) slechts tot zijn erfgenamen benoemt zijn voordochter Jenneken, zijn nadochters Sophia, Adriaena, Marie en Marguarita en zijn vrouw Jacomijntgen Theunisdr., elk voor een zesde deel. Er is in dat testament dus geen sprake van een zoon, genaamd Jacob.

Weeskamer Dordrecht inv. 21, f. 32: op 3 dec. 1647 comp. Ida Andries, die verklaart, dat haar man Jacob Willemsz. van Raeting, lakendrappier te Dordrecht, is overleden en heeft nagelaten vijf kindere, m.n. Catharijntgen, ongeveer 11 jaar, Grietien, 8 jaar, Abraham, 6 jaar, Lydia, 4 jaar en Jacobmijntgen, 1 jaar oud, “zeggende niet wel te weten off zij noch niet zwanger was gaande”. Zij belooft haar kinderen te onderhouden tot zij gaan trouwen of tot hun mondigheid en hun dan onder hen allen een bedrag van 1000 gl. zal uitkeren. Doch indien haar kinderen voor hun mondigheid of huwelijk komen te overlijden, zal zij hun erfgenamen ab intestato een bedrag van 200 gl. uitreiken.

ORA Dordrecht inv. 1612, f. 74: op 19 jan. 1648 verkoopt Cornelis van de Sanden, thesaurier van Dordrecht, als gemachtigde van de burgemeester en “gecommitteerde ten beleijde” van Dordrecht, aan Ida Andries, weduwe van Jacob Willemsz. van Ratingen, een erf op de Wolwevershaven, zijnde het vijfde erf vanaf het West-Indisch Huis, liggende tussen het erf van Jan de Bruijn en dat van Aert Gerritsz. van Nort metselaar, welk erf de koopster heeft laten “betimmeren”. De koopster is schuldig aan Neeltgen Corstiaensdr., weduwe van Jacob Dircxsz. Stoop timmerman, schuldig een somma van 900 gl. wegens de “betimmering” van het voornoemde erf.

ONA Dordrecht inv. 62, f. 752: op 30 mrt. 1649 verklaart Ida Andries., weduwe van Jacob Willemsz. van Ratingh, lakendrappier en burger van Dordrecht, dat zij op 3 dec. 1647 haar vijf minderjarige kinderen, bij haar verwekt door haar voornoemde echtgenoot, boven de alimentatie, die zij haar kinderen gehouden was te geven, bewezen heeft onder hen allen een somma van 1000 gl., uit te keren wanneer zij mondig worden of gaan trouwen. Zij verklaart nu, geassisteerd door Wolphert Hopmans, jongman uit de Opper-Palts, met wie zij gaat trouwen, dat zij dat bedrag wil vermeerderen met een somma van 200 gl. Voorwaarde daarbij is, dat die uitkering zal ophouden, wanneer haar kinderen komen te overlijden.

Kinderen (o.a):

a. Catharijntgen, geboren ca. 1635

b. Grietgen, gedoopt NG Leiden 23 april 1636 (getuigen: Andries Marcus, Jan Rammekens, Catalina Pieters. Isabella Krekers), jong overleden

c. Grietgen, gedoopt NG Leiden 18 aug. 1639 (getuigen: Andries Marcus, Jan de Braem, Isabel Jochums, Susanna Servaes)

d. Abraham van Ratingen, geboren ca. 1641, volgt II

e. Lydia, gedoopt NG Leiden 14 april 1644 (getuige: Andries Marcus)

f. Jacobmijntgen van Ratingen, geboren ca. 1646, jonge dochter van Dordrecht wonende op de Nieuwe Haven (1667), trouwde NG Dordrecht/Dubbeldam 4/28 dec. 1667 Mathijs Becké, jongman van Middelburg wonende op de Nieuwe Haven (1667), lakenwerker

II. Abraham van Ratingen, geboren ca. 1641, jongman van Leiden wonende op de Hoge Nieuwstraat (1672), drappier, trouwde NG Dordrecht 15/29 mei 1672 Elsje Courmans (Koreman), jonge dochter van Dordrecht wonende in de Vriesestraat (1672)

ORA Dordrecht inv. 1626, f. 69v: op 8 jan. 1678 verkopen “Jan Pluijm, meester huijstimmerman en(de) Borger alhier ter Stede in echte hebbende Janneke Eswijlders, en(de) Elijsabeth Eswijlders wed. van Philip van Aken, t samen kindren en(de) Erffgenamen van Jan Eswijlder”, voor 1500 gl. aan Abraham van Ratingh, drappier en burger van Dordrecht, een huis op de Drappierskade [Wolwevershaven], staande tussen het huis van Philips opde Beeck en dat van Wijnant Pelser.

ORA Dordrecht inv. 1627, f. 65v: op 18 okt. 1679 verkoopt Catharina de Champs, de vrouw van Glaudij de le Che, als legataris van Anna Libert, weduwe van Lambert Lambinon, voor 300 gl. aan Abraham van Ratingh, drappier en burger van Dordrecht, een huis op de Hoge Nieuwstraat, staande tussen het huis van Hendrick Stevens en dat van Gerrit Crina.

ORA Dordrecht inv. 1631, f. 68: op 6 dec. 1687 verkoopt Baertruijt Theunis, vrouw van Leendert Pendrecht, als procuratie hebbende van haar man, voor 1000 gl. aan Abraham van Ratingen, wolwever en burger van Dordrecht, een huis op de Riedijk, staande tussen het huis van IJsaack de Coninck en dat van Govert van der Burgh.

ORA Dordrecht inv. 1641, f. 7: op 17 febr. 1705 verkoopt Elsie Koreman, weduwe van Abraham van Ratingen, voor 200 gl. aan Matthijs du Saer, koopman en brouwer te Dordrecht, een huis in de Hoge Nieuwstraat, staande tussen de brouwerij en het huis van de koper aan weerszijden.

ORA Dordrecht inv. 1641, f. 131v: op 24 juli 1706 verkoopt Daniël de Meij, winkelier en burger van Dordrecht, voor 430 gl. aan Elsken Koremans, weduwe van Abraham van Rating, een huis achter in de Mariënbornstraat over de tweede of laatste brug, staande tussen het huis van Jan Franken en dat van de kinderen en erfgenamen van Leendert Schift.

ORA Dordrecht inv. 1646, f. 30v: op 16 mei 1715 verkopen “Albertus van Nievelt Notaris en procureur binnen dese Stad als Last en procuratie hebbende van Martinus Koremans wonende in S’Hage volgens deselve procuratie daer van sijnde gepasseert voorden Notaris Ferdinant Fabrie en sekere getuijgen in S’Hage residerende in dato den 14 Meij 1715 ons Schepenen vertoont, ende Johannes Eijnsbergen borger deser Stede in huwelijck hebbende Neske Koremans te samen kinderen en Erfgenamen van wijlen Krijn Koremans in sijn leven borger” van Dordrecht, voor 310 gl. aan Elsje Koremans, weduwe van Abraham van Ratingen, een huis op de Vest aan de Vriesepoort, bewoond door Frans van der Elst, van achteren strekkende tot aan het huisje van [NN] Romijn, alsmede voor 350 gl. een huis op de Vest aan de Vriesepoort, bewoond door Johannes van Hensbergen, staande naast huis van de verkopers, van achteren strekkende tot aan het Leprooshuis.

ORA Dordrecht inv. 1648, f. 12v: op 26 febr. 1718 verkoopt Elsje Koreman, weduwe van Abraham van Ratingen, voor 200 gl. aan Matthijs Toussijn, koopman te Dordrecht, een huis op de Vest omtrent de Vriesepoort, staande tussen het huis van de verkoopster en dat van Adriaan Romijn mr. timmerman.

ORA Dordrecht inv. 1649, f. 115v: op 25 sept. 1721 verkopen ” Marcelis de Raat, mr. Backer als in huwelijk hebbende Berbera Gijbels, Adriaan Gijbels ende Geertruij Gijbels haar sterk makende ende de rato caverende voor Johannes Gijbels kinderen en Erffgenamen van wijlen Hendrik Gijbels”, voor 300 gl. aan Elsje Koremans, weduwe van Abraham van Rating, een huis in de Kromme Elleboog, staande tussen het huis van Jacob Francijn en dat van Jacob [NN].

ORA Dordrecht inv. 1649, f. 136: op 29 jan. 1722 verkopen “Jacob van Ratinge, Frans vander Elst, in Huwelijk hebbende IJda van Ratinge, Item Frans van der Lis, getrout hebbende Lidia van Ratinge ende Lena van Ratinge, mitsgrs. nog den voorn: Frans vander Lis, en Jacobus vander Elst, in qualitijt als testamentarie voogden over de naargelatene kinderen van Angenietje van Ratinge aan haar verweckt door Jan van Groenewegen, alsmede over de naargelatene kinderen van Jacoba van Ratinge aan haar geprocreeert door Adriaan vander Ent, alle kinderen, kintskinderen ende Erffgenamen van wijlen Elsje Kooremans, in haar leven wed. van Abraham van Ratinge”, voor 2200 gl. aan Matthijs du Saar, brouwer en koopman te Dordrecht, een huis op de Wolwevershaven, staande tussen het huis van Jan de Rooij en dat van Nicolaas Cool.

ORA Dordrecht inv. 1649, f. 151v: op 30 april 1722 verkopen “Jacob van Ratingen, Item Frans vander Lis getrouwt hebbende Lidia van Ratingen en Lena van Ratingen mitsgrs. nog d’voorm. Frans van(der) Lis en Jacobus vander Elst in qt. als testamentaire voogden over de nagelate kinderen van Agnita van Ratingen aan haar verwekt door Jan van Groenewegen als mede over de nagelate kinderen van Jacoba van Ratingen aan haar geprocreert door Adriaan van(der) Ent haar luijden sterkmakende en rato Caverende, voor Frans van(der) Elst in Huwelijck hebbende Yda van Ratingen sijnde op dit moment derselve Frans van(der) Elst mede gecompareert, alle kinderen kintskinderen en Erfgenamen van wijle Elsie Kooremans, in haar leven wed.e Abraham van Ratingen”, voor 130 gl. aan Johannes Damasse, metselaar en burger van Dordrecht, een huis in de Stoofstraat, bewoond door Antonij Haver, staande tussen het huis van Hermanus van Klooveren en dat van Herman Boon.

Kinderen (o.a.; allen NG gedoopt in Dordrecht):

a. Angenietje (Agnita) van Ratingen, 29 mei 1673, jonge dochter van Dordrecht (1694), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 18 april/2 mei 1694 (de bruidegom geassisteerd met zijn neef Jan Willem Overassel, de bruid met haar moeder Elsie Coremans, de vrouw van Abraham van Ratingen) Jan Groenewegen, jongman van de Klundert (1694)

Kinderen:

a-1. Heijltje, gedoopt NG Dordrecht 9 mei 1698

a-2. Yda, gedoopt NG Dordrecht 16 mei 1700

a-3. Gerrit, gedoopt NG Dordrecht 24 dec. 1702

a-4. Abraham, gedoopt NG Dordrecht 18 mrt. 1705

b. Ida van Ratingen, 28 aug. 1678, jonge dochter van Dordrecht wonende op de Wolwevershaven (1702), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 21 mei/4 juni 1702 (de bruidegom geassisteerd met zijn vader Abraham Fransz. van der Elst, de bruid met haar moeder Elsien Coremans) Frans van der Elst, jongman van Dordrecht wonende op de Hoge Nieuwstraat (1702)

Kinderen (o.a.; allen NG gedoopt in Dordrecht):

b-1. Elsje, 3 okt. 1703

b-2. Lijdia, 2 febr. 1705

b-3. Abraham, 20 dec. 1706

b-4. Jacob, 31 dec. 1710

b-5. Catrijna, 18 okt. 1713

c. Catarina, 12 jan. 1681

d. Jacoba van Ratingen, 16 mrt. 1686, jonge dochter van Dordrecht wonende bij de Visbrug (1712), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 22 mei/5 juni 1712 (de bruidegom geassisteerd met zijn broer Jan van der Ent, de bruid heeft mondeling consent van haar moeder) Adriaan van der Ent, jongman van Dordrecht wonende bij de Beurs (1712)

Kinderen (o.a.):

d-1. Elsje, gedoopt NG Dordrecht 16 jan. 1715

d-2. Machtelt, gedoopt NG Dordrecht 11 jan. 1718

e. Lijdia van Ratingen, 6 dec. 1687, jonge dochter van Dordrecht wonende op de Visbrug (1712), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 17 okt. 1733 (Lidia van Rating, de vrouw van Frans van der Lis, op de Visbrug, laat kinderen na), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 9/23 okt. 1712 (de bruidegom geassisteerd met zijn moeder, de bruid met haar moeder) Frans van der Lis, jongman van Dordrecht wonende in de Gravenstraat (1712)

Kinderen (o.a.; allen NG gedoopt in Dordrecht):

e-1. Maria, 18 febr. 1716

e-2. Francoijs, 5 dec. 1719

e-3. Elselina, 28 mei 1724

e-4. Abraham, 25 aug. 1726

e-5. Aplonia, 17 mei 1729

f. Lena (Helena) van Ratinge, 27 aug. 1689, jonge dochter van Dordrecht wonende op de Visbrug (1737), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 23 aug. 1766 (Helena van Ratingh, weduwe Jacobus van der Elst, in de Wijnstraat bij het Groothoofd, laat geen kinderen na, twee koetsen extra), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 3/18 aug. 1737 Jacobus van der Elst, weduwnaar van Dordrecht wonende op de Hoge Nieuwstraat (1737)

ORA Dordrecht inv. 1650, f. 182v: op 4 sept. 1725 verkoopt Lena van Ratinge, dochter en mede-erfgename van Elsie Karreman, weduwe van Abraham van Ratingen, voor 125 gl. aan Lijsbeth Zaijers, wonende in de Kromme Elleboog, een huis in de Kromme Elleboog, staande naast het huis van Jacob Fracquin.

ORA Dordrecht inv. 1651, f. 258v: op 15 okt. 1729 verkoopt Lena van Ratingh, meerderjarige ongehuwde persoon, voor 370 gl. aan Hendrik Scholting, mr. smid en burger van Dordrecht, een huis op de Vest omtrent de Vriesepoort, staande tussen het huis van de koper en dat van Matthijs Toussaint.

ORA Dordrecht inv. 1657, f. 24: op 12 mei 1744 verkoopt Helena van Ratinge, weduwe van Jacobus van der Elst, wonende te Dordrecht, voor 800 gl. aan Adriaan Mels, koopman te Dordrecht, een huis op de Hoge Nieuwstraat, staande naast brouwerij “’t Lam”, en voor 150 gl. aan Jacobus van der Elst, burger van Dordrecht, een huis in de Nieuwstraat, staande tussen het huis van Jacobus de Bruijn en dat van de erfgenamen van [NN] Kurff.

g. Jacob van Ratingen, 11 febr. 1691, volgt III

III. Jacob van Ratingen, gedoopt NG Dordrecht 11 febr. 1691, jongman van Dordrecht wonende bij de Beurs (1712), weduwnaar van Dordrecht wonende bij het Steegoversloot (1727), winkelier, kruidenier, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 4 mei 1775 (Jacob van Ratingh, met de gewone koetsen, laat kinderen na, op de Voorstraat, ’s middags een uur luiden door de schutters), trouwde 1e Gerecht/NG Dordrecht 6/20 mrt. 1712 (de bruidegom geassisteerd met zijn moeder, de bruid met haar moeder) Elisabeth Verloove, jonge dochter van Dordrecht wonende bij de Beurs (1712), 2e Gerecht/NG Dordrecht 29 mrt./15 april 1727 (de bruid met schriftelijke toestemming van haar voogd Jacob Latoer) Anna ’t Hooft, jonge dochter van Dordrecht wonende in de Munt (1727), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 26 april 1792 (Johanna ’t Hooft, weduwe van Jacob van Rating, naast de Torenstraat, laat kinderen na, met de gewone koetsen)

ORA Dordrecht inv. 1649, f. 183v: op 8 dec. 1722 verkoopt “Corn. Leest als bij de Magistraat der Stede en Lande van Niervaart nevens Jacob van Ratingh aangestelde Curateuren in den Boedel van Jan Groenewegen in sijn leven gewoont hebbende in d’Klundert,” voor 750 gl. aan Jacob van Ratingh een huis in de Voorstraat omtrent de Munt, staande tussen het huis van juffrouw Oulrij en dat van [NN] Bluse.

ORA Dordrecht inv. 1650, f. 75: opp 14 dec. 1723 verkoopt Pieter Blusee, burger van Dordrecht, als man van Elisabeth van Hattem, dochter en erfgename van Rudolph van Hattem, loodgieter te Dordrecht, voor 450 gl. aan Jacob van Ratingen, winkelier en burger van Dordrecht, een huis in de Voorstraat, staande tussen et huis van de koper en dat van Cristoffel van der Heijden.

ORA Dordrecht inv. 1658, f. 69v: op 12 dec. 1748 verkoopt Jacob van Rating, burger van Dordrecht, voor 3200 gl. aan Johan Baalen, makelaar ter beurze te Dordrecht, een huis met een deel van een ernaast staand huis, staande op de Voorstraat aan de havenzijde schuin tegenover de Munt, strekkende van achteren tegen het huis van Jan van der Haar aan de ene en het huis van Cornelis van Nispen aan de andere zijde.

ORA Dordrecht inv. 1668, f. 158v: op 29 juni 1775 verkoopt Jacob van der Elst, koopman en suikerraffinadeur te Dordrecht, als procuratie hebbende van Anna ’t Hooft, weduwe van Jacob van Rating, wonende te Dordrecht, voor 800 gl. aan Willem van Helden, twijnhandelaar te Dordrecht, een huis in de Voorstraat tegenover het Steegoversloot, staande tussen het huis van Johan Baalen en dat van de weduwe van Jan van der Haar.

Kinderen (o.a.):

a. Abraham Henrik, gedoopt NG Dordrecht 6 okt. 1735, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 3 juni 1773 (Abraham van Ratingh, op de Voorstraat tegenover het Steegoversloot, ongehuwd, met de gewone koetsen)

b. Elisabeth van Rating gedoopt NG Dordrecht 11 aug. 1743, jonge dochter geboren te Dordrecht wonende te Bleiswijk (1765), trouwde Gerecht/NG Dordrecht 6 april 1765 (ondertrouw, volgens attestatie van ondertrouw te Bleiswijk dd 5 april 1765) Paulus Fatsoen, jongman geboren te Zevenhuizen (1765), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 25 jan. 1771 (Paulus Fatsoen, op de Groenmarkt, laat geen kinderen na, met de gewone koetsen)

ORA Dordrecht inv. 1666, f. 258v: op 25 juli 1771 verkoopt Elizabet van Rating, weduwe van Paulus Fatsoen, voor 2525 gl. aan Helmert Bakker, wonende te Dordrecht, een huis in de Wijnstraat, staande tussen het huis van Adriaan Meulemans en dat van Hendrik van Ardenne, genaamd “den Rose Krans”.

Kind:

b-1. Anna Maria, gedoopt NG Dordrecht 30 juli 1766, jong overleden